zaterdag, september 20, 2008

Groen! heeft een idee

Groen! had deze week uit monde van voorzitster Mieke Vogels nog maar eens een idee. Nu, ik weet niet hoe u over Groen! denk, maar ik vind dat die partij nodig is. Allez, toch om de druk in de milieukwesties hoog te houden en dat politiek te verwoorden. En ja, ook op gebied van socialisme, gelijke kansen en armoedebestrijding heeft Groen! haar linkse rolletje te spelen. Maar wanneer Groen! ideeën begint te spuien op andere gebieden, dan hou ik altijd mijn hart vast voor wat ze nu weer gaan uitkramen. En ja hoor, toen ik hoorde over de “onthaastte schooldag” was het weer van dat. Mieke Vogels kon het mooi uitleggen met “één derde tijd voor het hoofd, één derde tijd voor de handen en één derde tijd voor het hart.” Blij om te merken dat de geest van pater Versteylen nog steeds rond dwarrelde in de oneliners van Groen! Het werd wel grappig toen Mieke Vogels niet meer goed wist wat haar idee inhield, want ze sprak meerdere malen over het feit dat de kinderen tot 17, euh, euh, 18 uur op school moesten blijven en dat de ouders hun kinderen konden ophalen om 19 uur, euh, tussen 19 uur en, euh, 18 uur.

Maar soit, het voorstel dan. Groen! wil kinderen van de lagere school een schooldag presenteren van 8 uur ’s morgens tot 18 uur ’s avonds. Niet alleen om te leren. Neen, er moet ook voldoende ruimte zijn voor beweging, recreatie en activiteiten als muziekschool en dergelijke. En om 18 uur kunnen de ouders hun blije kroost dan gaan afhalen en samen nog leuke familiemomenten beleven. Zeg nu zelf, klinkt dat niet goed. Hola, hola, hoor ik de leerkrachten dan zeggen. En wij dan? Zelfs daar heeft Groen! aan gedacht. We voeren gewoon een ploegensysteem in. De ene leerkracht staat van 8 uur tot 15 uur in de klas en de andere van 13 uur tot 18 uur. (Wetende dat Mieke Vogels dus duidelijk problemen heeft met uren na 12 uur, denk ik dat dit dus een ploeg van 8 uur tot 13 uur en van 13 uur tot 18 uur moet zijn) Ouders content. Leerkrachten content. Kinderen … euh … content? Je zal maar een kind zijn dat niet graag naar school gaat. Moet je nog eens 10 uur op school doorbrengen! Ook al zijn er uitgebreide speelmomenten, je zit toch 10 uur tussen de schoolmuren gevangen. Er bestaan mooiere vooruitzichten.

De meeste vragen die ik mij bij het voorstel stel, zijn toch van organisatorisch aard. Men wil een deel van de naschoolse activiteiten onderbrengen tijdens de lesuren. Mieke Vogels haalde het voorbeeld aan van kinderen die na school nog naar de judoles, muziekschool, balletles, e.d. gingen. Nu zou men die activiteiten in de onthaastte schooldag van 10 uur willen onderbrengen. Goed, maar hoe gaat men dit doen? Moet elke lagere school nu ruimtes voorzien voor de judoles, muziekschool, balletles? En waar vind men al die geschikte begeleiders daarvoor wanneer elke school dit moet organiseren? Je kan toch moeilijk verwachten van een lerares dat ze naast haar takenpakket ook nog eens moet weten hoe je judo, ballet, toneel, … moet geven. Je zal maar een kleine basisschool zijn als je dat allemaal moet voorzien. Een oplossing zou kunnen zijn om samen te werken met verschillende scholen. Maar het voorstel wordt gedaan om te vermijden dat kinderen van hier naar daar worden gesleurd. Wanneer je moet samenwerken met verschillende scholen, dan blijf je toch met dat probleem zitten. Daarenboven vrees ik dat de kinderen dan meer op de schoolbus dreigen te zitten dan echt te kunnen genieten van hun ballet- of judoles. Dan nog maar te zwijgen over het feit dat het ene kind ballet wilt doen, het andere toneel en nog een ander muziekschool, waardoor je dus met 1 schoolbus niet toekomt.

Bovendien is het ook niet echt duidelijk of de school dat keuze-aanbod elke dag moet voorschotelen of slecht bijvoorbeeld 1 dag op een week. Het wordt mij wel heel ingewikkeld als men dat alle dagen moet organiseren. Aan de andere kant, als men het maar 1 dag op de week doet, wat gaat men dan al die andere dagen doen tussen 8 en 18 uur? Of men kan natuurlijk op maandag ballet organiseren, op dinsdag judo, en zo verder. Maar wordt een kind dan verplicht om deze activiteit te volgen? Ook al heb je noch de interesse noch het talent ervoor. En gaat de kind de vrijheid dan nog behouden om eens niets te doen? Heeft een kind nu eens geen zin om te gaan voetballen of naar de judoles te gaan, dan kan het nu toch nog eens kiezen om niet te gaan. Kan dit ook op die 10-uurse dag? Bovendien snap ik het ook niet. Er wordt nu al vaak geklaagd dat we onze kinderen te zwaar belasten met al die naschoolse activiteiten. Maar dreig je met het voorstel van Groen! dit niet juist te verergeren. En zullen die familiemomenten na zo’n vermoeiende dag wel nog zo leuk zijn?

Kortom, ik stel mij serieuze vragen bij dit voorstel. Vooral omdat ik vrees dat kinderen in feite geen keuze meer gaan krijgen over hoe ze hun vrije tijd willen invullen. Want als een kind erbij wilt horen, zal het toch moeten meedoen met al die keuze-activiteiten. Daarnaast stel ik mij ook de vraag of we met dit voorstel er niet juist voor gaan zorgen dat scholen zich nog meer met de opvoeding van kinderen moeten gaan bezighouden. Ik vind het nu al te gemakkelijk dat ouders scholen zien als de plaats waar hun kinderen opgevoed moeten worden. Nu geef je daar als overheid toch aan toe. Neen, over dit voorstel kan ik kort zijn. Zoals zo vaak met voorstellen van Groen! klinken ze mooi op papier, maar is de realiteit vaak anders. Een slecht idee, dus.

Edit: Op verschillende blogs vraagt men zich ook terecht af wat er met de sportclubs moet gebeuren. Neem nu populaire sport nummer 1, het voetbal. Betekent dit dat de trainingen van de jeugdploegen nu ineens om 19 uur moeten worden georganiseerd ipv 17 of 18 uur nu. Of is het de bedoeling dat dit ook een keuze-activiteit wordt? Maar ook dat is toch praktisch onmogelijk, omdat een ploeg miniemen meestal bestaat uit kinderen van verschillende scholen. Hoe kan men nu als ploeg leren samenwerken als je niet samen kan trainen? En als het geen keuze-activiteit wordt en de sportclub dus blijft bestaan, wat schiet er dan nog over van die gezellige 2 uurtjes family-time als je kind moet gaan trainen. Of is het de bedoeling dat men de sportclubs gaat ontmantelen? Ik dacht dat we met het oog op de Olympische spelen eerder een inspanning gingen doen. Volgens mij blijft het mooi op papier, maar in realiteit onuitvoerbaar.

Labels:

Energiebesparing, een kwestie voor iedereen?

We zijn de laatste maanden veel bezig geweest met het milieu. En met de stijgende energieprijzen is er ook al heel wat inkt gevloeid over energiebesparing. En dat is zeker een goede zaak, want we moeten oog hebben voor de toekomst van onze planeet en we kunnen heel wat doen om het energieverbruik naar beneden te halen. En om het publiek warm te maken voor de ideeën wordt er vaak geschermd met belastingsvoordelen en terugverdieneffecten die goed zouden zijn voor uw portemonnee. Maar ik hoor de politici en de groene jongens nooit praten over het kapitaal dat nodig is om bepaalde investeringen te kunnen doen. Animo Aalst grijpt het project “Het Binnenhof” aan om de kwestie aan te kaarten en stelt zich terecht de vraag of energiebesparing wel voor iedereen toegankelijk is.

Het project “Het Binnenhof” zorgde voor een nationale primeur. De intercommunale Solva gaat in Aalst een collectief woonproject volgens het passiefhuisprincipe op poten zetten. Er worden 7 passiefhuizen en 2 lage energiewoningen in de stad gebouwd. Tot daar het goede nieuws. Animo Aalst maakte een kleine berekening. Elk passiefhuis wordt verkocht aan de kostprijs, namelijk 225.000 euro. Alleen moet hierop nog de BTW worden gerekend en de notariskosten, waardoor je mag rekenen dat elke woning een slordige 300.000 euro gaat kosten. Daarnaast ging men uit van een gezin met twee licentiaten in het onderwijs die een gezamenlijk maandinkomen van 3.300 euro hebben. Men vroeg aan de banken hoeveel dit gezin zou kunnen lenen en men kwam aan een bedrag van 175.000 euro. Dat betekent dat zo’n gezin nog eens zeker 100.000 euro bovenop op tafel moet kunnen leggen. Meteen wordt duidelijk dat dit niet voor iedereen weggelegd is. Bovendien zou een intercommunale zich moeten richten tot de sociale middenklasse en de vraag is of 3.300 euro inkomen per maand al niet tot de hogere middenklasse behoort. Animo Aalst vraagt zich dan ook terecht af wie dit eigenlijk wel kan betalen.

Wanneer we de groene jongens mogen geloven, en dat doe ik, dan heeft een passiefwoning enkele voordelen. Zo verbruikt een passiefwoning slechts 10% van wat een normale woning aan energie verbruikt. Je kan dus flink besparen op de energiefactuur. Daarenboven kan je ook genieten van heel wat belastingsvoordelen, die kunnen oplopen tot 7.800 euro in een periode van 10 jaar. Dat is mooi meegenomen. Maar dat verandert helaas niets aan het feit dat de woning 300.000 euro blijft kosten en dat niet iedereen dat bedrag op tafel kan leggen. Zelfs een gezin met een maandinkomen van 3.300 euro moet nog steeds 100.000 euro cash op tafel kunnen leggen. Hoeveel gezinnen kunnen dit eigenlijk? Bovendien is het duidelijk dat de bank ook geen rekening houdt met die terugverdieneffecten en dus een hogere lening toestaat. Met andere woorden, wie niet genoeg kapitaalkrachtig is, kan moeilijk in het systeem van de passiefhuizen stappen.

Bovendien vind ik ook dat het voorbeeld een pervers gevolg tot zich heeft. Want je moet dus rijk zijn om een passiefwoning te kunnen kopen, maar je doet er heel wat voordeel mee met de lagere energiefactuur en de belastingsvoordelen. Met als gevolg dat je goedgevulde portemonnee nog dikker wordt. Iemand met een laag inkomen kan zich vaak al geen goed geïsoleerde woning veroorloven, laat staan een passiefwoning. Met als gevolg dat zij dus hun huis meer moeten verwarmen in de winter en waardoor ze een groot deel van hun budget aan energie zien opgaan. Zij zouden dan ook vaak het meest baat hebben met die energiebesparende maatregelen of met passiefhuizen. Alleen hebben ze het startkapitaal niet en zien ze dus hun krappe portemonnee nog krapper worden.

In die vaak slecht geïsoleerde woningen zou dubbele beglazing vaak al veel goed kunnen doen. En ja hoor, daar krijg je een belastingsvoordeel voor. Alleen ook hier zit er een pervers kantje aan. Want wie dubbele beglazing liet steken in februari 2008, kan dit maar aangeven in zijn aangifte van juni 2009. Door de traagheid waarmee de Administratie werkt, is de kans groot dat je uw belastingsvoordeel maar in maart of april 2010 ziet. Kortom, een kleine twee jaar later. Nu, iemand die een gemiddeld inkomen heeft, kan zich misschien dubbele beglazing veroorloven en twee jaar wachten op zijn voordeel. Maar voor gezinnen die de eindjes moeilijk aan elkaar kunnen knopen wordt het al heel wat ingewikkeld. Want zij moeten op het moment van het plaatsen de hele investering zelf kunnen financiëren, als het hen al lukt. Waarom kan de overheid niet op dat moment ingrijpen en hen het voordeel al op dat moment geven? Volgens mij krijg je toch al een eco-bonus verrekend op de factuur als je een milieuvriendelijke wagen koopt. Waarom kan dit ook niet voor dubbele beglazing?

