woensdag, november 05, 2008

Overwinningstoespraak President-Elect Barack Obama

Labels:

President Barack Hussein Obama

De 44ste president van Amerika is eindelijk bekend en het is zoals de peilingen het voorspelden Barack Obama geworden. Momenteel zijn nog niet alle stemmen gestemd, maar Obama heeft reeds 338 kiesmannen verzameld, terwijl McCain achterop hinkt met 163 stemmen. Het is nog wachten op de stemmen van North Carolina, Indiana en Missouri, maar bij de voorlopige telling staat Obama in de eerste twee staten voor en haalt McCain enkel nog Missouri binnen. De resultaten liggen nog heel dicht bij elkaar en moeten dus nog bevestigd worden. Maar als ze kloppen dan klokt Obama af op 364 kiesmannen en McCain op 174 kiesmannen.In de popular vote behaalt Obama op dit moment 59.525.420 stemmen (52%) tegenover 53.557.837 stemmen voor McCain (47%). Uit de exit polls van CNN blijkt dat het vooral de vrouwen zijn die op Obama (56%) hebben gestemd, terwijl de mannen evenredig verdeeld waren (elk 49%). Bij de leeftijdsgroepen valt de verwachte goede score op voor Obama in de leeftijdscategorie 18-29 (66%). In de leeftijdcategorie 30-44 haalt hij ook nog een meerderheid met 52%, maar bij de oudere kiezer valt hij minder in de smaak. De kiezers tussen 45-64 jaar worden nog evenredig verdeeld (elk 49%), maar vanaf 65 jaar haalt McCain een meerderheid met 53%.

Er werd voorspeld dat Obama met een landslide zou winnen. Met een resultaat van 364 tegenover 174 kiesmannen heb je ook het gevoel dat dit zo is, maar wie de resultaten bekijkt, moet toch toegeven dat Obama niet echt een verandering heeft toegebracht in het zuiden en het midwesten van het land (uitgezonderd New Mexico en Colorado). Die delen van het land blijven rood kleuren. Aan beide kusten en vooral het midoosten van het land heeft hij zeer goed gescoord en kan hij zelfs enkele staten doen wankelen. Bekendste en meest opvallende resultaat is Virginia die in meer dan 40 jaar niet meer voor de Democraten had gestemd, maar waar nu Obama met 52% wint. Ook Iowa was zo’n voormalig Republikeins bolwerk, maar daar wint Obama nu met 54%. Daarnaast wint hij in de belangrijke staten Florida (51%), Ohio (51%), Pennsylvania (55%), New Mexico (57%) en New Hampshire (55%). Samen met de grote staten New York (62%) en California (60%) vormen deze staten de sterke fundamenten van zijn overwinning. Maar zoals gezegd, McCain bleef overeind in het zuiden en de midwest van het land. Vaak won hij ook overtuigend deze staten met scores rond de 60%. En een opluchting voor hem zal zijn geweest dat zijn thuisstaat Arizona uiteindelijk niet echt een battleground state bleek te zijn, want hij haalde er 54% van de stemmen, een stuk hoger dan wat peilingen deden vermoeden de laatste dagen. Maar doordat hij geen van de echt belangrijke staten kon binnenhalen, zat er niets anders op dan heel vroeg zijn nederlaag toe te geven.

Zelf ben ik ontzettend blij dat Obama het gehaald heeft. Er waren een paar redenen waarvoor ik een jaar geleden mijn steun betuigde aan Obama. Qua voorverkiezing bij de Democraten verkoos ik hem boven Hillary Clinton (die vandaag beseft dat ze nooit presidente zal worden) omdat het mij geen goede zaak leek dat de macht van één van de belangrijkste landen terug in een familieclan bleef. We hadden eerst Bush sr., dan Bill Clinton en tenslotte nog eens 8 jaar Bush jr. Om daar nu terug eens voor minstens 4 jaar een Clinton aan toe te voegen, vond ik eerlijk gezegd geen goede zaak. Maar er waren belangrijkere redenen waarvoor ik voor Obama koos. Er was het feit dat hij een inspirerende figuur is en een kandidaat die het meest het woord “hope” en “change” belichaamde, iets waar toch de hele wereld met betrekking tot Amerika aan toe was. Zijn jeugdige looks en idealistische motieven spraken ook tot mijn verbeelding. Daarnaast werd ik ook nog meer overtuigd door hem door zijn boek De herovering van de Amerikaanse droom te lezen. Daarin maakte hij een balans op van Amerika de dag van vandaag en gaf hij zijn eigen visie van hoe Amerika er in de toekomst moest uitzien. Door dit boek besefte ik dat hij meer was dan een louter symboolfiguur, maar dat er een heuse inhoud achter schuil ging. Obama is zeker één van de meer intelligentere politici in de wereld die zeer goed is in het analyseren van situaties en om daar rustig oplossingen voor te zoeken. Ik kan ook niet ontkennen dat zijn symboolfiguur doordat hij eerste zwarte president zou kunnen worden ook een grote rol heeft gespeeld. Ik zou niet op hem stemmen juist omdat hij zwart is, maar wel om aan te tonen dat huidskleur helemaal geen rol mag spelen wanneer het gaat over de juiste figuur om een land te leiden. En die juiste figuur was Barack Obama. En daarom kreeg hij ook mijn voorkeur.

Nu worden we overal gewaarschuwd dat de verwachtingen te hoog gespannen zijn en dat Obama wel eens een grote ontgoocheling zou kunnen zijn. Tuurlijk zijn de verwachtingen te hoog, maar toch heb ik vertrouwen in hem. Ik denk dat we te maken hebben met iemand die niet ondoordacht te werk zal gaan en die Amerika echt wel op het juiste spoor wil brengen. Gewoon dat al, samen met de nieuwe wind die hij in het Witte Huis brengt, is al een grote sprong voorwaarts. Natuurlijk zal hij niet al zijn beloften kunnen nakomen, dat zal ook moeilijk gaan met de grote krater die Bush achterliet in het budget, maar ik denk dat hij wel de eerste, misschien kleine stappen in de goede richting kan zetten. En hij zal moeten leren zijn bevolking even geduldig te zijn als hijzelf. Sommige zeggen dat hij alvast de wind mee in de zeilen heeft doordat ook de Democraten in zowel het huis van afgevaardigden als in de senaat een meerderheid heeft. Eerlijk gezegd denk ik dat dit een zegen en een vloek kan zijn. Een zegen omdat het wetgevende werk waarschijnlijk een stuk vlotter zal gaan. Maar aan de andere kant kan het ook een vloek zijn omdat de groep van uiterste liberale mensen hem teveel naar links willen doen duwen, terwijl hij zelf een meer gematigdere koers zal moeten varen met het oog op 2012 en zijn herverkiezing. Het zal dus zoeken worden om een goede balans te vinden tussen wat zijn partij wilt en wat de bevolking wilt. En voor wie dus hoopt dat abortus nu aanvaardbaar en wettelijk toegelaten wordt, het homohuwelijk wordt gepromoot, etc. onder Obama zal misschien de grootste ontgoocheling oplopen dat Obama Amerika op dat vlak geen 180° zal doen keren. Hij zal hier dus een kleine stap vooruit moeten maken zonder te bruskeren.

Zijn belangrijkste taak op dit ogenblik is om zijn kabinet samen te stellen. Vermits het land met grote problemen kampt, zal dit proces zeer snel moeten verlopen zodat het team er op 20 januari staat en meteen aan de slag kan gaan. De samenstelling van dit kabinet zal meteen duidelijk maken welke weg Obama wilt bewandelen en het wordt meteen een eerste graadmeter. Hij heeft 22 maanden campagne gevoerd, maar nu begint het pas. Nu moet hij het land leiden en moet hij reeds campagne voeren om in 2012 herverkozen te geraken. Ik wens hem alvast veel succes toe en heb er het volste vertrouwen in dat hij de mensen uiteindelijk niet zal teleurstellen.

Labels:

zondag, november 02, 2008

De ontknoping is nabij

Het voelt voor velen waarschijnlijk aan zoals het voor mij aanvoelt. Het is precies of de Amerikaanse verkiezingen een eeuwigheid hebben geduurd. Maar eindelijk komt er een einde aan. Hopelijk weten we woensdagochtend wie er de nieuwe president wordt en moeten er weer geen hoop advocaten, processen, hertellingen en dergelijke aan te pas komen. Maar voorlopig ziet het er naar uit dat dit niet het geval zal zijn, maar deze campagne heeft al zoveel verrassende wendingen gekend dat we het toch niet mogen uitsluiten. En we mogen ook nog niet uitsluiten dat Republikein John McCain het toch nog haalt, want uiteindelijk is hij een comeback kid. Al ziet het er toch niet zo goed uit voor hem, maar het is en blijft uiteindelijk Amerika.

Velen zien nog altijd een mogelijkheid dat er een Bradley-effect optreedt en dat vele mensen dus aan de opiniepeilers zeggen dat ze wel voor Barack Obama gaan stemmen, maar in het stemhokje het toch niet over hun hart krijgen om voor een zwarte president te kiezen en dus voor John McCain kiezen. Het antwoord zullen we weten komende woensdagochtend. Zelf twijfel ik wat aan het Bradley-effect. Als je weet dat je toch niet gaat stemmen op Obama omdat hij zwart is, dan kan je toch perfect aan de opiniepeiler zeggen dat je voor McCain stemt. En McCain geeft je zelf heel wat argumenten aan waarom je dat zou doen zonder dat je daarvoor moet uitkomen voor je rassenprobleem. In Knack van deze week haalden ze het Bradley-effect ook aan en verwezen ze daarbij naar het feit dat Vlaams Blok ook bij ons in peilingen steeds ondergewaardeerd werd. Maar ik vind dat dit een heel andere situatie is. Daar is het veel moeilijker om je van je racisme te distantiëren als je kiest voor een racistische partij. En zeg je dus gauw dat je op een andere partij stemt. Maar bij deze Amerikaanse verkiezingen hoeft de kiezer toch niet te liegen. Hij zegt gewoon dat hij voor McCain stemt en als men vraagt waarom zegt men dat men Obama te onervaren vindt. Dus ik vermoed dat het Bradley-effect niet echt zo gaat meespelen.

Dat maakt niet dat Obama niet meer moet vechten deze laatste dagen. Want in de peilingen krijgt hij er een zorgenkind bij. Pennsylvania stond twee weken geleden nog veilig in de kolom van Obama en hij had er een voorsprong van 12 procent. Nieuwe peilingen dit weekend laten zien dat Pennsylvania aan het keren is en dat het een swing state wordt, want de voorsprong van Obama is er geslonken tot 4 procent. McCain heeft de voorbije dagen intensief campagne gevoerd in de staat en dat werpt duidelijk zijn vruchten af. Willem Lust van het Nederlandse actualiteitenmagazine Nova ziet in Pennsylvania dan ook de oplossing voor het vraagstuk wie de nieuwe president wordt. Wint McCain deze staat, dan ligt de strijd nog open. Verliest hij echter deze staat, dan mag je er zeker van zijn dat Obama president wordt. Maar ook al verliest Obama deze staat, dan heeft hij nog voldoende reserves om zeker te zijn van 270 kiesmannen. Maar het zou toch een morele opdoffer zijn tijdens de verkiezingsnacht.

Aan de andere kant moet McCain zich dan weer zorgen maken over zijn eigen thuisstaat Arizona, waar daar hebben we het omgekeerde effect van Pennsylvania. McCain stond lange tijd serieus voor in de peilingen met uitschieters van meer dan 20% voorsprong. Nieuwe peilingen wijzen echter uit dat Obama, zonder campagne te hebben gevoerd in de staat, nog maar 4% achter ligt. Het campagneteam heeft dan ook beslist om dit weekend een paar advertenties op televisie te lanceren. Verlies in zijn eigen thuisstaat staat gelijk met een compleet gezichtsverlies voor John McCain. Hij lijdt nu al gezichtsverlies doordat zijn eigen thuisstaat gedegradeerd is tot swing state. Het duidt op de grote problemen bij de McCain-campagne en dan vooral op het geldgebrek. Alle middelen gaan naar bepaalde swing states, terwijl de eigen achterban in de kou wordt gelaten. Met als gevolg dat zijn voorsprong in vele van de staten waarvan hij zeker was geslonken is.

Daarnaast moet hij ook opletten voor Sarah Palin, die duidelijk niet meer in zijn kansen gelooft. Vorige week uitten een paar McCain-campagneleden hun ongenoegen over Sarah Palin aan CNN. Blijkt dat Sarah Palin hun opmerkingen in de wind slaat, voortdurend afwijkt van de centrale boodschap, zelf eigen aanvallen lanceert, een eigen campagne voert en dergelijke. Toppunt was dit weekend in Florida waar ze campagne voerde en waar nergens de naam McCain in terug te vinden was. Wel de centrale slogan Country first, maar voor de rest kreeg iedereen een bordje waarop Florida is Palinland stond zonder dat McCain vermeldt werd. Het hele evenement werd zelfs noch door de McCain-campagne noch de Republikeinse partij gefinancierd, maar door de plaatselijke Republikeinse kandidaat in Florida. Het is duidelijk dat Sarah Palin zich nu al opmaakt voor de presidentsverkiezingen van 2012. Daarvoor moet ze wel haar tegenstanders in haar eigen partij aan de kant kunnen zetten vanaf 5 november, want als John McCain verliest, zullen er heel wat vingers in haar richting worden gewezen.

Eigenlijk is deze stuiptrekking een finalestuk in een chaotische campagne die John McCain heeft gevoerd. Midden 2007, nog voor de strijd echt moest beginnen, was de campagnekas reeds leeg en hing zijn campagne reeds in de netten. Maar door besparingen en het herstructureren van zijn campagneteam kwam McCain uiteindelijk toch nog aan de eindmeet van de voorverkiezingen van Iowa. Daar werd hij derde, maar het was vooral Super Tuesday waar hij als winnaar uit de bus kwam. Even kon hij meesurfen op de golven van zijn overwinning en het feit dat de Democraten elkaar in de haren vielen over Clinton en Obama. Maar geleidelijk aan raakte zijn campagne terug in het slop. Verkiezingsmeetings waren een dooie boel, er was weinig animo te bespeuren en de mensen haakten af. Pijnlijk waren de momenten waarop John McCain grapjes maakte tijdens zijn townhall meetings en waarop er werkelijk niemand reageerde. Gelddonoren zette hem onder druk om terug zijn campagneteam te herschikken. Er kwamen een paar mensen over van de Bush-campagne en met zijn celebrity-ad kwam een keerpunt in zijn campagne. Maar het echte keerpunt kwam er bij zijn aanduiding van een vice-president. Hij had amper 4 dagen nodig en 1 enkel gesprek met Sarah Palin om deze gouverneur uit Alaska tot zijn running mate te maken. Geïnspireerd door het blijvende ongenoegen van de Democratische vrouwen die in Hillary Clinton het licht zagen. Maar al gauw kwam zijn ondoordachte en impulsieve beslissing als een boemerang terug in zijn gezicht. Sarah Palin blunderde in een aantal interviews en werd een figuur van spot. En dan viel de hemel helemaal op zijn kop. De kredietcrisis sloeg hard toe in Amerika, banken gingen over kop en iedereen gaf de Republikeinen de schuld. Voor een derde keer lag de campagne van McCain in de netten. Een poging om leiderschap te tonen en zijn campagne te schorsen om een oplossing in Washington uit te dokteren was een fatale flater. John McCain had helemaal geen oplossing in zijn koffer toen hij in Washington aankwam, hij speelde een stoorzender in de onderhandelingen voor een bailout plan en wanneer hij uiteindelijk het plan steunde, volgde een meerderheid van zijn eigen partij hem niet. John McCain ging met zijn gezicht op de grond en in de peilingen maakte hij een beursval zoals er zovelen waren in oktober. Bovendien komt hij helemaal niet ongeschonden uit zijn campagne. Hij beloofde een eerlijke en positieve campagne te voeren, maar koos uiteindelijk toch voor een heel negatieve campagne. Het werd op een bepaald moment zelfs zo erg dat zelfs Karl Rove, de slinkse campagnestrateeg van Bush, vond dat John McCain te ver ging. Ook zijn imago als maverick en iemand die de partijgrenzen oversteeg kreeg zoveel deuken te verduren dat er niets meer van over blijft. Als John McCain het Witte Huis niet haalt komende dinsdag lijkt het dan ook een eindpunt in zijn politieke carrière te zijn. Een politieke carrière waarvoor hij veel respect kreeg, maar helaas zal daar na dinsdag weinig van overblijven.

Het verschil met de campagne van Barack Obama is mijlenhoog. Vele media betitelen de campagne van Barack Obama de beste politieke campagne sinds lange tijd, misschien zelfs in de hele moderne geschiedenis. De campagne van Barack Obama is dan ook geen typische campagne geweest. Hij was geen leidende figuur in zijn partij, hij had geen grote financiers achter zich en kwam niet uit een machtige politieke familie voort. Zijn plan bestond er dan ook uit om een campagne van onderuit op te bouwen, met de gewone kiezer als fundament. Hij besloot om het internet als basis te gebruiken en trachtte zo zijn aanhang op te bouwen. En dat lukte hem wonderwel. Hij vroeg de mensen, in het begin vooral jonge studenten, om in kleine beetjes een donatie te doen van 10, 50 of 100 dollar. Zij werden op de hoogte gehouden via mail en websites en regelmatig kregen zij een nieuwe oproep om te doneren. Op deze manier verzekerde Obama zich van een constante geldstroom en er circuleren cijfers dat hij van maar liefst 3 miljoen Amerikanen een gift zou hebben gekregen. Het zorgde er alvast voor dat hij op deze manier Hillary Clinton kon verslaan. Terwijl haar campagnekas reeds leeg was na Super Tuesday en vele donoren reeds het maximum hadden gegeven, had Obama nog heel wat cash in kas en konden heel wat van zijn donoren nog een extra gift geven omdat zij het maximum nog niet hadden uitgegeven.