Dat zou de kostprijs van energiebesparende maatregelen alvast wat kunnen drukken, maar ik vrees dat vele investeringen voor vele mensen onbereikbaar zijn. En zo krijg je een volgens mij een systeem waarbij energiebesparing gaat zorgen voor een nieuwe kloof tussen rijk en arm. Wie kapitaalkrachtig is, kan aan energiebesparing doen en daar zijn voordeel mee doen. Wie minder geluk heeft, wordt hiervoor nog eens extra gestraft met een hogere energiefactuur. Energiebesparing heeft niet alleen te maken met het milieu, maar is ook een kwestie in de armoedeproblematiek. Ik ben blij dat een groep als Animo Aalst zich alvast de juiste vragen stelt. Nu de rest en de antwoorden nog.

Labels:

zaterdag, september 13, 2008

Wendy's hetze

Eerst was het voer voor het roddelcircuit en kranten als Het Laatste Nieuws. Maar sinds er een definitieve klacht is ingediend tegen de Persgroep hebben ook de “serieuze” media er zich mee bezig gehouden. De zaak Wendy Van Wanten versus Dag Allemaal. De Morgen, De Standaard, Terzake, zelfs Knack hebben deze week aandacht besteed aan Wendy Van Wanten. Want het proces krijgt ineens een maatschappelijke kwestie, namelijk hoe ver mogen de paparazzi-bladen gaan in hun praktijken om nieuws te brengen over bekende Vlamingen?

Zelf vind ik dat het mes aan alle kanten snijdt. Zo vind ik het jammer dat Wendy Van Wanten als centraal punt in de discussie is terechtgekomen, want ik vind dit niet meteen het beste voorbeeld. Ik ga haar geen mediageile del noemen zoals De Morgen deed, maar ze is er zeker niet vies van. Anders loop je niet met je liefdesleven te koop in een televisieprogramma en later nog eens met je privé-leven in een serie als Wendy & Verwanten. Ze heeft de problemen die ze heeft met Dag Allemaal ook voor een deel zelf veroorzaakt. Aan de andere kant vind ik dan weer dat ze gelijk heeft dat ze inderdaad het slachtoffer is geworden van een media-oorlog tussen Dag Allemaal en Story. Dag Allemaal heeft een paar keer de deur tegen de neus gekregen. Eerst toen Wendy geen vervolg wou op Wendy & Verwanten. Daarna nog eens toen Wendy de babyfoto’s exclusief aan Story verkocht. En ik geloof echt wel dat dit kwaad bloed heeft gezet bij Dag Allemaal en dat ze een heksenjacht op haar hebben gelanceerd. Bovendien vind ik ook dat haar advocaat gelijk heeft wanneer die stelt dat het niet is omdat je aan een blad een deel van je privé-leven laat tonen dat dit blad automatisch volledige toegang krijgt tot je volledige privé-leven. Er blijft nog altijd een grens.

Maar laten we Wendy even buiten beeld, dan is er nog altijd een onaangenaam beeld van de werkwijze van de bladen. Tom Boonen vertelde ooit in De Laatste Show over de praktijken van Dag Allemaal. Zijn vriendin was gebeten door een hond tijdens een bezoekje aan een vriendin en de dag nadien werd de hele buurt uitgehoord door een reporter van Dag Allemaal om de sappige details te weten te komen. Komaan, dit voor iets banaals als een beet door een hond. Alsof dit iets is dat je hele levensopvatting overhoop haalt. Er is ook het verhaal van Ann Van Elsen die relatieproblemen had met Tim De Pril. Dag Allemaal chanteerde Ann Van Elsen om een exclusief interview te geven of men zou hun versie van de feiten geven. Ann gaf toe, maar enkele kranten waren Dag Allemaal voor. Resultaat: Dag Allemaal hangt de weken nadien alle vuile was buiten. Hierop weigert Ann Van Elsen om nog langer met Dag Allemaal te praten. Maar dit jaar ging ze trouwen en Dag Allemaal kon dit niet laten liggen. Hoofdredactrice Ilse Beyers greep in en belde Ann’s werkgever VT4 om een einde aan haar boycot te maken. Ondertussen laat ze systematisch negatieve berichten over VT4 los, waardoor de VT4-directie zich wel genoodzaakt voelt om Ann Van Elsen op het matje te roepen. En zo zijn er waarschijnlijk nog tientallen verhalen over onfrisse praktijken bij de boekskes.

Deze praktijken gebeuren natuurlijk niet allemaal bij Dag Allemaal alleen, Story en consoorten kunnen er ook iets van om BV’s onder druk te zetten om hun verhaal exclusief bij hen te vertellen of in het kraken van BV’s (denk maar aan de keiharde hetze tegen Ignace Crombé in Story, die nog verder gaat dan Dag Allemaal). Maar ik denk dat als je ziet naar de hoofdredactrice van Dag Allemaal, Ilse Beyers, dan verwondert het je toch niet. Gewoon op foto is dat al een ijskoude überbitch die over lijken gaat om haar blad meer te doen verkopen. Het is duidelijk iemand die de grenzen van het fatsoen telkens weer een beetje verder wilt leggen zodat we langzaamaan naar buitenlandse toestanden evolueren. Nu, ik denk dat we zover nog niet zijn. Ik denk nog altijd dat er een zekere fatsoen bestaat en ondanks heel wat chantage, dreigingen en negatieve berichten hebben we nog geen Britney-toestanden. Maar de grens is er met de komst van Ilse Beyers wel een stuk opgeschoven en nu met de nieuwe verhitte concurrentiestrijd tussen Dag Allemaal en Story schuift ze nog eens een stuk op. Een uitspraak van een rechter kan misschien bepalen waar de grens ergens ligt.

Labels:

zondag, januari 27, 2008

Op zoek naar een nieuwe president - South Carolina

Wat een overwinning! De Democraten hielden gisteren hun voorverkiezing in de zuidelijke staat South Carolina en Barack Obama veegde Hillary Clinton van de tafel. Hij won de voorverkiezing met maar liefst 55% van de stemmen, terwijl Clinton amper 27% behaalde en John Edwards in zijn thuisstaat 18% behaalde. Barack Obama was de grote favoriet en heeft zijn favorietenrol meer dan waar gemaakt. Exit-polls leren ons dat hij de overwinning vooral behaald heeft dankzij de Afro-Amerikaanse kiezers. Hij kon maar liefst 80% van deze bevolkingsgroep bekoren. Bij de blanke bevolking kon hij 25% van de stemmen behalen, de rest werd eerlijk verdeeld tussen Clinton en Edwards. Opvallend is wel dat hij de best scorende kandidaat was bij de blanke jonge kiezers in de leeftijdsgroep 18-29 jaar. Verder zien we dat hij eigenlijk bij alle leeftijdscategorieën goed scoorde, behalve bij de 65+-plussers, waar hij Clinton voor moest laten gaan. Tenslotte zien we ook dat hij terug de vrouwenstem heeft kunnen halen. 61% van de stemmers was een vrouw en in die categorie behaalde hij 54% van de stemmen, terwijl Clinton bleef steken op 30%. Toch is wel een positieve noot voor Clinton. South Carolina heeft getoond dat ze weinig problemen heeft met een vrouwelijke president. 36% van de ondervraagde mensen vond haar de beste kandidaat om de Republikeinse kandidaat te verslaan, maar belangrijker is dat 35% in haar de beste opperbevelhebber zagen. Obama haalde bij beide vragen een positief antwoord van 48%. Slechter nieuws is er dan weer voor haar dat de ruzie die deze week uitbrak in de Democratische partij op haar conto wordt toegeschreven. Als de vraag open wordt gesteld, antwoorden de meeste mensen wel dat zowel Clinton als Obama schuld hebben aan het gekibbel, maar als mensen toch moeten kiezen wie het meeste schuld heeft, duiden ze Clinton aan als hoofdschuldige. Ze heeft nu tot 5 februari de tijd om van dit negatieve imago af te komen wanneer het Tsunami Tuesday is. Er is ondertussen wel nog Florida, maar doordat deze staat tegen de wil in van het partijbestuur beslist heeft zijn voorverkiezing te vervroegen, telt de uitslag niet mee.

Labels: ,

zondag, januari 20, 2008

Op zoek naar een nieuwe president - South Carolina en Nevada

Er werden gisteren voorverkiezingen gehouden in Nevada en South Carolina bij de Republikeinen en Nevada bij de Democraten. En de winnaars zijn Romney, McCain en Clinton. De overwinningen in de kleine staat Nevada geven een indicatie, vooral bij de Democraten, maar blijven in het geheel toch nog steeds onbeduidend. De overwinning van John McCain in South Carolina daarentegen is wel een belangrijke overwinning en zorgt ervoor dat hij steeds meer frontrunner wordt bij de Republikeinen. Kijken we ondertussen naar de tussenstand qua vertegenwoordigers voor de Nationale Conventies, dan zien we dat Obama en Romney nog steeds aan de leiding liggen.

Het beloofde een spannende strijd te worden tussen McCain en Huckabee in South Carolina. De staat is diepgelovig en er werden dan ook veel stemmen verwacht voor dominee Huckabee. En hij kreeg ook een groot deel van de gelovige stemmen binnen, maar minder dan verwacht. Er werd verwacht dat hij tot 60% van de gelovige stemmen zou kunnen binnenhalen, maar exit-polls wijzen eerder op zo’n 40 à 45%. Bovendien werd er ook gevraagd wie het meeste kans zou maken om in november te winnen en daar haalde hij amper 23% tegenover 43% voor John McCain. Op de vraag wie het meeste verandering zou kunnen brengen, scoorde hij dan weer beter in South Carolina. 29% van de ondervraagden geloofden in Huckabee. John McCain deed het amper 1 procentje beter. En uit de rest van de exit-polls zou je kunnen afleiden dat Huckabee de voorverkiezing zou winnen, maar het werd dus toch John McCain die met 33% van de stemmen het iets beter deed dan Huckabee, die 30% haalde. Voor John McCain is het meteen een sprong vooruit in zijn weg naar Washington. Hij heeft terug een belangrijke staat op zak en wat belangrijker is, een zuidelijke, diep-gelovige staat. Het feit dat hij daar kan winnen, zal hem waarschijnlijk een hart onder de riem zijn voor de andere verkiezingen in de zuidelijke staten. Als hij op de golven van deze belangrijke overwinning kan blijven rusten tot na Tsunami Tuesday, dan zit hij enorm goed om de presidentiële nominatie in de wacht te slepen. Maar het is nu afwachten of Giuliani Florida kan binnenhalen volgende week en de strijd terug in een andere richting kan duwen.