Daarnaast bouwde hij een enorme vrijwilligersorganisatie op, terug met de gewone burger als drijvende kracht. Zijn organisatietalent overtrof alles en de Obamacampagne kan rekenen op een brede basis van vrijwilligers. Zij hebben er voornamelijk voor gezorgd dat er massaal kiezers werden geregistreerd, vaak jonge studenten en de zwarte gemeenschap, en dat moet komende dinsdag lonen. Maar wat vooral de kracht van zijn campagne was, was het feit dat het een solide campagne was waarin geduld centraal stond. De campagne rekende op een lange strijd in de voorverkiezingen en bouwde gestaag verder aan de overwinning zonder dat men ook openlijk in paniek raakte. Het valt op dat Barack Obama op geen enkel afweek van het draaiboek, dat er nooit werd afgeweken van de centrale boodschap en dat er een ijzeren discipline heerste in zijn campagne. Er zijn amper momenten geweest waarop medewerkers uit de bocht gingen, hun ongenoegen uitten of in paniek raakten. Neen, het is opvallend hoe de campagne recht in zijn schoenen bleef staan en geen opmerkelijke fouten maakte in een campagne met heel wat verrassingen en plotwendingen. De houding die Barack Obama aannam tijdens de presidentiële debatten is ook de houding die zijn campagneteam sinds januari 2007 aanhield en wat hem uiteindelijk zoveel succes heeft opgeleverd.

Komende dinsdag weten we of die succesvolle campagne van Obama hem ook werkelijk het presidentschap oplevert of dat comeback kid John McCain een derde keer kan toeslaan en het pleit aan zijn kant krijgt. Eindelijk is de ontknoping nabij.

Labels:

donderdag, oktober 30, 2008

American stories, American solutions: A 30 minute Obama ad

Labels:

woensdag, oktober 29, 2008

De wereld kiest Amerikaanse President

In Knack van deze week staat bij de surftips de website If the world could vote. Op deze site kunnen mensen van over de hele wereld hun stem laten horen wie zij als de volgende president willen, Barack Obama of John McCain. En wanneer we het voorlopige resultaat mogen geloven, dan wilt maar liefst 86,90% van de wereldbevolking dat Barack Obama de volgende president van Amerika wordt. Er zijn momenteel reeds 535.512 stemmen genoteerd uit 204 landen. Overal vallen bijna Stalinistische cijfers voor Obama op te merken. Enkel in Albanië en Macedonië behaalt John McCain een meerderheid en verder valt op dat hij in landen als Georgië, Tsjechië, Azerbeidzjan, Irak, Israël, Columbia of Venezuela ook goede scores haalt. Uit België waren er woensdagavond omstreeks 19u00 reeds 7.558 stemmen geregistreerd, waarvan 94,7% koos voor Barack Obama. U kan ook uw stem laten horen op de site If the world could vote.

Labels:

zaterdag, oktober 25, 2008

Nog 10 dagen te gaan: wordt het president McCain of president Obama?

De laatste rechte lijn is nu echt ingezet. In heel wat staten kan men nu al stemmen via de early vote en binnen 10 dagen zal de meerderheid van de kiezers gaan stemmen. Woensdagnacht/ochtend weten we dan eindelijk wie de nieuwe president van Amerika zal worden. Wordt het een McCain-Palin-administratie of een Obama-Biden-administratie? Tijd om zo kort voor de verkiezingen nog eens een blik te gunnen op de peilingen.

Laten we beginnen met de nationale polls. Na een dipje vorige week is Obama terug geklommen in de nationale polls. Volgens Real Clear Politics die een gemiddelde maakt van verschillende polls kiest 50,4% van de Amerikanen voor Obama en 42,6% voor McCain. Alle polls zijn uitermate gunstig voor Obama, zoals deze van Newsweek (53% - 41%) en ABC News/Washington Post (53% - 44%). Maar sommige polls wijzen er echter ook op dat de race nog heel dicht bij elkaar kan liggen. Associated Press/GfK heeft zijn peiling gelanceerd en daar is het verschil amper 1%. Wie de peiling leest, merkt echter dat van alle ondervraagden een grotere groep voor Obama kiest (het verschil is daar 10%), maar men heeft ook gekeken wie er van de ondervraagden ook uiteindelijk echt zal gaan stemmen en dan blijkt dat het verschil dus maar 1% zou zijn. Obama zal zijn aanhangers dus duidelijk moeten maken dat ze echt moeten gaan stemmen en dat elke stem wel degelijk telt. Zeker ook omdat een poll deze week liet zien dat er niet significant meer Obama-aanhangers deelnemen aan het early voting-proces dan McCain-aanhangers.

Tot daar de nationale polls. Zoals ik reeds een paar keer geschreven heb, zijn de nationale polls wel een indicatie, maar het gaat op 4 november vooral om het verzamelen van kiesmannen. Er wordt gekeken naar de verschillende staten apart. Wie in een staat de meeste stemmen krijgt, krijgt meteen alle kiesmannen van die staat achter zijn naam. Bedoeling is om 270 kiesmannen achter je naam te kunnen zetten. Zowel Real Clear Politics als Pollster hebben een voorlopige berekening gemaakt op basis van de verschillende peilingen die er per staat verschenen. Eerst kijkt men naar de staten waarbij men met zekerheid kan zeggen wie er zal winnen (de kandidaat ligt in de peilingen minstens 10% voor, ver buiten de foutenmarge van de peilingen dus). Op basis van deze analyse is het Obama-Biden-ticket reeds zeker van 255 kiesmannen, terwijl McCain en Palin achterop hinkelen met 137 kiesmannen. Ten tweede kijkt men naar de staten die leunen naar een bepaalde kandidaat. Dit betekent dat de kandidaat in de peilingen een voorsprong heeft tussen de 5 en 10%. Bij die berekening haalt Obama nog eens 51 extra kiesmannen binnen en McCain nog eens 20 extra kiesmannen. Ten derde zijn er de onbesliste staten, waar de voorsprong van een kandidaat dus kleiner is dan 5% en dus binnen de foutenmarge van de peilingen ligt. Er blijven volgens de berekening van Real Clear Politics en Pollster nog 75 kiesmannen voor het grijpen.

Maar het is dus duidelijk dat Obama in de voorlopige tussenstand nog steeds virtueel zeker is van het presidentschap met 306 kiesmannen. Toch moeten we in de berekening nog voorbehoud maken van Ohio met zijn 20 kiesmannen. Het gemiddelde van de polls wordt verstoord door 2 polls die Obama een voorsprong geven van meer dan 10 procent, terwijl zowel Fox News (Republikeins bolwerk) als NBC zeggen dat McCain de staat met een klein verschil van 1 à 2% wint. Ohio ligt dus eigenlijk nog een beetje op de wip. Maar hij mag Ohio nog verliezen, dan heeft Barack Obama nog steeds 286 kiesmannen en is hij nog steeds president. Hij zit dus nog altijd in een knusse zetel.

Er wordt in de media soms gesproken over een landverschuiving op de electorale kaart, voortvloeiende uit de Obama-tactiek die gaat voor een 52 staten-aanpak. Dat moet toch enigszins genuanceerd worden. Obama lijkt goed op weg naar een klinkende overwinning, maar de vaste rode Republikeinse bolwerken blijven Republikeins en de vaste blauwe Democratische bolwerken blijven Democratisch. Het is wel waar dat die Democratische bolwerken versterkt uit de verkiezingen komen, terwijl de Republikeinse bolwerken eerder verzwakt. Obama gaat vaak boven de scores van John Kerry 4 jaar geleden en de scores van Al Gore 8 jaar geleden, terwijl John McCain het heel wat moeilijker heeft om de scores van Bush te evenaren. Een voorbeeld daarvan is bijvoorbeeld Georgia. Bush behaalde de staat nog met een voorsprong van 16,6%. Nu staat McCain nog maar 5,2% voor. In Montana is het zelfs nog erger. Bush won de staat nog met 20,5% voorsprong, McCain heeft nu amper 3,3% voorsprong op Obama en een peiling van Montana State geeft Obama zelfs een voorsprong van 4%. Een scenario die al werkelijkheid is geworden in Indiana waar Obama de Bush-voorsprong van 20,7% helemaal heeft omgebogen tot een zeer lichte voorsprong van 0,5%, maar de laatste peilingen duiden op een veel grotere voorsprong. Ook North Carolina zou een ommekeer maken en de Republikeinen zien hun voorsprong van 12,4% verdwijnen als sneeuw voor de zon en in een voorsprong voor Obama veranderen. Hier geeft een laatste peiling echter McCain nog een voorsprong.

Desondanks is het toch nog niet zo’n grote landverschuiving als men soms hoopt. Het is alleen een feit dat de swingstates, die dan weer Republikeins, dan weer Democratisch stemmen, deze keer massaal allemaal voor Obama gaan. De voorbije 2 verkiezingen verdeelden beide kandidaten de staten nog mooi onder elkaar, zodat de einduitslag Bush-Gore 271-267 was en in 2004 Bush-Kerry eindigde op 286-252. Zoals de voorspellingen nu liggen zou de strijd Obama – McCain eindigen op 375-163, vergelijkbaar met de overwinningen die Clinton in de jaren ’90 behaalde. Alleen de popular vote kan misschien op een landverschuiving duiden. Op 4 november het antwoord.

Labels:

vrijdag, oktober 24, 2008

The New York Times kiest voor Barack Obama

Hyperbole is the currency of presidential campaigns, but this year the nation’s future truly hangs in the balance.

The United States is battered and drifting after eight years of President Bush’s failed leadership. He is saddling his successor with two wars, a scarred global image and a government systematically stripped of its ability to protect and help its citizens — whether they are fleeing a hurricane’s floodwaters, searching for affordable health care or struggling to hold on to their homes, jobs, savings and pensions in the midst of a financial crisis that was foretold and preventable.

As tough as the times are, the selection of a new president is easy. After nearly two years of a grueling and ugly campaign, Senator Barack Obama of Illinois has proved that he is the right choice to be the 44th president of the United States.

•

Mr. Obama has met challenge after challenge, growing as a leader and putting real flesh on his early promises of hope and change. He has shown a cool head and sound judgment. We believe he has the will and the ability to forge the broad political consensus that is essential to finding solutions to this nation’s problems.

In the same time, Senator John McCain of Arizona has retreated farther and farther to the fringe of American politics, running a campaign on partisan division, class warfare and even hints of racism. His policies and worldview are mired in the past. His choice of a running mate so evidently unfit for the office was a final act of opportunism and bad judgment that eclipsed the accomplishments of 26 years in Congress.

Given the particularly ugly nature of Mr. McCain’s campaign, the urge to choose on the basis of raw emotion is strong. But there is a greater value in looking closely at the facts of life in America today and at the prescriptions the candidates offer. The differences are profound.

Mr. McCain offers more of the Republican every-man-for-himself ideology, now lying in shards on Wall Street and in Americans’ bank accounts. Mr. Obama has another vision of government’s role and responsibilities.

In his convention speech in Denver, Mr. Obama said, “Government cannot solve all our problems, but what it should do is that which we cannot do for ourselves: protect us from harm and provide every child a decent education; keep our water clean and our toys safe; invest in new schools and new roads and new science and technology.”

Since the financial crisis, he has correctly identified the abject failure of government regulation that has brought the markets to the brink of collapse.

The Economy

The American financial system is the victim of decades of Republican deregulatory and anti-tax policies. Those ideas have been proved wrong at an unfathomable price, but Mr. McCain — a self-proclaimed “foot soldier in the Reagan revolution” — is still a believer.

Mr. Obama sees that far-reaching reforms will be needed to protect Americans and American business.

Mr. McCain talks about reform a lot, but his vision is pinched. His answer to any economic question is to eliminate pork-barrel spending — about $18 billion in a $3 trillion budget — cut taxes and wait for unfettered markets to solve the problem.

Mr. Obama is clear that the nation’s tax structure must be changed to make it fairer. That means the well-off Americans who have benefited disproportionately from Mr. Bush’s tax cuts will have to pay some more. Working Americans, who have seen their standard of living fall and their children’s options narrow, will benefit. Mr. Obama wants to raise the minimum wage and tie it to inflation, restore a climate in which workers are able to organize unions if they wish and expand educational opportunities.

Mr. McCain, who once opposed President Bush’s tax cuts for the wealthy as fiscally irresponsible, now wants to make them permanent. And while he talks about keeping taxes low for everyone, his proposed cuts would overwhelmingly benefit the top 1 percent of Americans while digging the country into a deeper fiscal hole.

National Security

The American military — its people and equipment — is dangerously overstretched. Mr. Bush has neglected the necessary war in Afghanistan, which now threatens to spiral into defeat. The unnecessary and staggeringly costly war in Iraq must be ended as quickly and responsibly as possible.

While Iraq’s leaders insist on a swift drawdown of American troops and a deadline for the end of the occupation, Mr. McCain is still talking about some ill-defined “victory.” As a result, he has offered no real plan for extracting American troops and limiting any further damage to Iraq and its neighbors.

Mr. Obama was an early and thoughtful opponent of the war in Iraq, and he has presented a military and diplomatic plan for withdrawing American forces. Mr. Obama also has correctly warned that until the Pentagon starts pulling troops out of Iraq, there will not be enough troops to defeat the Taliban and Al Qaeda in Afghanistan.

Mr. McCain, like Mr. Bush, has only belatedly focused on Afghanistan’s dangerous unraveling and the threat that neighboring Pakistan may quickly follow.

Mr. Obama would have a learning curve on foreign affairs, but he has already showed sounder judgment than his opponent on these critical issues. His choice of Senator Joseph Biden — who has deep foreign-policy expertise — as his running mate is another sign of that sound judgment. Mr. McCain’s long interest in foreign policy and the many dangers this country now faces make his choice of Gov. Sarah Palin of Alaska more irresponsible.

Both presidential candidates talk about strengthening alliances in Europe and Asia, including NATO, and strongly support Israel. Both candidates talk about repairing America’s image in the world. But it seems clear to us that Mr. Obama is far more likely to do that — and not just because the first black president would present a new American face to the world.

Mr. Obama wants to reform the United Nations, while Mr. McCain wants to create a new entity, the League of Democracies — a move that would incite even fiercer anti-American furies around the world.

Unfortunately, Mr. McCain, like Mr. Bush, sees the world as divided into friends (like Georgia) and adversaries (like Russia). He proposed kicking Russia out of the Group of 8 industrialized nations even before the invasion of Georgia. We have no sympathy for Moscow’s bullying, but we also have no desire to replay the cold war. The United States must find a way to constrain the Russians’ worst impulses, while preserving the ability to work with them on arms control and other vital initiatives.

Both candidates talk tough on terrorism, and neither has ruled out military action to end Iran’s nuclear weapons program. But Mr. Obama has called for a serious effort to try to wean Tehran from its nuclear ambitions with more credible diplomatic overtures and tougher sanctions. Mr. McCain’s willingness to joke about bombing Iran was frightening.

The Constitution and the Rule of Law

Under Mr. Bush and Vice President Dick Cheney, the Constitution, the Bill of Rights, the justice system and the separation of powers have come under relentless attack. Mr. Bush chose to exploit the tragedy of Sept. 11, 2001, the moment in which he looked like the president of a unified nation, to try to place himself above the law.

Mr. Bush has arrogated the power to imprison men without charges and browbeat Congress into granting an unfettered authority to spy on Americans. He has created untold numbers of “black” programs, including secret prisons and outsourced torture. The president has issued hundreds, if not thousands, of secret orders. We fear it will take years of forensic research to discover how many basic rights have been violated.

Both candidates have renounced torture and are committed to closing the prison camp in Guantánamo Bay, Cuba.

But Mr. Obama has gone beyond that, promising to identify and correct Mr. Bush’s attacks on the democratic system. Mr. McCain has been silent on the subject.

Mr. McCain improved protections for detainees. But then he helped the White House push through the appalling Military Commissions Act of 2006, which denied detainees the right to a hearing in a real court and put Washington in conflict with the Geneva Conventions, greatly increasing the risk to American troops.

The next president will have the chance to appoint one or more justices to a Supreme Court that is on the brink of being dominated by a radical right wing. Mr. Obama may appoint less liberal judges than some of his followers might like, but Mr. McCain is certain to pick rigid ideologues. He has said he would never appoint a judge who believes in women’s reproductive rights.

The Candidates

It will be an enormous challenge just to get the nation back to where it was before Mr. Bush, to begin to mend its image in the world and to restore its self-confidence and its self-respect. Doing all of that, and leading America forward, will require strength of will, character and intellect, sober judgment and a cool, steady hand.

Mr. Obama has those qualities in abundance. Watching him being tested in the campaign has long since erased the reservations that led us to endorse Senator Hillary Rodham Clinton in the Democratic primaries. He has drawn in legions of new voters with powerful messages of hope and possibility and calls for shared sacrifice and social responsibility.

Mr. McCain, whom we chose as the best Republican nominee in the primaries, has spent the last coins of his reputation for principle and sound judgment to placate the limitless demands and narrow vision of the far-right wing. His righteous fury at being driven out of the 2000 primaries on a racist tide aimed at his adopted daughter has been replaced by a zealous embrace of those same win-at-all-costs tactics and tacticians.

He surrendered his standing as an independent thinker in his rush to embrace Mr. Bush’s misbegotten tax policies and to abandon his leadership position on climate change and immigration reform.

Mr. McCain could have seized the high ground on energy and the environment. Earlier in his career, he offered the first plausible bill to control America’s emissions of greenhouse gases. Now his positions are a caricature of that record: think Ms. Palin leading chants of “drill, baby, drill.”

Mr. Obama has endorsed some offshore drilling, but as part of a comprehensive strategy including big investments in new, clean technologies.

•

Mr. Obama has withstood some of the toughest campaign attacks ever mounted against a candidate. He’s been called un-American and accused of hiding a secret Islamic faith. The Republicans have linked him to domestic terrorists and questioned his wife’s love of her country. Ms. Palin has also questioned millions of Americans’ patriotism, calling Republican-leaning states “pro-America.”