In de kleinere staat Nevada werd een caucus gehouden en daar won Mitt Romney bij de Republikeinen. Door de belangrijke overwinning van McCain in South Carolina komt dit nieuws wat op de achtergrond. Nochtans won Romney deze voorverkiezing heel makkelijk en kwam de tegenstand weinig aan bod. Hij scoort dan ook enorm goed in de entrance polls. En bovendien blijft hij ruim aan kop in de voorlopige tussenstand qua vertegenwoordigers. Maar tot nu toe zijn natuurlijk de grote kleppers nog niet geweest en kan hij snel op achtervolgen zijn aangewezen. Volgende week is de grote staat Florida aan de beurt en dan kunnen de kaarten helemaal anders liggen. Bij de Democraten was het dan weer uitkijken naar de strijd Clinton-Obama. Clinton won overtuigend met 51% van de stemmen tegenover 46% voor Obama, maar door het ingewikkelde systeem van verdeling van vertegenwoordigers krijgt Obama er 13 en Clinton maar 12. Het is dus een morele overwinning voor Clinton, maar Obama pakt wel de belangrijkste punten. Maar toch moet het kamp van Obama zich ook wat zorgen beginnen te maken. Hij won in Iowa nog overtuigend de vrouwenstem, maar sinds dan is Clinton de grootste slokop in deze doelgroep. Daarnaast lukt het hem ook niet om de Latino-stem te krijgen en dit ondanks de steun van een Latino vakbondsleider. De entrance polls laten zien dat Clinton 64% van de Latino’s achter zich kreeg, terwijl Obama amper 26% kreeg. De strijd tussen Latino’s en zwarten in Amerika zal daar zeker een rol bij spelen. Opsteker voor het Obamakamp is dan weer de overtuigende steun die hij krijgt van de zwarte bevolking. Maar liefst 83% van deze doelgroep stemde voor hem en amper 14% op Clinton. Komende zaterdag staat South Carolina op het spel met een belangrijk aandeel van de zwarte bevolking en dan maakt dat hij kans maakt om die staat voor zich te winnen. Tenslotte valt het ook nogmaals op hoeveel stemmen Obama krijgt van de mensen die zich als onafhankelijke lieten registreren. Hij krijgt maar liefst 47% van die stemmen achter zijn naam, terwijl Clinton het moet stellen met 33%. Blijkbaar lukt het hem dus beter om nieuw volk voor de partij aan te trekken. Zou dit ook een belangrijk gegeven kunnen vormen voor de feitelijke presidentiële verkiezingen?

Labels: ,

woensdag, januari 16, 2008

R.I.P. Brad Renfro

Labels:

Op zoek naar een nieuwe president - Michigan

De Amerikaanse voorverkiezingen kennen een grillig verloop. Gisteren werden de voorverkiezingen in de staat Michigan gehouden en bij de Republikeinen heeft er alweer iemand anders een belangrijke voorverkiezing gewonnen. Deze keer was het Mitt Romney die het zeil naar zich toetrok en met de meeste stemmen ging lopen. Hij won al eerder in de kleine staat Wyoming, maar dit is toch zijn eerste belangrijke overwinning. En ook broodnodige overwinning wou hij in de race blijven meedoen. Hij haalde 39% van de stemmen, terwijl eerdere winnaars McCain en Huckabee respectievelijk 30% en 16% haalden. Giuliani stelt al zijn hoop nog zijn steeds op de grote staat Florida en werd laatste met amper 3% van de stemmen. Bij de Democraten was er niet echt een voorverkiezing. Michigan had tegen de zin van het nationale partijbestuur besloten om een vroege voorverkiezing te houden, waardoor het partijbestuur besloot om geen rekening te houden met het resultaat. Hierop trokken zowel Obama als Edwards zich terug, waardoor alleen grote naam Clinton naast kleine namen Kucinich, Gravel en Dodd op het stembiljet stond. De kiezers konden echter ook kiezen voor “uncommitted”. 37% van de stemmers deed dit, terwijl 58% van de stemmen ging naar Clinton.

Bij de Republikeinen ligt de strijd weer wat meer open. De polls voorspelden een spannende strijd tussen Romney en McCain, maar weer kregen de polls ongelijk. Romney won met duidelijke cijfers tegenover McCain en blijft door zijn overwinning koploper qua verkregen afgevaardigden. Maar toch was het een broodnodige overwinning, want na een groot deel van zijn persoonlijk geld in de campagne te hebben gesmeten, lukte het hem enkel in de kleine staat Wyoming om te winnen. In Iowa en New Hampshire werd hij telkens maar tweede. En de Republikeinen hebben blijkbaar iets met de titel comeback kid, want na zijn overwinning riep Romney zichzelf uit als de nieuwe comeback kid. Iets wat McCain hem vorige week voordeed in New Hampshire. Het lijkt er wel op of de Republikeinse kandidaten eerder die titel willen krijgen dan de titel president. Het is nu uitkijken ook bij de Republikeinen uitkijken naar South Carolina om te zien wie van de drie kandidaten terug een voorsprong kan nemen op de rest.

Bij de Democraten waren er dus geen echte voorverkiezingen. Maar toch leerde de stemming heel wat. Want Clinton kreeg dan wel 58% van de stemmen, 37% van de kiezers koos voor “uncommitted”. En wie dieper ingaat op die cijfers, merkt dat het vooral de jongeren en de zwarte bevolking zijn die voor “uncommitted” kozen boven Clinton. En het is vooral bij die laatste bevolkingsgroep dat er nieuws te rapen valt. 23% van de Democratische stemmen in Michigan waren afkomstig van zwarten. 68% koos voor “uncommitted” en amper 30% voor Clinton. Met het oog op de voorverkiezing in het overwegend zwarte South Carolina ziet het er niet zo rooskleurig uit voor Clinton. Hebben de uitspraken uit haar kamp over Martin Luther King roet in het eten gegooid en hebben ze de zwarte stem bij haar verjaagd? Het zal na South Carolina duidelijk worden. Interessant is ook om weten op wie de Democratische kiezers gestemd zouden hebben, mochten alle namen op het stembiljet hebben gestaan. Dan merken we dat Clinton nog 46% van de stemmen zou behalen tegenover 35% voor Obama en 12% voor Edwards. Opmerkelijk is ook hier weer dat de onafhankelijke kiezers ook hier massaal hebben gestemd op “uncommitted” en dus eigenlijk vooral een steunbetuiging geven aan Obama en Edwards.

Komende zaterdag is het de beurt aan Nevada om te kiezen en de Republikeinse kiezers uit South Carolina mogen ook al gaan stemmen. Het wordt een spannende strijd in beide partijen en we hebben ondertussen ook al geleerd om voorzichtig te zijn met de polls. Die duiden op een spannende strijd Clinton/Obama en Romney/McCain in Nevada en Hucakbee/McCain in South Carolina. De kaarten kunnen komende zondag weer helemaal anders liggen.

Labels: ,

dinsdag, januari 15, 2008

Op zoek naar een nieuwe president - Rassenkwestie II

"Het grootste sprookje dat ik ooit hoorde"

Over een goede week gaan de Democraten in South Carolina naar de stembus om hun kandidaat te kiezen voor het presidentschap. Johan Depoortere ziet hoe de zwarte loyauteit er in de richting van Obama verschuift.

South Carolina is de eerste zuidelijke staat in de reeks voorverkiezingen en de eerste met een grote zwarte bevolking (30%).

Bovendien is het de buurstaat van John Edwards, die wanhopig op zoek is naar een overwinning om zijn campagne te redden. Redenen te over dus voor de drie overblijvende Democraten om zenuwachtig te worden en dat is vooral in het Clintonkamp te merken aan een paar uitschuivers van Hillary en Bill.

De ex-president ging uit de bocht toen hij nog vóór Hillary's overwinning in New Hampshire en toen de opgang van Barack nog onstuitbaar leek scherp uitviel tegen Obama. Het grootste sprookje dat ik ooit heb gehoord noemde hij diens campagne.

Hij had het met name over het Irak-standpunt van de senator uit Illinois: Obama zou een zigzagkoers hebben gevaren over de oorlog door zich eerst in een speech tegen de invasie van Irak uit te spreken maar later vóór de militaire budgetten te stemmen die de oorlog financierden.

Hillary gooide een paar dagen later olie op het vuur door te suggereren dat ze de verdiensten van Martin Luther King in de burgerrechtenbeweging lager inschatte dan die van president Lyndon Johnson, die de aspiraties van de zwarte leider in wetteksten omzette.

Een deel van de zwarte gemeenschap in de VS reageerde furieus. De Clintons zijn geliefd bij zwart Amerika en Bill wordt wel eens de eerste zwarte president genoemd, maar tornen aan een ikoon als Martin Luther King is zelfs voor de Clintons een brug te ver.

Bill haastte zich in de dagen die volgden om zijn uitspraak toe te lichten. Tegen het radiostation van de zwarte activist Alan Sharpton zei hij dat hij Obama zeer respecteerde - zijn campagne is geen sprookje, zei hij, hij zou kunnen winnen.

Een combattieve Hillary verdedigde in Meet the Press - het druk bekeken zondagochtenddiscussieprogramma op NBC - haar en Bills staat van dienst in de burgerrechtenbeweging en beschuldigde de Obamacampagne ervan de uitspraken bewust uit hun contekst te rukken om de Clintons schade toe te brengen.

En zoals dat meestal gaat, ging het incident een eigen leven leiden. Een zwarte leider uit het Clintonkamp in South Carolina deed de carousel een rondje verder draaien toen hij de Clintons verdedigde met een nieuwe, bedekte allusie op Obama's druggebruk in diens wilde jaren.

De Clintons waren al diep en emotioneel betrokken in zwarte thema's toen Obama iets aan het doen was in de buurt - is zal niet zeggen wat het was, hij zegt het in zijn boek.

In zijn autobiografische Dreams of My Father schrijft Barack inderdaad dat hij als losgeslagen tiener experimenteerde met drugs en alcohol maar dat hij zich later herpakte, ging studeren en als basiswerker in de achtergestelde wijken van Zuid-Chicago aan de slag ging.

Zowel Obama als Clinton moeten op eieren lopen als het om de thema's van ras en sekse gaat.

Beide campagnes verwijten elkaar nu dat ze van ras een onderwerp in het debat hebben gemaakt en vooral in het Zuiden is dat spelen met dynamiet.

Hillary was lang de koploper onder de zwarte kiezers in South Carolina, maar ze ziet met toenemende bezorgdheid hoe de zwarte loyauteit in de richting van Obama verschuift. Haar ongelukkige uitspraken van de laatste dagen zullen hier beslist niet helpen.

Bill Clinton is nog altijd de beste campagnevoerder in het land, maar zijn uitschuivers zouden het sprookje van Obama wel een werkelijkheid kunnen maken.

Johan Depoortere

Bron: Deredactie.be

Labels: ,

Op zoek naar een nieuwe president - Rassenkwestie I

Ras in de race naar het Witte Huis

In de verkiezingsstrijd duikt een fenomeen op dat nog altijd een litteken is in de Amerikaanse geschiedenis: ras.

Het opvallende is dat het een splijtzwam vormt in de Democratische Partij die normaal gesproken strijdt tegen 'racisme'. De Democratische kandidaat Hillary Clinton kleineerde het werk van Barack Obama en stelde president Lyndon Johnson boven Martin Luther KIng.

De venijnige strijd laaide op toen Clinton tijdens de voorverkiezingen in New Hampshire met de rug tegen de muur stond. Obama had de caucus van Iowa gewonnen en een tweede nederlaag zou fataal zijn voor de Clintons. Echtgenoot Bill, de voormalige president, ontpopte zich als een straatvechter en zei dat de Obama-campagne draaide op 'sprookjes'. Hij trok Obama's verzet tegen de Irak-oorlog in twijfel. Bill vond dat Hillary de beste president zou zijn omdat ze als persoonlijkheid zelfs 'boven Mandela' uitstak.

Hillary uitte zich denigrerend over het werk van Obama als senator en zei dat hij niet meer had gepresteerd dan enkele toespraken. Ze voegde er aan toe dat Martin Luther King grote dromen verwoordde maar dat er een president, in casu Lyndon B. Johnson, nodig was om de burgerrechten tot wet te maken.

De Clintons speelden met vuur want 'ras' is in de VS een gevoelig thema. Vorig jaar liet de radiopresentator Don Imus zich neerbuigend, zoniet racistisch, uit over een zwart team basketbal speelsters. Imus werd ontslagen en zocht vergiffenis bij de radicale dominee Al Sharpton die zichzelf opwerpt als moreel geweten inzake rassenkwesties. De radiopresentator verontschuldigde zich met de woorden dat hij enkel een tekst uit de 'zwarte hip hop muziek' herhaalde. Het mocht niet baten.