This politics of fear, division and character assassination helped Mr. Bush drive Mr. McCain from the 2000 Republican primaries and defeat Senator John Kerry in 2004. It has been the dominant theme of his failed presidency.

The nation’s problems are simply too grave to be reduced to slashing “robo-calls” and negative ads. This country needs sensible leadership, compassionate leadership, honest leadership and strong leadership. Barack Obama has shown that he has all of those qualities.

Bron: www.nytimes.com

Labels:

vrijdag, oktober 17, 2008

The Washington Post kiest voor Obama

THE NOMINATING process this year produced two unusually talented and qualified presidential candidates. There are few public figures we have respected more over the years than Sen. John McCain. Yet it is without ambivalence that we endorse Sen. Barack Obama for president.

The choice is made easy in part by Mr. McCain's disappointing campaign, above all his irresponsible selection of a running mate who is not ready to be president. It is made easy in larger part, though, because of our admiration for Mr. Obama and the impressive qualities he has shown during this long race. Yes, we have reservations and concerns, almost inevitably, given Mr. Obama's relatively brief experience in national politics. But we also have enormous hopes.

Mr. Obama is a man of supple intelligence, with a nuanced grasp of complex issues and evident skill at conciliation and consensus-building. At home, we believe, he would respond to the economic crisis with a healthy respect for markets tempered by justified dismay over rising inequality and an understanding of the need for focused regulation. Abroad, the best evidence suggests that he would seek to maintain U.S. leadership and engagement, continue the fight against terrorists, and wage vigorous diplomacy on behalf of U.S. values and interests. Mr. Obama has the potential to become a great president. Given the enormous problems he would confront from his first day in office, and the damage wrought over the past eight years, we would settle for very good.

The first question, in fact, might be why either man wants the job. Start with two ongoing wars, both far from being won; an unstable, nuclear-armed Pakistan; a resurgent Russia menacing its neighbors; a terrorist-supporting Iran racing toward nuclear status; a roiling Middle East; a rising China seeking its place in the world. Stir in the threat of nuclear or biological terrorism, the burdens of global poverty and disease, and accelerating climate change. Domestically, wages have stagnated while public education is failing a generation of urban, mostly minority children. Now add the possibility of the deepest economic trough since the Great Depression.

Not even his fiercest critics would blame President Bush for all of these problems, and we are far from being his fiercest critic. But for the past eight years, his administration, while pursuing some worthy policies (accountability in education, homeland security, the promotion of freedom abroad), has also championed some stunningly wrongheaded ones (fiscal recklessness, torture, utter disregard for the planet's ecological health) and has acted too often with incompetence, arrogance or both. A McCain presidency would not equal four more years, but outside of his inner circle, Mr. McCain would draw on many of the same policymakers who have brought us to our current state. We believe they have richly earned, and might even benefit from, some years in the political wilderness.

OF COURSE, Mr. Obama offers a great deal more than being not a Republican. There are two sets of issues that matter most in judging these candidacies. The first has to do with restoring and promoting prosperity and sharing its fruits more evenly in a globalizing era that has suppressed wages and heightened inequality. Here the choice is not a close call. Mr. McCain has little interest in economics and no apparent feel for the topic. His principal proposal, doubling down on the Bush tax cuts, would exacerbate the fiscal wreckage and the inequality simultaneously. Mr. Obama's economic plan contains its share of unaffordable promises, but it pushes more in the direction of fairness and fiscal health. Both men have pledged to tackle climate change.

Mr. Obama also understands that the most important single counter to inequality, and the best way to maintain American competitiveness, is improved education, another subject of only modest interest to Mr. McCain. Mr. Obama would focus attention on early education and on helping families so that another generation of poor children doesn't lose out. His budgets would be less likely to squeeze out important programs such as Head Start and Pell grants. Though he has been less definitive than we would like, he supports accountability measures for public schools and providing parents choices by means of charter schools.

A better health-care system also is crucial to bolstering U.S. competitiveness and relieving worker insecurity. Mr. McCain is right to advocate an end to the tax favoritism showed to employer plans. This system works against lower-income people, and Mr. Obama has disparaged the McCain proposal in deceptive ways. But Mr. McCain's health plan doesn't do enough to protect those who cannot afford health insurance. Mr. Obama hopes to steer the country toward universal coverage by charting a course between government mandates and individual choice, though we question whether his plan is affordable or does enough to contain costs.

The next president is apt to have the chance to nominate one or more Supreme Court justices. Given the court's current precarious balance, we think Obama appointees could have a positive impact on issues from detention policy and executive power to privacy protections and civil rights.

Overshadowing all of these policy choices may be the financial crisis and the recession it is likely to spawn. It is almost impossible to predict what policies will be called for by January, but certainly the country will want in its president a combination of nimbleness and steadfastness -- precisely the qualities Mr. Obama has displayed during the past few weeks. When he might have been scoring political points against the incumbent, he instead responsibly urged fellow Democrats in Congress to back Mr. Bush's financial rescue plan. He has surrounded himself with top-notch, experienced, centrist economic advisers -- perhaps the best warranty that, unlike some past presidents of modest experience, Mr. Obama will not ride into town determined to reinvent every policy wheel. Some have disparaged Mr. Obama as too cool, but his unflappability over the past few weeks -- indeed, over two years of campaigning -- strikes us as exactly what Americans might want in their president at a time of great uncertainty.

ON THE SECOND set of issues, having to do with keeping America safe in a dangerous world, it is a closer call. Mr. McCain has deep knowledge and a longstanding commitment to promoting U.S. leadership and values.

But Mr. Obama, as anyone who reads his books can tell, also has a sophisticated understanding of the world and America's place in it. He, too, is committed to maintaining U.S. leadership and sticking up for democratic values, as his recent defense of tiny Georgia makes clear. We hope he would navigate between the amoral realism of some in his party and the counterproductive cocksureness of the current administration, especially in its first term. On most policies, such as the need to go after al-Qaeda, check Iran's nuclear ambitions and fight HIV/AIDS abroad, he differs little from Mr. Bush or Mr. McCain. But he promises defter diplomacy and greater commitment to allies. His team overstates the likelihood that either of those can produce dramatically better results, but both are certainly worth trying.

Mr. Obama's greatest deviation from current policy is also our biggest worry: his insistence on withdrawing U.S. combat troops from Iraq on a fixed timeline. Thanks to the surge that Mr. Obama opposed, it may be feasible to withdraw many troops during his first two years in office. But if it isn't -- and U.S. generals have warned that the hard-won gains of the past 18 months could be lost by a precipitous withdrawal -- we can only hope and assume that Mr. Obama would recognize the strategic importance of success in Iraq and adjust his plans.

We also can only hope that the alarming anti-trade rhetoric we have heard from Mr. Obama during the campaign would give way to the understanding of the benefits of trade reflected in his writings. A silver lining of the financial crisis may be the flexibility it gives Mr. Obama to override some of the interest groups and members of Congress in his own party who oppose open trade, as well as to pursue the entitlement reform that he surely understands is needed.

IT GIVES US no pleasure to oppose Mr. McCain. Over the years, he has been a force for principle and bipartisanship. He fought to recognize Vietnam, though some of his fellow ex-POWs vilified him for it. He stood up for humane immigration reform, though he knew Republican primary voters would punish him for it. He opposed torture and promoted campaign finance reform, a cause that Mr. Obama injured when he broke his promise to accept public financing in the general election campaign. Mr. McCain staked his career on finding a strategy for success in Iraq when just about everyone else in Washington was ready to give up. We think that he, too, might make a pretty good president.

But the stress of a campaign can reveal some essential truths, and the picture of Mr. McCain that emerged this year is far from reassuring. To pass his party's tax-cut litmus test, he jettisoned his commitment to balanced budgets. He hasn't come up with a coherent agenda, and at times he has seemed rash and impulsive. And we find no way to square his professed passion for America's national security with his choice of a running mate who, no matter what her other strengths, is not prepared to be commander in chief.

ANY PRESIDENTIAL vote is a gamble, and Mr. Obama's résumé is undoubtedly thin. We had hoped, throughout this long campaign, to see more evidence that Mr. Obama might stand up to Democratic orthodoxy and end, as he said in his announcement speech, "our chronic avoidance of tough decisions."

But Mr. Obama's temperament is unlike anything we've seen on the national stage in many years. He is deliberate but not indecisive; eloquent but a master of substance and detail; preternaturally confident but eager to hear opposing points of view. He has inspired millions of voters of diverse ages and races, no small thing in our often divided and cynical country. We think he is the right man for a perilous moment.