De Democraten verwondden zich nu met de rassenkwestie. Opiniepeilers zochten de voorbij dagen naar de reden waarom ze er in New Hampshire zo naast zaken. Eén verklaring was dat sommige laagbetaalde blanke Democraten tijdens peilingen, uit politieke correctheid, niet durfden bekennen dat ze niet op een zwarte zouden stemmen. Ze kozen heimelijk voor de blanke Hillary. Die uitleg is niet overtuigend. Want ook de exit polls, die geheim zijn, zaten er naast. Opiniepeilers riepen ras in als excuus voor eigen falen.

De opmerkingen van de Clintons zette veel kwaad bloed. Circa negentig procent van de Amerikaanse zwarten stemt Democratisch. Hillary verscheen het voorbije weekeinde op alle belangrijke politieke talkshows om te zeggen hoezeer ze een bewonderaar was van Martin Luther King. Obama had haar ervan beschuldigd diens rol te kleineren door alle nadruk op Johnson te leggen en daarmee de 'geschiedenis te herschrijven'. En Bill verscheen te biecht bij Al Sharpton om te zeggen dat zijn kritiek op Obama niets te maken had met racisme.

De rassenruzie kan een belangrijke impact hebben op de tweestrijd in Nevada en South Carolina later deze maand. In South Carolina is de helft van de stemmers in de voorverkiezing is zwart. Enkele zwarte leiders die tot nu toe neutraal bleven, hebben de Clintons tot de orde geroepen. Ze dreigen de kant van Obama te kiezen als de Clintons doorgaan met hun 'onderhuids rasgetinte opmerkingen'.

Het gaat te ver om de Clintons te beschuldigen van racisme. Maar hun houding getuigt wel van paternalisme. Jarenlang hebben ze politiek gevoerd ten behoeve van de zwarten. Bill liet zich graag de 'eerste zwarte president' noemen. Maar in zijn regering speelden zwarten niet de prominente rol zoals sommige zwarten (en Hispanics) in de regering Bush. De Democraten deden zwarte regeringsleden van Bush af als 'Uncles Tom' die braaf naar de baas luisterden. De Clintons maakten zwarte leiders het hof om de stemmen van hun achterban binnen te rijven. Ze kunnen het niet goed verdragen dat er nu een zwarte verkiesbare kandidaat opstaat die de Clintons overbodig maakt.

Kortom: de goedbedoelende blanke dame is meer nodig. Eigenlijk vinden de Clintons Obama maar een brutale snotneus die Hillary's geplande kroning verstoort.

Derk Jan Eppink

Bron: Knack Blogt

Labels: ,

maandag, januari 14, 2008

Op zoek naar een nieuwe president - Nieuwe polls

De voorverkiezingen van Iowa en New Hampshire hebben de nationale polls flink door elkaar geschud. Vandaag maakte The Washington Post & ABC hun nieuwe nationale poll bekend en die zien er heel anders uit dan een maand geleden. Bij de Democraten blijft Hillary Clinton aan de leiding, maar haar voorsprong is weggesmolten als sneeuw voor de zon. Volgens de poll moet ze maar liefst 11% inleveren ten opzichte van vorige maand en komt ze nu uit op 42%. Barack Obama profiteert dan weer ten volle van de hype die er rond zijn figuur is gecreëerd en stijgt spectaculair met 14 procentpunten naar 37%. John Edwards blijft ongeveer gelijk in de nationale poll en stijgt 1 procentpunt naar 11%. Bij de Republikeinen is het deelnemersveld nog grondiger door elkaar geschud. Vorige maand stond Giuliani nog op de eerste plaats in de poll, maar hij koos ervoor om Iowa en New Hampshire links te laten liggen. Die techniek loonde niet, want hij kreeg geen media-aandacht en dat vertaalt zich in deze poll door een verlies met 10% naar 15%. Hij zakt hiermee naar een vierde plaats. Grote winnaar uit de poll is New Hampshire-winnaar John McCain. Hij stijgt maar liefst 16 procentpunten en komt nu uit op een eerste plaats met 28%, waarbij hij Huckabee en Romney op een afstandje zet.

Ook andere kranten en instanties hebben hun poll bekend gemaakt. Dat relativeert echter de poll van The Washington Post & ABC bij de Democraten. Volgens de andere polls ligt Clinton nog ruim op kop, al is het verschil in de befaamde Rasmussenpoll ook slechts 4% en staat ze volgens de poll van USA Today/Gallup op gelijke hoogte met Obama. In de poll van The New York Times & CBS News ligt ze daarentegen nog 15% voor op Obama. Gemiddeld maakt dit ze momenteel uitkomt op 40,8% van de Democratische stemmen tegenover 33,4% voor Obama. In vergelijking met vorige maand slinkt ook hier haar voorsprong geleidelijk en haalt Obama haar langzaamaan in. Hij heeft tijd tot 5 februari om dit waar te maken wanneer het Tsunami Tuesday is. Bij de Republikeinen wordt echter het beeld van de poll van The Washington Post bevestigd. Giuliani is compleet weggeveegd in de nationale polls en strandt nu op 14,8% van de stemmen. In geen enkele van de toonaangevende polls kan hij de eerste plaats nog bemachtigen. Die eerste plaats gaat grotendeels naar McCain. Hij komt nu gemiddeld uit op een 27,4% van de stemmen. Tweede plaats in de nationale polls gaat naar Iowa-winnaar Huckabee, maar die volgt ondertussen wel al op 7%.

Laten we dus even vanuit gaan dat het nog gaat tussen Clinton en Obama en dat John McCain de nominatie behaalt bij de Republikeinen. Dan is het handig om eens te kijken wat de polls vertellen als dit de eindstrijd wordt voor het presidentschap. En dan komen we tot de verrassende conclusie dat de Democraten helemaal niet zeker kunnen zijn van een overwinning en dat ze zelfs op achtervolgen zijn aangewezen. In de strijd tussen McCain en Clinton haalt McCain voorlopig 48,3% van de stemmen binnen in de gemiddelde polls tegenover 43,00% voor Clinton. 11,3% blijft evenwel onbeslist, maar we mogen er toch vanuit gaan dat dit nog een spannende strijd gaat opleveren. En het kan nog erger voor Clinton, want in de Rasmussenpoll ligt McCain maar liefst 11% voor op haar. Haalt Barack Obama de Democratische nominatie en komt hij uit tegenover John McCain, dan blijft McCain de favoriet van de Amerikanen. Alleen is het verschil hier ontzettend klein. Uit het gemiddelde van de polls blijkt dat McCain 45,3% van de stemmen krijgt tegenover 44,8% voor Obama. Hier zijn wel iets meer onbesliste kiezers, namelijk 12,7%. Lichten we er terug de Rasmussenpoll uit, dan haalt McCain 46% van de stemmen tegenover 43% voor Obama. Verrassend genoeg is het de Democratische kandidaat John Edwards die in de polls voorlopig wel vooruitloopt op John McCain. Komen beide blanke heren tegenover elkaar uit, dan zou Edwards 46,7% van de stemmen halen en McCain 43%. In de Rasmussenpoll is het verschil nog groter met 46% voor Edwards en slechts 39% voor McCain.

Ik leid uit deze cijfers toch uit dat Amerika het nog steeds moeilijk heeft om een vrouw of een zwarte tot president te kiezen. Maar vooral Hillary Clinton heeft het als vrouw zijnde heel moeilijk. Want komt zij tegenover de andere Republikeinse kandidaten uit, dan haalt zij het wel, maar de voorsprong is telkens maar heel miniem. De Amerikanen kiezen dan nog liever voor een zwarte man. Want komt Barack Obama uit tegenover een andere Republikeinse kandidaat dan McCain, dan haalt hij het wel vlot van hun en ligt hij maar liefst 10% voor op hun. We kunnen de vergelijking eens doen. Giuliani lag een hele tijd op kop bij de Republikeinen. Haalt hij de nominatie en komt hij uit tegenover Clinton, dan zou vandaag 47,2% van de Amerikanen kiezen voor Clinton en 44,8% voor Giuliani. Komt Giuliani echter uit tegenover Obama, dan haalt hij maar 40,2% van de stemmen meer, terwijl Obama 50,2% van de stemmen halen. En ook bij de andere head-to-head polls tussen Clinton/Obama en Republikeinen zien we hetzelfde.

Maar het belangrijkste feit is dus dat de Republikeinen in John McCain een echte comeback-kid hebben gevonden. Hij zakte na de zomer compleet weg in de peilingen, maar neemt nu terug de leiding in handen. En hij lijkt voorlopig de enigste te zijn die Clinton en Obama het vuur aan de schenen kan leggen en het presidentschap bij de Republikeinen kan houden. Bij de Democraten kunnen ze dan weer niet echt op twee oren slapen. Vooral Hillary Clinton krijgt het in de polls zwaar te verduren. Haar voorsprong slinkt zienderogen op Obama en als ze de nominatie toch binnenhaalt, dan zal ze zich drie keer zo hard moeten bewijzen en dan nog is het presidentschap niet binnen handbereik. Het worden nog spannende maanden in Amerika. Morgen staat alvast Michigan op het programma. Bij de Democraten is dit enkel bijkomstig, omdat er na een conflict tussen de staat en de partijtop beslist werd dat het resultaat niet zal meespelen bij het bepalen van de nominatie. Obama en Edwards trokken zich dan ook terug uit de race in deze staat. Bij de Republikeinen belooft het nog een spannende strijd te worden tussen Romney en McCain. Maar die laatste heeft de wind in de zeilen in de polls en dus mogen we gokken op een overwinning voor hem. Woensdag weten we meer.

Labels: ,

woensdag, januari 09, 2008

Op zoek naar een nieuwe president - New Hampshire

De strijd ligt nog volop open. De kaarten werden verrassend geschud na Iowa en New Hampshire schudt ze nog eens goed door elkaar. Het was de avond van de comeback. McCain scoorde begin vorig jaar nog heel goed in de polls, maar de campagne sputterde en in de zomer zakte zijn ster serieus. Gisteren werd hij weer via de grote poort binnengehaald en haalde hij de meeste stemmen bij de Republikeinen. Bij de Democraten verraste Hillary Clinton dan weer. Ze werd pas derde in Iowa en in de polls donderde ze serieus naar beneden, maar ze werd gisteren met 39% van de stemmen beloond tegenover 37% voor Barack Obama. Het verhaal mag dan wel door de media voorgesteld worden als dat van de grote comebacks van beide personen, maar het vertelt ons nog niets over wie de eigenlijke nominatie bij beide partijen gaat binnen halen. De overwinning van Clinton en McCain heeft er enkel voor gezorgd dat Super Tuesday op 5 februari ongemeen spannend kan worden en dat dan pas iets duidelijk zal worden.

De meeste aandacht gaat natuurlijk uit naar de Democraten waar er zich een echte tweestrijd aan het ontwikkelen is. Maar ook bij de Republikeinen blijft het voorlopig nog een open strijd. Want tot nu toe is er nog niet echt een winnaar uit de bus gekomen. John McCain mag dan wel gisteren overtuigend gewonnen hebben, in Iowa scoorde hij niet zo goed en in de voorlopige tussenstand qua kiesmannen staat hij pas op een derde plaats. Op die voorlopige eerste plaats staat nu Mitt Romney, maar echt tevreden kan die ook niet terugblikken. Hij faalde zowel in Iowa als in New Hampshire om de meeste stemmen te halen en dit ondanks het feit dat hij er een groot persoonlijk fortuin tegenaan heeft gegooid. Bovendien is die andere grote favoriet, Rudy Giuliani, nog steeds niet echt in de strijd gestapt. Romney sleept dus nu al een beetje etiket loser mee, terwijl Giuliani nog onbeslagen aan de strijd kan deelnemen. Natuurlijk kunnen we nog niet echt een oordeel vormen over Giuliani omdat hij de kleine staten links liet liggen, maar nationale polls laten de laatste tijd toch tonen dat hij in vrije val is. De vraag is dan ook of het wel zo’n goede strategie was om die kleine staten links te laten liggen, want ondertussen is alle aandacht toch maar mooi gegaan naar Romney, McCain en Huckabee. Die laatste was trouwens in Iowa nog grote winnaar, maar mag gisteren al een grote verliezer genoemd worden, want in New Hampshire haalde hij maar 11% van de stemmen. Hier geen evangelistische christenen in de meerderheid en dat liet zich merken aan de stemmen.

De meeste aandacht gaat natuurlijk uit naar de Democraten omdat er verwacht wordt dat zij de volgende president zullen leveren en omdat de strijd daar ongemeen spannend begint te worden. Lag Clinton nog maandenlang ruim op voorsprong in de polls, dan laten de voorverkiezingen zien dat het verschil tussen haar en Barack Obama ondertussen miniem is geworden. Zo ook haar overwinning in New Hampshire. Want ze mag dan al als grote triomfator uit de bus zijn gekomen, ze haalde amper 8.000 stemmen meer dan Obama, wat neerkomt op een schamele 2%. Bovendien moet ook gezegd worden dat Obama het resultaat behaalde dat hij in de laatste polls in New Hamsphire haalde en dit wijst er toch op dat hij aan een serieuze klim bezig is de laatste weken. Uit de exitpolls blijkt daarnaast ook dat hij nog steeds meer de onafhankelijken kan binnenhalen en het best scoort bij de mensen die voor een eerste keer deelnamen aan de voorverkiezing (die trouwens een recordopkomst kende) en bij de mensen die pas de laatste dagen of maand beslist hebben. Hillary krijgt dan weer meer de voorkeur van het establishment en scoort het best bij de trouwe Democraten. Bovendien krijgt ze deze keer wel de meeste vrouwenstemmen achter zich, wat een serieuze opsteker zal zijn voor haar. Wat echter een groot probleem blijft bij Clinton is de grote afkeer die men tegenover haar opwekt. 1 op de 4 Democratische stemmers vind haar niet geschikt voor de nominatie, terwijl dit bij Obama slechts 1 op de 7 stemmers is. Bovendien vindt 51% van de Democratische stemmers dat Obama het best het land kan herenigen tegenover 28% voor Clinton. Tenslotte vindt 22% van de stemmers dat Clinton een oneerlijke campagne voert tegenover maar 11% voor Obama. De vraag bij deze cijfers is dan ook of Clinton toch vooral niet te kampen heeft met een imagoprobleem en of haar dat de komende weken niet roet in het eten zal gooien.

De campagne stopte in New Hampshire en die staat zorgde ervoor dat het spel nog open ligt. Het kan nog alle kanten uit. Volgende halte is Michigan, waar Clinton vandaan komt. Daar verliezen zo een pijnlijk gezichtsverlies zijn voor haar. Maar het is vooral uitkijken naar South Caroline waar men bij de Democraten kan beginnen vechten om de zwarte stem. Bij de Republikeinen blijft het vooral uitkijken naar Super Tuesday wanneer ook Giuliani zijn volle gewicht in de campagne kan leggen en het dan duidelijk moet worden of hij het laken naar zich kan toetrekken.

Labels: ,

vrijdag, januari 04, 2008

Op zoek naar een nieuwe president - Iowa (bis)

Obama schrijft geschiedenis

Toen de Amerikaanse presidentskandidaat Barack Obama donderdagavond zijn overwinningstoespraak hield in Iowa, hadden veel Amerikanen de indruk dat ze een historisch moment zagen. ,,Ze zeiden dat deze dag nooit zou plaatsvinden'', zei Obama tot een uitzinnige aanhang. ,,Hier sta ik. Een kandidaat met een vader uit Kenia, een moeder uit Kansas en een levensverhaal dat alleen mogelijk is in de Verenigde Staten''. Obama is niet alleen de enige zwarte in de huidige Senaat maar ook de eerste zwarte kandidaat die een serieuze kans maakt president van de VS te worden.

De overwinning van Obama, met 38 procent van de stemmen in Iowa, was meer dan overtuigend. John Edwards was met 30 procent een goede tweede en Hillary Clinton met 29 procent een teleurstellende derde. De opkomst bij de caucus van Iowa was verrassend hoog, vooral bij de Democraten. De meeste caucus-gangers kwamen voor de eerste keer. En ze kwamen om Obama te steunen die ze zien als de 'man van verandering'.

De gedoodverfde winnaar Hillary Clinton profileerde zich altijd als de grote 'agent of change', maar veel Democraten zien haar toch als een voortzetting van de oude orde met nieuwe middelen die enkel wordt gedreven door ambitie. Hillary is vooral het kopstuk van een establishment dat terug wil naar het Witte Huis. Haar toespraak in Iowa was weer opvallend. Ze deed alsof ze de caucus had gewonnen, met Bill naast haar. Maar ze had verloren in een verkiezing waarvan ze ooit meende dat het haar plechtige kroning zou worden.

Een mogelijke president Obama verandert het gezicht van de VS. Het zou een tweede Amerikaanse revolutie zijn. Toen hij in 1961 werd geboren in Hawaii bestond er in het diepe Zuiden van de VS nog praktisch een toestand van apartheid. Zwarten waren er tweederangs burgers met aparte stoelen in bussen, aparte banken en toiletten. Ze kregen pas in de loop van de jaren zestig volwaardige rechten na de onvermoeibare strijd van Martin Luther King die in 1968 werd vermoord.

Tijdens zijn jeugd leefde Obama in Indonesie waar hij onder andere een Koran school bezocht. Op het Amerikaanse continent werkte hij in Chicago als 'gemeenschapswerker' na een rechtenstudie aan de universiteiten van Columbia en Harvard. Daarna riep de politiek in de staat Illinois en Amerika.

De grote vraag is of Obama deze vliegende start kan voortzetten. Dat kan. Hij heeft in Iowa, een staat waarvan slechts 2 procent van de bevolking zwart is, laten zien dat hij kan winnen met blanke stemmen. Hij sluit zich niet op in de zwarte gemeenschap die 12 procent van de Amerikaanse bevolking telt zoals vroegere zwarte kandidaten. Hij mikt niet exclusief op de zwarte stem als deel van een zwarte identiteitspolitiek, maar op het brede publiek.

Bij de volgende voorverkiezing in de staat New Hampshire, op 8 januari, staat Hillary Clinton sterker. Haar zege is er niet meer zeker en haar voorsprong krimpt. 'Onafhankelijke kiezers' vormen met 40 procent van het kiezerskorps een belangrijke factor in New Hampshire. Zij hebben zich niet laten registreren als een vaste Democratische of Republikeinse kiezer, maar kunnen vrij kiezen tussen één van de twee. Nu Obama de grote verrassing van Iowa is en vlag als 'agent of change' heeft overgenomen van Clinton is er een goede kans dat die onafhankelijken in grote mate op Obama stemmen.

Na de voorverkiezing van New Hampshire volgt South Carolina waar de helft van de kiezers bij de Democratische voorverkiezing zwart is. Ook hier stond Hillary tot voor kort sterk. Veel zwarten steunden haar omdat ze meenden dat een zwarte kandidaat toch niet kon winnen. Maar Iowa heeft laten zien dat het wél kan.

Daarmee krijgen de zwarte kiezers in South Carolina, ooit het kerngebied van de slavernij en het epicentrum van het blanke verzet tegen gelijke rechten voor zwarten, de kans van hun leven te stemmen op een zwarte kandidaat die president van de VS kan worden. Het is onwaarschijnlijk dat met die keuze voor ogen Hillary, de kandidaat van het Democratische establishment, nog een aanlokkelijk alternatief is.

Iowa, 3 januari 2008, kan de eerste stap zijn op de weg van de eerste zwarte president van de VS. En daarmee heeft deze slaperige staat van mais en rundvlees geschiedenis geschreven.

Derk Jan Eppink

Bron: Knack blogt

Labels: ,

Op zoek naar een nieuwe president - Iowa

Sinds gisteren is de echte strijd naar het Witte Huis ingezet met de voorverkiezing of caucus in de staat Iowa. In feite is Iowa een onbeduidende staat die weinig gewicht in de schaal kan leggen in de aanduiding van de presidentskandidaat op de nationale conventie, maar door als eerste staat een voorkeur te kiezen, maakt ze zichzelf natuurlijk wel belangrijk. Bovendien is de hele aard van campagne voeren en verkiezing organiseren vrij ongewoon. De kandidaten moeten echt de kiezers toespreken in kleine zaaltjes, restaurants of gaan zelfs van deur tot deur om zichzelf voor te stellen. Hier overtuig je dus geen kiezers via grote televisiedebatten, maar door persoonlijk contact. En je geeft de mensen ook echt de gelegenheid om vragen te stellen die hen aanbelangen en je kan hier niet zo makkelijk een vraag ontwijken. Dat ondervond Barack Obama toen hij op zo’n persoonlijke aangelegenheid moest toegeven dat hij nog geen gedetailleerd gezondheidsplan had. Maar twee maanden later kwam hij wel zijn plan uit de doeken doen in de staat Iowa. Wat toch aanduidt dat er heel wat belang wordt gehecht aan deze staat.

De resultaten zijn ondertussen geteld en de winnaars zijn Barack Obama geworden bij de Democraten en Mike Huckabee voor de Republikeinen. Verrassend is deze uitslag niet echt, vermits beide kandidaten het de laatste weken ontzettend goed deden in de polls. Maar wat wel verrassend is, is de voorsprong waarmee ze wonnen. Mike Huckabee haalt 34% van de stemmen, terwijl favoriet in de nationale polls Mitt Romney slechts 25% van de stemmen haalde. Die andere grote favoriet, Rudy Giuliani, haalde amper 2% van de stemmen, maar hij liet de staat dan ook expres links liggen om zich te kunnen concentreren op de grote staten. Een riskante onderneming, want de vraag is wat voor een invloed deze strategie gaat hebben op de nationale conventie. Voorlopig is het nog onduidelijkheid troef bij de Republikeinen wie nu torenhoge favoriet is, kijk maar naar de opmars van Huckabee die vanuit het niets naar omhoog katapulteerde in de polls de laatste weken. Als die of Romney er dan ook in slaagt om een paar grote staten van Giuliani af te snoepen, kunnen die kleine staatjes wel eens het verschil maken. Bovendien is ook de vraag wat de invloed van Giuliani’s strategie zal worden als hij het toch haalt als Republikeinse presidentskandidaat. Zullen de Republikeinse kiezers uit Iowa dan wel de moeite doen om op hem te stemmen als hij niet de moeite deed om voor hun stem te strijden? En vallen de onbesliste kiezers omwille van dezelfde reden ook automatisch in handen van de Democraten zodat ze de staat voor zich kunnen winnen?