Bron: www.washingtonpost.com

Labels:

donderdag, oktober 16, 2008

Het laatste presidentiële debat

Het was een ongelofelijke zware week voor John McCain. Barack Obama vergrootte zijn voorsprong tot op een bepaald moment meer dan 8 % (momenteel is het gemiddelde al gezakt naar 6,8% - maar in feite ligt het tussen de 5 en 6 % wanneer we de hoge 10%-scores en de lage 2%-score buiten beschouwing laten). Bij het aantal kiesmannen heeft Obama nog steeds meer dan 270 stemmen om verkozen te worden als president, waarvan nu reeds 249 vrijwel zeker zouden zijn. Hij kwam in een storm terecht omwille van de racistische praat die er op zijn bijeenkomsten werd geuit. Hij kreeg zelfs bakken kritiek over zich van zijn eigen aanhangers omdat hij Obama niet scherper aanviel. Na het weekend beloofde zijn campagne voor een heus keerpunt, maar dat bleek in het water te vallen. Zijn toespraak maandag ging vooral over het feit dat hij een vechter was en hij de laatste drie weken ging vechten. Over de economie wauwelde hij maar wat. Op dat zelfde moment gaf Barack Obama echter een half uur lange toespraak over hoe hij de economie zou redden. Dat dwong de McCain-campagne ertoe om dinsdag ook met een eigen plan op de proppen te komen, alleen was Obama ondertussen al met de veren gaan lopen. Het laatste presidentiële debat moest daar verandering in brengen.

De meningen zijn verdeeld of het hem nu gelukt is of niet. Iedereen is het er over eens dat hij zijn beste debat van het jaar hield. Alleen heeft hij Obama niet tot fouten kunnen dwingen en moest deze vooral presidentieel overkomen, wat hem lukte, waardoor vele mensen zeggen dat hij toch de winnaar is van dit debat. Een poll van CNN bevestigt deze weergave. Zelf heb ik de neiging om McCain het voordeel te geven, maar het is inderdaad waar dat hij Obama helemaal niet tot fouten heeft kunnen doen dwingen, waardoor het debat geen echte gamechanger is geworden en het toch meer een gelijkstand was. Een gelijkstand omdat ik vermoed dat geen van beide partijen de aanhangers van de tegenpartij echt hebben kunnen doen overtuigen om toch te switchen. Bovendien denk ik ook dat bij de onbeslisten er niemand echt nu 100% zeker zal zijn van zijn keuze. Wie al eerder naar Obama neigde, zag elementen om dit vermoeden te bevestigen. Het omgekeerde is voor McCain ook waar.

Toch geef ik dus McCain het voordeel van de twijfel omdat ik denk dat hij een goede job heeft gedaan en veel beter was dan de vorige keren. Hij beloofde zijn aanhangers om achter Obama te gaan en dat deed hij dan ook. Er waren, zeker in de eerste helft van het debat, voortdurend aanvallen op Obama en hij maakte af en toe ook een goed punt inzake bepaalde standpunten van Obama die niet altijd even duidelijk zijn. Hierbij hielp vooral Joe The Plumber, een nieuw begrip dat John McCain heeft geïntroduceerd. Na zijn maverick-hysterie leed hij gisteren aan een Joe The Plumber-hysterie. Joe verwijst naar een bezoeker van een Obama-bijeenkomst die Obama vertelde dat hij het loodgietersbedrijf waar hij werkte kon overnemen. Het bedrijf heeft meer dan 250.000 $ inkomsten. Joe vroeg Obama of hij nu meer belastingen zou moeten betalen. En Obama legde hem uit dat dit inderdaad het geval zou zijn, maar legde ook uit waarom hij dit deed. (Je kan op CNN.com het fragment bekijken en je ziet daar hoe Obama zijn plan en zijn redenen uitstekend uitlegt). Voor John McCain was dit het perfecte rolmodel om aan te tonen dat Obama de belastingen toch zou verhogen en ook in andere onderwerpen, zoals gezondheidszorg, bracht John McCain Joe The Plumber ten berde. Nu dat werkte eigenlijk zeer goed in de eerste helft van het debat, maar John McCain bleef maar Joe opbrengen dat het een beetje genant werd. Het was duidelijk een Palinisme, waarbij je een catchphrase of beeld van buiten leert en het maar blijft gebruiken omdat je niets anders hebt geleerd tijdens je huiswerk.

Hij bracht ook William Ayers op, maar dan op een slinkse manier. De host bracht de kwestie op waarbij Sarah Palin Obama een terroristenvriendje noemde. Hij deed dat in het kader van negatieve campagne voeren. John McCain ging er eerst niet op in, maar toen het thema dreigde te verdwijnen en de kwestie dus niet aan bod dreigde te komen, moest hij het toch aan de orde brengen. Alleen bezorgde hem dat twee problemen. Hij bracht het op, Obama gaf een vage uitleg, maar McCain liet het eigenlijk voor wat het was. En dat zal de achterban misschien toch niet echt hebben doen bevallen. Bovendien deed Obama het verhaal ook af dat het verhaal meer vertelde over de campagne van McCain dan over hemzelf, zeker nu het verhaal wordt opgerakeld in tijden van een economische crisis. Het tweede probleem voor McCain was het feit dat de appreciatie van de kijkers tijdens het oprakelen van deze kwestie voor McCain de dieperik ingingen en dat dit hun beeld voor de rest van het debat en nadien zwaar overschaduwde. Veel meer mensen vonden McCain negatiever dan Obama.

Wat zeker ook een rol speelde in de negatieve gevoelens van kijkers tegenover McCain was het feit dat hij dat hij wel een sterke eerste helft speelde, maar in de tweede helft terugviel op oude gewoonten. Hij kon zijn misprijzen tegenover Obama niet langer verbergen, begon rare gezichten te trekken wanneer Obama aan het woord was, hij raakte sneller geïrriteerd en opgewonden (ook duidelijk merkbaar aan het hoorbare diepe ademhalen), hij maakte grapjes waar niemand mee moet lachen. Ik denk dat hij in de tweede helft zijn focus kwijt geraakte. Enerzijds omdat hij een paar ingestudeerde antwoorden had (wanneer het verwijt naar Obama toe dat hij Bush niet is en wanneer Obama tegen Bush wou campagne voeren hij het vier jaar geleden maar moest doen) en die raakten duidelijk snel opgebrand, anderzijds ook omdat hij Obama maar niet tot fouten kon dwingen en Obama ineens sterker naar voren kwam bij thema’s als gezondheidszorg. Hij kon de job helaas niet echt afmaken en begon terug naar voren te komen als een oude, zeurderige, gefrustreerde man.

Kijken we dan naar Obama, dan moet ik zeggen dat hij in de eerste helft van het debat zijn zwakste prestatie in de presidentiële debatten had neergezet. Hij incasseerde de slagen van McCain, bleef overeind, maar het begon blijkbaar toch wat zwaar te wegen. Hij lachte de aantijgingen vaak eerst weg, maar begon daarna toch wat zorgelijker te kijken. Ik denk dat hij dit debat toch ietwat vreesde en dat hij zich iets meer zorgde maakte over eventuele fouten die hij zou kunnen maken. Maar hij werd in de tweede helft van het debat heel wat beter, voelde zich meer in zijn sas bij een thema als gezondheidszorg waar hij echt mee scoort en kwam meer presidentieel over. Ook op een punt als het abortusstandpunt. Als Europeaan kijk je wel raar op naar het feit dat dit zo’n delicate kwestie is en een echte spelbreker in een verkiezingscampagne, maar in Amerika blijft het toch gevoelig. Obama maakte duidelijk dat hij wel voor abortus is, maar was presidentieel genoeg om ook de pro-life-aanhangers tegemoet te komen en te zoeken naar gemeenschappelijke strijdpunten.

Wat Obama ook sterker maakte in de tweede helft van het debat was het feit dat hij toch nog steeds positief kijkt naar de toekomst. Wanneer je de laatste woorden van McCain en de laatste woorden van Obama vergelijkt, dan had McCain het vooral over het verleden en dan zijn verleden, terwijl Obama wel het gefaalde beleid van de afgelopen 8 jaar ophaalde, maar toch vooral oog had op een zonnige toekomst. Daarnaast slaagde hij er ook weer in om connectie te maken met de gemiddelde Amerikaan. Bij gezondheidszorg haalde hij een voorbeeld aan van een ontmoeting die hij had tijdens zijn campagne met een doodgewone moeder en zoiets werkt. Bij McCain lukte dit ook wel met Joe The Plumper, maar alleen feliciteerde hij Joe vooral omdat deze rijk was, terwijl Obama met zijn voorbeeld eerder de gewone, gemiddelde man kon bereiken. Waar de Obama-aanhanger misschien wel iets minder tevreden over was, was het feit dat hij Sarah Palin niet echt aanpakte, toen deze ter sprake kwam. Hij loof haar politieke kwaliteiten en het feit dat ze de Republikeinse aanhang kon enthousiasmeren. Alleen, gezien de uitspraken van Palin de voorbije weken en de onzin die ze uitkraamde, is de vraag wat die politieke kwaliteiten dan wel mogen zijn en of Obama niet een beter antwoord had kunnen geven.