Ook bij de Democraten is de uitslag verrassend. Barack Obama haalde maar liefst 38% van de stemmen, terwijl grote rivale Hillary Clinton pas derde werd met 29% van de stemmen. Zij moest zelfs nog oud-senator van North Carolina John Edwards voor zich laten gaan. Uit de polls bleek de voorbije weken nog dat de kandidaten dicht bij elkaar lagen en nu verslaat Barack Obama Clinton serieus met een groot verschil van 9%. Clinton heeft al bekend gemaakt dat ze strijdvaardig naar de volgende voorverkiezing in New Hampshire gaat, maar toch is dit een serieuze psychologische klap voor haar. Het is dan ook de vraag wat voor invloed dit gaat hebben op de volgende voorverkiezing. Voorlopig staat Clinton aan de leiding in de polls van New Hampshire, maar haar voorsprong op Obama slinkte serieus de voorbije weken. Natuurlijk is dit terug een kleine staat en in de grote staten ligt ze nog serieus voor op Obama, maar het kan een kantelmoment worden in de verkiezing. Uit de statistieken van de resultaten uit Iowa blijkt dat men niet alleen voor Obama heeft gekozen voor de vernieuwing die hij uitstraalt, maar hij werd ook vaak verkozen als beste op vlak van economie, Irak en gezondheidszorg. Bovendien sprak Obama het meest de jeugd aan, maar ook vrouwen tussen 18 en 59, toch een doelgroep waarop ook Clinton mikte. Opvallend is ook dat maar liefst 41% van de zogenaamde onafhankelijken en partijlozen kozen voor Obama, terwijl maar 17% koos voor Clinton. Deze partijlozen vertegenwoordigden 20% bij de Democratische stemmers, wat toch een aanzienlijk aantal is. Bovendien wist Obama ook nog eens de meeste stemmen binnen te halen bij de mensen die nog nooit aan zo’n caucus of voorverkiezing meededen. Blijkbaar is hij toch de persoon die het meest nieuw volk kan aantrekken om voor zich te stemmen en vertegenwoordigt het meest de verandering. Clinton kan zich beroepen op haar ervaring en lijkt volgens de statistieken het best te kunnen reageren op de woelige toestand in Pakistan. Bovendien spreekt zij ook het meest een publiek ouder dan 60 jaar, terwijl in die categorie Obama helemaal niet weet te scoren. Een generatiekloof is dan ook nog nooit zo duidelijk geweest als bij de voorverkiezing in Iowa.

De eerste voorverkiezing is gestreden, maar de weg is nog lang. Bovendien was dit nog maar een klein heuveltje in vergelijking met de grote bergen die de komende weken in het verschiet liggen. Toch maakt deze uitslag al duidelijk dat het nog alle kanten uitkan en dat er voor iedere stem zal gestreden moet worden. Dinsdag is New Hamsphire aan de beurt en dan kunnen de kaarten alweer anders liggen. De winnaars van vandaag kunnen dan de verliezers van de dag worden. De caucus in Iowa heeft vooral aangetoond dat de weg nog heel onvoorspelbaar kan zijn.

Labels: ,

woensdag, december 19, 2007

We hebben een interim-regering

Jaja, na ik-weet-niet-hoeveel dagen (ik denk 193 of zoiets) hebben we dan eindelijk een regering. Weliswaar een interim-regering, maar we zijn al content. Tot als je hoort wie er in zit en welke departementen ze krijgen. Mijn haren gingen omhoog toen ik hoorde dat Didier Reynders het departement Financiën mag behouden. De mens is gewoonweg een ramp op dat ministerie! Daar gaat de kans om de belastingadministratie te reorganiseren en vooral beter te doen werken. En dan zullen we nog maar zwijgen over de vriendjespolitiek waaraan de heer Reynders zich zo vaak bezondigt. Reken er dus maar op dat een paar vriendjes terug in een paar hoge functies worden geheven en dat bepaalde lobby's weer hun stempel zullen kunnen drukken op enkele belastingsmaatregelen. Ik had nochtans verstaan in de verkiezingscampagne dat CD&V echt wou dat er verandering komt op dat departement en dat Reynders daar dringend weg moest. Weeral een verkiezingsbelofte die ze niet waarmaken.

Nu het kan nog erger. Ik had deze middag op de radio de naam André Flahaut horen vallen. Komaan zeg! Als er nu één onbekwame paarse minister was, dan is het toch wel André Flahaut. Ik las een paar weken terug het verhaal van de flaters van Flahaut in Knack en dan kan je u gewoonweg niet voorstellen dat men deze mens nog een ministerpost willen geven. Gewoon het gedacht alleen al! Maar ja, een bepaalde Waalse wapenfabrikant zal terug content zijn.

En het raarste moet nog komen. Een MR-minister gaat de speciale klimaatminister worden. Wat een lachertje. Precies of zij gaan echt iets doen aan het milieu. De partij die volledig gecorrumpeerd is geworden door de macht en eerder een belangenvereniging lijkt voor enkele bepaalde bedrijven en lobby's. Ik denk dat we niet veel moeten verwachten van de milieumaatregelen. Of er komen er misschien wel, maar dan zal de partij er wel voor zorgen dat enkele grote spelers buiten schot blijven en dat de kleine man het gelag mag betalen.

Als ik dat allemaal hoor en lees, weet ik niet meer of ik nog wel blij moet zijn met deze interim-regering. Nu ja, ik zal mij maar troosten aan de gedachte: "beter een slechte regering dan geen regering." Maar nu voel ik al dat het omgekeerde soms aantrekkelijker lijkt.

Labels: ,

dinsdag, november 13, 2007

156 dagen

Elke dag zien we de teller naar omhoog gaan. En elke dag zien we geen uitweg uit de impasse. En elke dag spreekt men wel van grote of diepe crisis. En weet je, ik begin het stilletjes aan beu te worden. Hoe lang gaat dit nu nog blijven duren? Wanneer komt er nu in godsnaam eens een regering die de problemen aanpakt? Niet dat ik echt zit te wachten op een oranje-blauwe regering, maar beter nog altijd een slechte regering die tenminste beslissingen neemt dan geen regering.

Natuurlijk geraken we niet uit de impasse als iedereen voet bij stuk houdt. De CD&V wil kartelpartner NV-A te vriend houden en eist dus een grote staatshervorming die de Franstaligen dan weer niet willen. Open VLD wil dan weer geen tripartiete zodat ook die uitgang geblokkeerd wordt. De MR blijft een geste van de Vlamingen eisen nadat de splitsing van BHV brutaal in hun keelgat werd geduwd. De CdH wil niet praten over een staatshervorming want er is geen voldoende meerderheid. De socialistische en groene partijen zijn dan weer niet bereid om de regering op dat vlak te helpen. Terecht natuurlijk, want het is niet aan hen om een regering te vormen. Maar feit is dat zolang er niemand een eerste stap zet we in cirkels blijven ronddraaien.

Ik ben geen politieke analist, maar toch wijs ik met een beschuldigde vinger eerst en vooral naar Yves Leterme. Ik zal niet zeggen dat hij geen capaciteiten heeft om premier te worden, maar de manier waarop hij deze regeringsonderhandelingen heeft aangepakt, is alvast rampzalig gebleken. Hij heeft de hete hangijzers te lang voor zich uitgeschoven. Ik kan begrijpen dat hij eerst een sfeer van vertrouwen wou creëren, maar iedereen herinnert zich toch de vele uitlatingen aan de poort van Hertoginnedal. Op geen enkel moment slaagde hij erin om deze praktijk te stoppen waardoor er meer wantrouwen groeide dan vertrouwen. Bovendien was het misschien ook niet slecht om eerst een paar thema’s aan te snijden waarover iedereen wel een akkoord kan sluiten om het ijs te breken, maar als je merkt dat alles in de schaduw blijft staan van de staatshervorming en de splitsing van BHV, dan moet je toch op een bepaald moment het ook daadwerkelijk op tafel gooien. En het ergste is dat hij deze fout geen één keer heeft gemaakt, maar twee keer. Misschien kwam hij ook te snel in beeld om zijn 800.000 stemmen te verzilveren. Hij had eerst beter Dehaene het veld laten ontmijnen vooraleer het te betreden. Achteraf praten is gemakkelijk en hoge bomen vangen veel wind, maar dat neemt niet weg dat dit toch een grote inschattingsfout is gebleken.

Een andere beschuldigende vinger wijs ik ook naar de CD&V die zichzelf met de rug tegen de muur heeft geplaatst door een kartel aan te gaan met NV-A (helaas, ook al zo’n initiatief van Yves Leterme). En nu zit men klem door het kartel. Men is zodanig in een positie verzeild geraakt dat men slaafs de kleine kartelpartner moet volgen. Dat zagen we nog vorige donderdag toen de partij zich nog kon vinden in “een noodregering van sociaal-economische signatuur”, maar na dreigende taal van NV-A een bocht van 180 graden moest maken. Ik denk dat men vreest dat het opblazen van het kartel hen veel meer stemmen zal kosten dan het opgeleverd heeft. Als men op dit moment de regering laat primeren op het kartel, zal hen dit zwaar worden aangerekend de komende verkiezingen. Want dan zijn ze ook de “gouden” formule voor de verkiezingen kwijt. Dus proberen ze wanhopig om het kartel bij elkaar te houden en de kartelpartner tevreden te houden. En er zijn nu al stemmen in de partij die zeggen dat ze hiervoor zelfs bereid zijn om Leterme als premier op te offeren. Anderen zien dan weer heil om het kartel samen te houden, maar in de oppositie te stappen.

Ik begin het ondertussen stilaan beu te worden om het telkens weer over die staatshervorming te moeten horen gaan. Ik denk dat er andere problemen zijn die dringender zijn dan een staatshervorming. Bovendien blijf ik een staatshervorming toch voornamelijk een politiek gecreëerd probleem vinden, zonder het daarmee te willen minimaliseren. Maar ondertussen worden de gewone mensen wel geconfronteerd met hogere olieprijzen, toenemende armoede, onzekerheid qua loon en werk, onzekerheid qua fiscaliteit, weinig vertrouwen in justitie, dreigende milieuproblemen, …. Dus misschien zouden de politici beter eerst hier voorrang aan geven en dan daarna in alle kalmte en sereniteit over een staatshervorming praten. Kijken wat men best samen doet, zien wat men best apart doet en nagaan wat de beste oplossing is voor de twijfelgevallen. Na 156 dagen mag het al eens tijd worden om echt politiek werk te verrichten.

Labels: ,

donderdag, oktober 25, 2007

Administratieve vereenvoudiging loont?

U zal het ongetwijfeld gehoord hebben. Er zijn plannen om de aangifte in de personenbelasting oftewel uw belastingbrief te vereenvoudigen. Voor gewone loontrekkers en gepensioneerden zouden vanaf nu de gegevens die bij belastingsdienst reeds gekend zijn voorgedrukt worden op de aangifte. Gedaan dus met het overschrijven van uw loonfiches en dergelijke. U hoeft dit alleen nog maar na te kijken, een paar aftrekposten toe te voegen (zoals de leningen voor woningen, pensioensparen, …) en voor akkoord terug te sturen. Een hele administratieve vereenvoudiging. Maar ééntje waar volgens mij een addertje onder het gras zou kunnen zitten.

Wie dit jaar zijn aangifte invulde met Tax-on-Web, de elektronische variant van de belastingbrief, zal al kennis hebben kunnen maken met het systeem. Wanneer uw werkgever of zijn sociaal secretariaat uw loonfiche reeds elektronisch heeft doorgestuurd naar de belastingen, werden deze gegevens reeds ingevuld voor u. Ook een paar banken hebben een lijst van het pensioensparen elektronisch doorgestuurd naar de belastingen, waardoor ook deze gegevens mogelijks reeds vooraf werden ingevuld. U hoefde deze codes enkel nog maar eens na te kijken en als alles in orde was, kon je die makkelijk doorsturen. Voor ons boekhoudkantoren was dit systeem ook een hele vereenvoudiging, want u kon het detail van de fiches opvragen en zo hoefden wij niet nodeloos de fiches op te vragen aan de klanten.

Maar wat leerde ons de ervaring? Dat de belastingen alles wel mooi invulden, maar dat ze zelf geen gebruik maakte van enkele fiscale optimalisaties. Nemen we bijvoorbeeld de tegemoetkoming voor het woon-werkverkeer. Een deel van of, onder bepaalde voorwaarden, het hele bedrag kan vrijgesteld worden. De belastingen vulde de code in voor de belastbaarheid van de vergoeding, maar vulde de vrijstelling niet zelf in. Wie onoplettend is, moet dus dit bekopen door wat meer belastingen te betalen. Een ander voorbeeld zijn de werkloosheidsuitkeringen. U krijgt een mooie fiche van uw vakbond met de bedragen die ingevuld moeten worden. Ook die worden netjes vooraf ingevuld op de aangifte. Alleen mag u van dit bedrag de betaalde vakbondsbijdragen aftrekken. Deze bijdrage wordt niet automatisch van het bedrag afgehouden, met als gevolg dat wanneer u hierop niet let u terug wat meer belastingen mag betalen.

Het zijn allemaal kleine dingen waar je als fiscalist op de hoogte van bent en op let, maar ik kan verstaan dat voor een leek het niet allemaal zo simpel is. En dat wanneer hij zo’n vooringevulde aangifte krijgt hij het al gauw voor akkoord tekent zonder gebruik te maken van een paar verminderingen waarop hij recht heeft. Natuurlijk is het al een stap in de goede richting en een administratieve vereenvoudiging, maar ik vind dat men als overheid ook een extra stap kon zetten en de aangifte op zo’n fiscaal optimale manier kan vooraf invullen. Die vrijstelling van woon-werkverkeer is iets wat men perfect vooraf kan invullen, dus waarom het niet doen? Ik ben wel al blij dat men nog niet spreekt van het feit dat men bij de aangifte ook een berekening bijvoegt waarbij je op basis van die aanslag akkoord kan gaan. Omdat dit nog meer de poort openzet dat de overheid berekeningen maakt in hun voordeel.

Wat ik mij ook bedenk bij deze administratieve vereenvoudiging is dat men niets doet aan een vereenvoudiging van het fiscaal recht. Het blijft allemaal complex en ingewikkeld en enkel wie zich een belastingconsulent kan veroorloven, weet zijn aangifte nog te optimaliseren. De rest loopt waarschijnlijk soms verloren in het doolhof van maatregelen, aftrekpostjes, en dergelijke. Het vereenvoudigen van de aangifte is een nobel doel, maar het heeft geen enkel effect zolang er geen vereenvoudiging komt van het systeem. In een voor iedereen duidelijk kader is het makkelijker om te controleren of uw aangifte wel correct is, alles is aangegeven en dat je van alle fiscale gunstmaatregelen hebt kunnen genieten. Zolang dat niet gebeurt, dreigt alleen de overheid voordeel te hebben bij de administratieve vereenvoudiging.

Labels:

zaterdag, oktober 13, 2007

Op zoek naar een nieuwe president - deel 3

President worden doe je niet alleen. Je hebt daarvoor een ijzersterk team nodig die je volledig kan vertrouwen en die een meerwaarde kan vormen in de campagne. De presidentskandidaten in Amerika zijn volop aan het zoeken naar hun dreamteam die hen naar de overwinning kan leiden. En dat gepaard met heel wat heen-en-weer getrek aan de mouwen van de belangrijke adviseurs die de beide partijen ter beschikking hebben. Vorige week gaf Derk Jan Eppink in Knack een glimp achter de schermen van de zoektocht naar het perfecte dreamteam.

Daarbij kwam vooral de staf rond Hillary Clinton aan bod, haar zogenaamde Hillaryland. Deze bestaat uit een vijftiental vrouwen die Hillary goed kent van haar tijd in het Witte Huis als presidentsvrouw en van haar tijd in de Senaat. Samen zorgen zij voor de campagne. Er is Mandy Grunwald, de dochter van de voormalige hoofdredacteur van Time, die als hoofd van de campagne de strategie uittekent en die een belangrijke stem heeft in het mediaoptreden van Hillary. Daarnaast zijn er An Lewis en Caprica Marshall die de vrouwelijke kiezers moeten overtuigen om voor Hillary te stemmen, terwijl Maggie Williams zich eerder richt op de zwarte bevolking. Daarnaast kan Hillary ook rekenen op Huma Abedin die haar begeleidt op al haar reizen of op Patti Solis Doyle die een echte toeverlaat en vertrouwelinge is van de voormalige presidentsvrouw.

Naast haar staf trekt Hillary Clinton ook heel wat adviseurs aan Een belangrijke pion in haar campagne daarbij is de man Mark Penn, de directeur van het PR-bedrijf Burson-Marsteller en van het opinieibureau Penn, Schoen and Berland Associates. Hij is enerzijds een politieke strateeg die een scherp oog heeft voor trends en ontwikkelingen in de kiezersmarkt. Anderzijds moet hij ook de aversiescore van Hillary – 48% van de Amerikanen zegt nooit op Hillary te zullen stemmen – naar beneden te halen aan de hand van sympathieke beelden en optredens. Andere adviseurs worden ook binnengehaald met het oog op een bepaalde doelgroep. Zo haalde Clinton de godsdienstgoeroe Burns Strider als adviseur binnen om stemmen te halen bij de gematigde christenen. Sinds dan praat Hillary regelmatig in haar campagne over haar geloof, bidsessies en haar innige band met God die haar raad moet geven. En mocht zij de nominatie binnenhalen, dan is de verwachting dat zij latinopresidentskandidaat Bill Richardson zou aantrekken als vice-president om zo de latinostem binnen te halen.

Natuurlijk moet Hillary een harde strijd voeren om de beste adviseurs binnen te krijgen, vermits er nog meer Democratische kandidaten zijn. Daarbij valt vooral een bitse strijd op tussen Hillaryland en de Obamarebellen van de Black Kennedy, Obama Barack. Beiden willen grabbelen uit de adviseurskringen rond de vroegere president Bill Clinton. Hierbij valt op dat de oudgedienden eerder neigen naar de kant van Hillary, zoals Madeleine Albright, terwijl de jongere garde het meer heeft voor Obama. Die laatsten zien meer heil in het nieuwe en verse dat Obama uitstraalt, terwijl ze tegelijkertijd ook willen vermijden dat er naast de Bush-clan er een nieuwe presidentsdynastie ontstaat. De andere Democratische kandidaten moeten vaak noodgedwongen hun adviseurs elders gaan zoeken. Zo probeert de derde belangrijkste Democratische kandidaat, John Edwards, steun en stemmen te zoeken door terug te vallen op de Amerikaanse vakbonden. Ook heeft hij internetspecialist Jo Trippi binnengehaald om via het web het beter te doen dan Clinton en Obama.

Ook in het Republikeinse veld wordt er natuurlijk een strijd gevoerd om het beste team en de beste adviseurs. Maar van daaruit zijn er minder gunstigere stemmen te horen. De partij leidt onder onderlinge ruzies, schandalen, vermoeidheid en weinig animo onder de militanten. Oud-burgemeester van New York, Rudy Giuliani, kan daarbij toch nog de beste papieren voorleggen. Voor zijn staf , Rudy’s Team, kan hij op twee groepen leunen: zijn oude burgemeesterskabinet en zijn advocatenkantoor Giuliani Partners LLC. Zijn belangrijkste toeverlaat is Tony Carbonetti, die ook wel eens Rudy’s brein wordt genoemd en kabinetschef onder zijn burgemeesterschap was. Toch speelt het verleden van Tony hem parten. Hij werd van de Universiteit van Boston weggestuurd en werd later enorm verleid door de gokwereld. De staf bestaat verder uit twee belangrijke pionnen. Chris Heninck is de politieke strateeg ,die nog in dienst werkte van Karl Rove, die Bush twee keer in het Witte Huis loosde, en Michael Duhaime, de campagneleider die dodelijke efficiënt was in de campagne van George W. Bush in de noorderlijke staten van de VS. Qua adviseurs kan Giuliani al rekenen op ex-presidentskandidaat George Forbes en de haviken Charles Hill en Norman Podhoretz. Maar zijn team heeft ook al een zware mokerslag gekregen. Giuliani heeft een probleem met de conservatieve basis van de Republikeinen. Hij is voor de derde keer getrouwd, hij is voor abortus, voor een verbod op wapens en voor een gelijke behandeling van homo’s. Om de stemmen van de conservatieve Republikeinen niet te verliezen koos hij David Vitter, een uitgesproken conservatieve senator, uit als running mate. Maar toen conservatieve politici bordeelbezoek via federale wetgeving aan banden wilde leggen, publiceerde de eigenares van een escort service de GSM-nummers van een aantal prominente conservatieve stemmen, waaronder die van David Vitter. Hij moest zijn zonde bekennen en het schandaal maakte dat hij zich uit de strijd moest trekken.

Tegenstanders van Giuliani hebben dan weer af te rekenen met hun eigen problemen. Belangrijkste tegenkandidaat leek lange tijd John McCain te worden. Maar een slechte fondsenwerving en een grote ruzie in zijn campagnestaf maakte dat zijn schip een beetje doelloos ronddobbert. Mitt Romney heeft dan weer zijn uitstraling tegen. Hij is een mormoon. Dat maakt aan de ene kant dat hij wel perfect is als conservatief: perfect gekleed, getrouwd, geen escapades en voorbeeldig optreden. Maar aan de andere kant zien heel wat (conservatieve) Amerikanen mormonen maar als een griezelige sekte.

Voorlopig is iedereen nog volop bezig met het zoeken naar zijn eigen dreamteam en de basissen daarvoor zijn al gelegd. Het hoeft geen betoog om uit te leggen hoe belangrijk de juiste mensen en adviseurs zijn in een presidentiele campagne. Want de verkeerde mensen aantrekken kan verstrekkende gevolgen hebben. Maar iedereen is voorlopig nog aan het zoeken naar zijn eigen Karl Rove, de man die George W. Bush hielp verkozen te worden.

Labels: ,

dinsdag, oktober 09, 2007

Europese dag tegen de doodstraf

Morgen, 10 oktober, is door de Raad van Europa uitgeroepen tot Europese dag tegen de doodstraf. De NGO’s riepen de dag enkele jaren terug al uit tot wereldwijde dag tegen de doodstraf en nu schaarst zich dus ook Europa achter dit initiatief. Al ging dat niet over rozen, want Polen lag en ligt nog altijd dwars. Zij wilden dat Europa zich niet alleen uitsprak tegen de doodstraf, maar ook tegen abortus en euthanasie. Daarenboven klinken er in Polen ook steeds meer stemmen, ook uit de mond van president Kaczynski, om de doodstraf terug in te voeren. Hierdoor dreigde heel even het initiatief in het water te vallen, maar uiteindelijk werd de stemming verschoven van de Europese Unie naar de Raad van Europa, waar het voorstel het wel haalde, vermits hier geen absolutie unanimiteit geldt bij het stemmen.

Misschien eerst een paar cijfers en feiten over de doodstraf. In 2006 werden 1.591 mensen geëxecuteerd in 25 landen en werden nog eens 3.861 mensen veroordeeld tot de doodstraf. Dit zijn enkel nog maar officiële cijfers die bekend zijn gemaakt. De werkelijke cijfers liggen volgens Amnesty International nog veel hoger. 91% van de bekende gevallen vonden plaats in slechts 6 landen: China(1.010 mensen), Iran(177), Irak(65), Soedan(65), Pakistan(82) en de Verenigde Staten(53). In totaal zouden er nog tussen de 19.185 en 24.646 mensen wachten tot wanneer hun doodstraf wordt uitgevoerd. De doodstraf wordt in een paar landen ook toegepast op kinderen en jongeren onder de 18 jaar. Zo stierven er in 2006 4 kinderen in Iran en 1 kind in Pakistan door de uitvoering van een doodstraf. Tot maart 2005 konden in Amerika kinderen veroordeeld worden tot de doodstraf. Nu is de wet aangepast en is de minimumleeftijd verhoogd tot 18 jaar. Toch gebeurden de meeste executies op kinderen in de periode 1990-2005 in Amerika, samen met Iran. Uit cijfers blijkt ondertussen ook dat er in Amerika sinds 1973 123 gevangenen ten onrechte veroordeeld werden tot de doodstraf, waaronder nog ééntje in 2006. In een aanzienlijk aantal van de gevallen was de straf reeds uitgevoerd.