Uiteindelijk denk ik dat dit debat voor de kandidaten eigenlijk vooral hun eigen overtuigde aanhang hebben gesterkt in hun geloof. En dat is vooral voor McCain een goede zaak. Ik denk dat hij zijn eigen aanhang en zijn eigen campagneteam heeft kunnen overtuigen van zijn vechterskwaliteiten en dat is misschien al een keerpunt in zijn campagne. Bovendien kan hij nog even teren op Joe The Plumber die vandaag alle media overspoelen. Keerzijde is wel dat zijn agressieve aanpak niet pakt op de Obama-aanhangers, maar vooral niet op de onbeslisten en onpartijdigen. En dat kan hem nog duur komen te staan. Obama heeft misschien de zaak niet bezegeld, maar kwam wel voldoende rustig en presidentieel over dat dit debat hem ook geen kwaad heeft gedaan. Toch zullen we in de peilingen van het weekend en begin volgende week zien wat het echte effect van dit debat zal zijn geweest op de stemming van de campagnes. En er restten er ons nog minder dan drie weken tot de feitelijke verkiezingen. Dat is nog een hele tijd in politiek en we mogen John McCain dus nog niet helemaal afschrijven. Maar Obama staat al dicht bij de eindmeet en voorlopig heeft het debat daar nog niets aan verandert.

Labels:

zondag, oktober 12, 2008

McCain-aanhangers brengen haat in de campagne

Het gaat niet goed met de campagne van John McCain. Hij ligt momenteel zwaar achter in de peilingen. Het verschil nationaal is gegroeid tot 7,5% en bij de kiesmannen is Obama virtueel zeker van het presidentschap. De economische crisis heeft de kaarten zo zwaar door elkaar geschud dat de schuld helemaal bij de Republikeinen komt te liggen en helaas kan John McCain daar weinig aan veranderen. Men probeert daarom het thema van de verkiezingen te veranderen. Een medewerker van het McCain/Palin-team zei onlangs nog dat zolang ze over de economie zouden praten ze de verkiezingen niet zouden winnen. Men moet dus stoppen met over de economie te praten. Sarah Palin probeerde vorige week het thema te wijzigen door Obama te linken aan William Ayers, een voormalige terrorist die het Pentagon wou opblazen in de jaren ’60, maar nu hoogleraar is en in Chicago samenwerkte met Obama in een sociaal programma om het onderwijs te verbeteren. Palin noemde Obama “een terroristenvriendje”. Helaas lijkt deze aanzet, samen met de negatieve peilingen, helemaal te ontsporen tot een ware haatdragende boodschap van de McCain-aanhangers.

Zowel donderdag als vrijdag kregen McCain-aanhangers vrij spel om uiting te geven aan hun haat tegenover Obama. Een paar mensen spraken tijdens de townhall-meetings van McCain over Barack HUSSEIN Obama met de duidelijke nadruk op Obama’s tweede naam. Een ander koppel drukte zijn bezorgdheid uit omdat ze een kindje verwachten in april 2009 en enorm bang zijn van een (zwart) Obama-kabinet. Anderen noemden Obama dan weer een regelrechte terrorist. Een Palin-aanhanger riep zelfs "Dood hem" wanneer ze de link Obama-Ayers terug oprakelde. Op donderdag lieten McCain en Palin nog begaan, maar vrijdag werd het zo erg dat McCain wel moest ingrijpen. Hij riep op om wel te vechten tegen Obama, maar respectvol te blijven. Hij werd door zijn aanhangers getrakteerd op boegeroep. Op het koppel met hun komende baby zei hij dat hij een betere president zou zijn, maar dat men geen schrik moet hebben van een Obama-presidentschap en dat Obama een goed mens was. Dat leverde hem nog meer boegeroep op.

Het brengt McCain werderom in een zeer lastig parket. Zijn aanhangers zijn duidelijk gefrustreerd door de peilingen en Palin’s opmerking over terroristenvriendje heeft een vuur ontketend van racisme en haat. Ze vragen dan ook om Obama heel wat harder aan te pakken, vooral in het laatste debat van komende woensdag. Maar juist door hun hevige woede-uitbarstingen zorgen McCain’s aanhangers ervoor dat McCain juist op zijn tellen moet letten en dat hij een dunne koord moet bewandelen. Hij zal Obama harder op de korrel moeten nemen, maar elk woord zal komende woensdag gewikt en gewogen worden en elk verkeerd woord kan hem doen beschuldigen van racisme. Hij kreeg al heel wat commentaar te verduren deze week omwille van zijn “That one”-uitspraak en over het feit dat hij zijn afkeur voor Obama niet kan verbergen. Woensdag zal dat dus niet anders zijn. Maar hij zal toch ook een paar keer straf uit de hoek moeten komen of hij krijgt een deel van zijn aanhangers tegen zich.

Ondertussen probeert Obama geen extra olie op het vuur te gooien. Hij apprecieerde de pogingen van McCain om het publiek te kalmeren en zijn oproep tot respect. Hij riep ook op tot respect en ging dan over naar de orde van de dag. Alleen zijn aanhangers hebben iets meer moeite om zich in te houden. John Lewis, een zwarte Democraat uit Georgia, veroordeelde de haatdragende boodschappen van de McCain-aanhangers en beschuldigt John McCain en Sarah Pailin ervan “sowing the seeds of hatred and division”. Hierbij verwijst hij ook naar George Wallace, de gouverneur van Alabama in de jaren ’60 die door zijn haatdragende woorden ervoor zorgde dat 4 meisjes gedood werden bij een bomaanslag op een kerk in Birmingham. Het McCain-team noemde de uitspraken al schokkerend en ook het Obama-team distantieerde zich al van de uitspraken via een medewerker, maar benadrukte wel dat men akkoord ging om de haatdragende boodschappen tijdens de McCain-bijeenkomsten te veroordelen.

Ik denk dat beide kandidaten nu zullen proberen om de ganse zaak zo snel mogelijk achter zich te laten. Obama heeft er helemaal geen baat bij om de raskaart naar voor te schuiven. Bovendien moet Obama proberen de focus zoveel mogelijk bij de economie en de financiële crisis te houden, want dat levert hem alleen maar stemmen bij. McCain heeft ook geen baat bij de zaak omdat hij dan als racist dreigt afgeschilderd te worden, wat zijn campagne geen goed zal doen, maar hij zal toch moeten proberen om subtiel, maar duidelijk Obama aan te pakken om de steun van zijn aanhangers niet te verliezen. En zo dreigt McCain helemaal in de hoek te worden geduwd waaruit hij niet meer kan ontsnappen.

Labels:

donderdag, oktober 09, 2008

Obama reeds virtueel zeker van presidentschap

Zaterdag gaf ik nog een tussenstand in de aanloop van de laatste maand in de koers naar het Witte Huis. Toen stond Obama nog op een zucht van de 270 kiesmannen die er nodig zijn om president te worden. Vandaag is een nieuwe poll verschenen over de staat Virginia (13 kiesmannen) waardoor Obama zijn voorsprong in deze staat vergroot tot 5 procent, wat voor Rear Clear Politics betekent dat de status van deze staat verandert van swing state naar leaning Obama. Hierdoor is Obama nu zeker van 221 kiesmannen en zouden 56 kiesmannen sterk leunen naar Obama, wat zijn totaal op 277 kiesmannen brengt waar hij zeker zou van mogen zijn. Hierdoor is hij momenteel virtueel de volgende president van Amerika (een kandidaat heeft namelijk 270 kiesmannen nodig om president te kunnen worden). Daarnaast verstevigt hij ook zijn voorsprong in de berekening van Rear Clear Politics waarbij men kijkt naar het gemiddelde van de verschillende polls en berekent wat de uitslag zou zijn als die polls de werkelijke uitslag zou zijn. Obama heeft in deze berekening ook Missouri in zijn kolom kunnen schrijven, waardoor hij nu leidt met 364 kiesmannen tegenover 174 kiesmannen voor McCain. Dat betekent dat er nu nog maar 1 swing state is waar McCain voorop loopt en dat is Indiani met 11 kiesmannen. Belangrijke opmerking blijft natuurlijk dat het polls zijn en niet de werkelijkheid. Daarnaast moet je ook rekening houden met foutenmarges en dan weet je dat er toch nog wat kan verschuiven. Bovendien steekt terug vaak het argument de kop op dat heel wat mensen in polls wel zeggen dat ze voor Obama zouden stemmen, maar in het kieshokje toch voor McCain zouden kiezen omdat ze niet echt klaar zijn voor een zwarte president. Het is een argument die voor een tweede keer de kop opsteekt op een moment dat Obama zwaar voor staat. Op 4 november weten we of racisme een factor zal spelen of niet.

Labels:

woensdag, oktober 08, 2008

Het tweede presidentiële debat

Vannacht werd het tweede presidentiële debat gehouden tussen John McCain en Barack Obama. Terwijl ik het eerste debat eigenlijk wel vrij interessant vond, was ik deze keer minder overtuigd. Een deel had te maken met het feit dat veel van de dingen die gezegd werden eigenlijk echo’s waren van het eerste debat, zodat we niet echt veel bijleerden. Anderzijds was er ook het feit dat de toon scherper werd en men vaak negatiever de toer opging. Men antwoordde eigenlijk niet op de vragen. Neen, de antwoorden waren vaak een opsomming van het oude stemgedrag van de andere kandidaat en dan vooral het foute stemgedrag. En misschien onthouden de kijkers dat inderdaad veel beter, zoals een studie onlangs aantoonde, maar het werkt niet voor mij. Ik hoor liever de kandidaten hun eigen plannen voorstellen voor de toekomst dan dat ze blijven zeuren over het oude stemgedrag van de andere. Tuurlijk is dat oude stemgedrag belangrijk om inzicht te krijgen in een kandidaat, maar je moet natuurlijk zelf ook kunnen zeggen wat je eigen plannen zijn.