In totaal bestaat de doodstraf nog in 69 landen, maar het aantal landen dat er werkelijk gebruik van maakt, daalt wel elk jaar. 88 landen hebben ondertussen de doodstraf volledig geweerd uit hun strafrecht. 11 landen hebben de doodstraf afgeschaft, tenzij voor uitzonderlijke omstandigheden zoals oorlogsmisdaden. 29 landen hebben de doodstraf nog steeds in hun strafrecht, maar de afgelopen 10 jaar hebben ze er geen gebruik meer van gemaakt. Dat maakt dat er dus 128 landen de doodstraf feitelijk of praktisch hebben afgeschaft, dus ongeveer 2/3 van de landen. In de andere landen bestaat de doodstraf nog in de vorm van onthoofding, elektrocutie (enkel nog in de VS), ophanging, dodelijke injectie, vuurpeloton, vergassing, steniging en doodsteking. Ondertussen worden er steeds meer internationale verdragen opgesteld tegen de doodstraf, zoals Protocol nr. 13 in Europa die de doodstraf in alle gevallen verbiedt. Dit protocol werd door 37 landen reeds geratificeerd en werd door 7 Europese landen (waaronder Polen) reeds onderschreven maar nog niet geratificeerd.

Zelf ben ik ook tegen de doodstraf in alle omstandigheden. En ik ben verontwaardigd wanneer ik lees dat de doodstraf ook nog de dag van vandaag wordt toegepast op kinderen of dat in Amerika met zijn rechtsysteem er nog steeds onschuldigen worden terechtgesteld. De doodstraf is iets onherstelbaars. Men heeft ook niet het recht heeft om iemand anders te doden, ongeacht wat hij gedaan heeft. Voor mij is de doodstraf moreel niet verdedigbaar, zeker niet in deze moderne tijden. Bovendien zijn de methodes die men gebruikt ook vaak gruwelijk. Ik mag er niet aan denken hoe een ter dood veroordeelde moet lijden wanneer hij gestenigd wordt of geëlektrocuteerd. En ook de omstandigheden waarvoor men het gebruikt zijn vaak helemaal niet te rechtvaardigen. De doodstraf wordt in de landen vaak gebruikt als politiek pressiemiddel om tegenstanders definitief uit te schakelen. Daarnaast blijkt uit onderzoek dat de doodstraf ook vaak een discriminerende inslag heeft en dat minderheden vaker getroffen worden. Tenslotte bestaan er ook twijfels over de effectiviteit van de doodstraf. De doodstraf blijkt vaak niet echt afschrikwekkend te zijn, maar in tegendeel zelfs voor meer criminaliteit te zorgen. Maar in feite is de doodstraf één grote schending op de rechten van de mens. Iets prehistorisch en niet meer van deze tijd. Iets wat dringend over de hele wereld moet afgeschaft worden. Daarom is het goed om er morgen nog eens bij stil te staan bij de Europese dag tegen de doodstraf.

Labels:

maandag, oktober 08, 2007

Op zoek naar een nieuwe president - deel 2

In november 2008 zijn er in Amerika presidentsverkiezingen. Via de serie The West Wing leer ik veel bij over hoe een presidentsverkiezing in elkaar zit en hoe de presidentskandidaten worden gekozen. Iets wat mij daarbij opvalt is het grote belang van peilingen, polls , enquêtes, …. Ik ben mij er altijd wel al van bewust geweest dat polls een belangrijke rol spelen in een campagne. Maar als ik de serie bekijk, schrik toch wel altijd even van de grote invloed die polls tegenwoordig hebben. Echt bijna alles wordt gebaseerd aan de hand van polls en peilingen. Er wordt nagegaan wat de kiezers denken van een kandidaat, hoe ze hem omschrijven, wat zijn minpunten zijn, met welke thema’s hij kan scoren, op welke gebieden hij zich sterker moet profileren, wat de thema’s van de campagne zijn, …. Maar het gaat verder dan de campagne, ook de inhoud en het beleid wordt vaak bepaald door polls. Dat komt ook sterk naar voren in de hele reeks wanneer het gaat over het gewone presidentschap. Men laat vaak zien hoe een beleidsmaatregel eerst gepolst wordt bij een panel vooraleer men de maatregel neemt. Men gaat na wat de reacties zijn en stuurt desnoods de maatregel bij.

Je ziet in de reeks hoe een hele campagne gebaseerd is op deze polls en peilingen. De hele campagne door leeft men van peiling tot peiling in de hoop dat men eerste blijft of men het verschil met de koploper inloopt. En op de vergaderingen met de campagneteam worden de uitgevoerde polls uitvoerig besproken om te zien hoe men zijn beleid kan ombuigen zodat men er voordeel uit haalt. Men analyseert de uitslagen om te zien op welke gebieden men zich best kan profileren en in welke domeinen de kiezers weinig vertrouwen hebben in de kandidaat. En men ontdekt er ook wat de kiezers graag willen horen en hoe men de kiezer naar de mond kan praten. In de afleveringen zie je bijvoorbeeld hoe men probeert de kandidaat in de voorverkiezing die dingen te laten zeggen wat de mensen graag willen horen. Ook al is de kandidaat er zelf niet mee eens. Maar als hij het openlijk durft te zeggen, weet hij dat zijn populariteit een deuk krijgt. In de serie wordt het beeld een beetje geromantiseerd en durft de kandidaat al eens te zeggen wat hij echt denkt zonder zich iets van de peilingen aan te trekken. Ik ben benieuwd of dit in het echt ook het geval is.

Het feit dat men zijn campagne, maar vooral zijn beleid laat afhangen van polls en peilingen verontrust mij toch wat. Polls en peilingen heeft in een campagne zeker zijn meerwaarde. Het is goed om te weten wat je goede en minder goede kanten zijn. Het is ook een goed instrument om te weten wat er onder de bevolking leeft. Maar het feit dat men zijn beleid en inhoud laat afhangen van die polls, vind ik een kwalijke en verontrustende kant. Het feit dat men bepaalde dingen niet kan zeggen omdat de peilingen het vertellen stoort mij een beetje. In de serie komt dit aan bod tijdens de voorverkiezingen waar men in een bepaalde staat nog leeft van de oude industrie. En iedereen weet dat dit niet meer te handhaven is en dat men eigenlijk moet omvormen. Maar omdat het volk daarvan niet wil horen, belooft men dus meer subsidies voor de staat in plaats van de waarheid te zeggen. En iedereen weet dat subsidies geven een verkeerde maatregel is, maar de peilingen vertellen dat de mensen dat niet willen horen.

Ik vraag me eigenlijk af hoe het in feite in België zit met deze evolutie. Ik heb de indruk dat de partijen ook hier leven van peiling naar peiling en van verkiezing naar verkiezing. En ik kan me ook niet van de indruk ontdoen dat ze gebukt gaan onder die peilingen. Kijk maar naar de VLD de afgelopen twee jaar die gebukt ging onder de dalende trend in de peilingen. Ik weet wel niet in welke mate polls een rol spelen in het beleid. Doet men hier in België aan veldwerk om te kijken wat er in een programma moet staan of niet? En gebruikt men polls om het beleid bij te sturen? Stelt men hier ook een maatregel op en toets men die dan ook eerst aan een panel vooraleer hem echt bekend te maken zoals je ziet in The West Wing? Ik weet het niet echt, maar dat er een invloed is van peilingen is wel duidelijk. En ook hier verontrust mij dat wat. Omdat ik vrees dat men te slaafs wordt van de peilingen en de polls. Een politicus moet daar kunnen bovenstaan en ons trachten te overtuigen van zijn eigen gelijk en geloof. Hij moet ons niet zeggen wat we willen horen, maar wat we moeten horen. Ik vrees echter dat peilingen en polls hierop een rem zetten.

Labels: ,

zaterdag, oktober 06, 2007

Op zoek naar een nieuwe president - deel 1

Het is nog een hele tijd voor we weten wie de opvolger wordt van George W. Bush. We moeten hiervoor nog wachten tot november 2008. Maar toch is Amerika al volop in de ban van de presidentsverkiezingen. Dat komt omdat de kandidaten zich volop aan het profileren zijn voor de voorverkiezingen die vanaf januari starten en die eindigen in augustus met de Nationale Conventies. Het zijn verkiezingen waar iedereen naar uitkijkt en ze krijgen al volop de nodige aandacht, ook in de Belgische pers. En dus wordt mijn nieuwsgierigheid ook geprikkeld. Een extra stimulans voor mezelf is daarbij ook nog de fantastische serie The West Wing die ik momenteel op DVD aan het volgen ben. In het zesde seizoen gaf deze serie al een blik achter de schermen van de voorverkiezingen en de Nationale Conventie. In het zevende en laatste seizoen, hetwelke ik nu aan het bekijken ben, ligt de focus dan weer op de echte strijd om het Witte Huis. Via deze fictie en realiteit probeer ik zo mij een beeld te vormen van de echte strijd.

Ik geef toe dat de serie The West Wing mij hierbij al heel veel dingen heeft geleerd. Eerst en vooral het hele systeem van de voorverkiezingen ter voorbereiding van de Nationale Conventie. De voorverkiezingen zijn in feite een afvalrace tussen de verschillende kandidaten van dezelfde partij. Zij moeten in de 50 verschillende staten een aparte campagne voeren om de kiesmannen achter hun te krijgen. Die kiesmannen zijn heel belangrijk, want het zijn zij die de staat vertegenwoordigen op de Nationale Conventie en zullen bepalen wie de uiteindelijke presidentskandidaat voor de partij zal worden. En gaandeweg de voorverkiezingen, die over het ganse land in tijd zijn gespreid met een paar uitschieters zoals Super Tuesday wanneer een paar belangrijke staten op dezelfde dag voorverkiezingen houden, blijkt al snel wie er enige kans maakt en wie beter kan afhaken. Maar niets is gezegd dat er geen verrassing kan komen op de Nationale Conventie zelf. Er kunnen zich dan nog nieuwe kandidaten aanbieden als consensusfiguur en onder druk van het partijsysteem kunnen kandidaten gedwongen worden terug te treden.

Tijdens de voorverkiezingen komen de nationale thema’s minder aan bod. Het is belangrijker dat men elke staat voor zich probeert te winnen en de nadruk ligt tijdens de voorverkiezingen dan ook op de regionale thema’s. Want elke staat heeft zijn eigen mentaliteit, problemen, vragen, …. Elke staat moet dus anders aangepakt worden waardoor er soms minder ruimte is voor nationale thema’s. Bovendien is de aanpak van de campagne ook verschillend van staat tot staat. In de kleinere staten Iowa en New Hampshire, waar de eerste voorverkiezingen plaats vinden, is het bijvoorbeeld gebruikelijker dat de presidentskandidaten bij de verschillende kiesmannen thuis gaan om hun ideeën kenbaar te maken. In de grotere staten kennen we dan meer de massa-aanpak met grote toespraken op grote podia voor een groot publiek. Maar bij beiden moeten de kandidaten toch dicht bij de mensen staan. Het gaat vaak om de individuele problemen van de kiezers of groep kiezers. Men moet aandacht hebben voor de lokale problemen van de burger en er voorstellen uit putten om de dingen beter te doen gaan. Men moet ook kunnen terugvallen op de kleinere, regionale partijbasissen om campagne te voeren. Het zijn die kleine partijbasissen die toch veel macht kunnen uitoefenen in die periode en presidentskandidaten tot beloften kunnen doen dwingen.

In feite zijn de voorverkiezingen een heel interessante periode in de strijd om het presidentschap. Maar omwille van de regionale inslag krijgen ze natuurlijk heel wat minder aandacht in Europa. Wij beperken ons liever tot de nationale tendensen. Zo zullen de eerste uitslagen in de voorverkiezingen aan bod komen en wordt er zeker aandacht geschonken aan Super Tuesday, maar vele voorverkiezingen zullen enkel maar een voetnoot in de actualiteit vormen. Tenzij een aardverschuiving teweeg brengen en een kandidaat doen uit de race stappen. Hierdoor gaat een belangrijk onderdeel van de Amerikaanse presidentsverkiezingen aan ons oog voorbij. Een onderdeel waarbij de toekomstige president zich nog gewoon tussen de gewone burger begeeft en luistert naar zijn individuele problemen.

Labels: ,