Nu, ik moet wel eerlijk zeggen dat John McCain deze keer duidelijk beter zijn huiswerk had voorbereid dan vorige keer en dan vooral op economisch vlak. In het eerste debat bleef hij nogal vaag, nu kwam hij bijvoorbeeld met een voorstel om de slechte hypotheken van huiseigenaars over te nemen zodat ze in hun huis kunnen blijven. Ik denk dat dit een goede oplossing is, al lanceert hij natuurlijk dit idee, maar vertelt hij er helemaal niet bij hoe hij dit wilt realiseren. Met nog meer geld van de belastingbetaler? Bovendien wat ik heel goed vond, was dat hij erbij vertelde dat dit niet een plan was van Obama of van Bush, maar zijn eigen plan. Een klein detail die toch probeert Obama’s pogingen om McCain aan Bush te linken te ondermijnen. Daarnaast zei hij ook nog een paar dingen waarvan ik denk dat hij de economie de voorbije week een beetje heeft bestudeerd, maar uiteindelijk komt hij toch nog steeds tekort op dit vlak. Bovendien slaagt hij er helemaal niet in om zich te identificeren met de gewone man op de straat. Hij blijft toch nog vaak boven de mensen staan in plaats van midden de mensen.

Obama daarentegen heeft daar veel minder problemen mee. Hij raakt niet echt geëmotioneerd door de problemen, maar hij probeert zich toch vaak in te leven in de gewone werkmens. En dat lukt hem echt wel. Vele antwoorden van hem gingen vaak over hoe het effect heeft op het dagelijkse leven en wat zijn plannen zouden doen voor de middenklasse. Hij scoort dan ook veel beter in de polls op het gebied van meelevendheid. Wat misschien wel een beetje een probleem is bij Obama is dat hij te vaak McCain wilt linken aan Bush, waardoor hij soms vergeet op de eigenlijke vraag te antwoorden of vergeet zijn eigen plannen uit de doeken te doen. Maar aan de andere kant scoorde hij wel enorm met zijn plan voor de gezondheidszorg, die heel helder en duidelijk geformuleerd werd, of op vlak van energie of Pakistan. Bovendien vind ik hem enorm goed hoe hij sommige slagen van McCain gewoon weglacht waardoor hij McCain nog meer enerveert. Hij staat er met meer zelfvertrouwen en het moddergooien van McCain raakt hem niet echt. Integendeel zelfs, hij komt er net meer presidentieel uit, terwijl McCain duidelijk agressiever en gefrustreerd naar voren komt.

Je merkte het bijvoorbeeld in het debat toen McCain een tegenaanval van Obama kreeg te verduren. McCain had juist Obama verweten naïef te zijn omdat hij luid aankondigde Pakistan te zullen aanvallen als ze Bin Laden niet zouden overhandigen als ze hem in zijn zicht hadden en vond het onverantwoord dat men zulke bedreigingen verkondigde. Waarop Obama repliceerde dat McCain in maart nog luidop Bomb bomb Iran zong te zingen. En ineens zag je McCain helemaal verstijven en de lach van zijn gezicht verdween onmiddellijk. Hij kon de tegenslag helemaal niet wegwuiven. Daarnaast zorgde zijn frustratie ook voor een zeer ongelukkige uitspraak. Hij was bezig over een wetsvoorstel dat hij goed gekeurd had en wie niet. “En je raadt het nooit. That one”. En die that one verwees naar Obama. Ondertussen is er al wat commentaar gekomen op die uitspraak en het is een duidelijke uiting hoe minachtend hij over Obama denkt. Iets wat toch terug opviel in dit debat. Obama luisterde altijd aandachtig naar wat McCain te vertellen had, terwijl McCain eerder notities zat te schrijven of wat voor zich zat uit te staren terwijl Obama aan het woord was.

Voor vele analisten is de conclusie dat McCain het wel beter deed dan de vorige keer, maar dat het uiteindelijk toch geen grote verandering teweeg heeft gebracht en dat daarom Obama terug de winnaar van het debat is. Ik denk ook wel dat Obama de winnaar is van het debat en dan vooral omdat hij zich meer kon inleven in het leven op Mainstreet en omdat hij nog altijd meer presidentieel overkomt dan McCain, maar ik moet toch ook toegeven dat McCain het een pak beter heeft gedaan dan de vorige keer. Maar hij heeft Obama niet knock-out kunnen slaan en kwam zelfs niet in de buurt. En dat hij eigenlijk wel moeten doen. Hij krijgt volgende week woensdag een laatste kans.

Labels:

zaterdag, oktober 04, 2008

Nog één maand te gaan - wat is de tussenstand?

Eindelijk zijn we de laatste maand van de verkiezingsstrijd ingegaan. Het werd in feite wel wat tijd, want de campagne duurt nu toch bijna anderhalf jaar en sinds januari worden we echt met campagnenieuws overstelpt dat ik nu toch ook iets heb van dat er nu eindelijk een beslissing mag komen en dat we mogen weten wie Bush opvolgt. Wordt het de eerste zwarte president of wordt het terug een Republikeinse havik? Zo’n goede 100 dagen voor de eindstreep maakte ik reeds een balans op en daar kwam Obama goed uit. Hij lag voor in de nationale peilingen en hij had een grote voorsprong bij de kiesmannen. Maar mijn bericht stond nog niet goed op mijn blog of de situatie keerde helemaal en 10 dagen later stond ineens John McCain voor in de peilingen en was hij zelfs virtueel president. Sindsdien is er heel wat gebeurd en de situatie vandaag weer helemaal anders.

Er waren eerst de nationale conventies. Die zorgden ervoor dat Obama terug de bovenhand kreeg, maar een echte kloof kon hij helemaal niet slaan. Een week later was het immers aan de Republikeinen om hun conventie te houden en die hadden twee meevallers. Er was het orkanenseizoen die ervoor zorgde dat Bush niet lijfelijk aanwezig kon zijn op de conventie en zo nog meer op de achtergrond kon geduwd worden. Maar de grote meevaller was toch de aanduiding van Sarah Palin als Republikeinse vice-president-kandidate. Vele Amerikanen waren in de wolken met de frisse verschijning en ze bracht zowaar energie in de McCain-campagne. Lokte eerdere verkiezingsbijeenkomsten vaak amper een paar duizend man, ineens kwamen een paar tienduizend mensen naar John en Sarah luisteren. En de campagne bouwde zo een stevig momentum op en zag die in de peilingen electoraal verzilverd worden. Niet alleen in de nationale polls ging McCain voorop, belangrijker was dat er meer staten en swing states kozen voor McCain. Kijken we bijvoorbeeld naar de stand van het aantal kiesmannen waarvan de kandidaten redelijk zeker konden zijn, dan leidde Obama nog net na de Democratische Conventie met 228 kiesmannen tegenover 185 voor McCain. Twee weken later zag de situatie er heel anders uit en was Obama maar zeker meer van 207 kiesmannen, terwijl McCain zeker was van 227 kiesmannen. McCain had dus duidelijk een inhaalbeweging ingezet.

Maar midden september sloeg de financiële crisis hard toe in Amerika en zorgde niet alleen op de financiële markten voor een aardverschuiving. Ook in de peilingen gebeurde een onwaarschijnlijke aardverschuiving. McCain verloor zijn momentum. Hij onderkende in het begin de financiële crisis, Sarah Palin stapelde de blunders op, hij onderbrak zijn campagne om stoorzender te gaan spelen in Washington en mensen wezen massaal de Republikeinen aan als schuldige van de crisis. Resultaat in de peilingen: massa’s staten veranderde het geweer van schouder en kiezen nu massaal voor Obama. In de nationale peilingen ligt Obama nu stevig aan de leiding. Alle peilingen geven hem een voorsprong van meestal rond de 5 procent, met een uitschieters van 9 procentpunten bij CBS en 7 procentpunten bij de dagelijkse Gallup Tracking.

Maar de nationale peilingen zijn eigenlijk niet van tel, omdat de president gekozen wordt via het aantal kiesmannen dat hij behaalt. Je hebt 270 kiesmannen nodig om een meerderheid te hebben en dus president te worden. Hierbij werkt men met een winner-takes-all-principe. Wie de meeste stemmen in een staat krijgt, wint meteen alle kiesmannen van die staat. Volgens Rear Clear Politics, die zijn cijfers baseert op het gemiddelde van allerlei afzonderlijke peilingen, strandt Obama reeds op een zucht van het presidentschap. Vandaag mag Obama reeds redelijk zeker tot heel zeker zijn van 264 kiesmannen. Het McCain-Palin ticket ligt zwaar achter en is nog maar zeker van 163 kiesmannen. Er zijn nog 111 kiesmannen uit de swing states voor het grijpen, maar het probleem is dat deze swing states de laatste twee weken bijna allemaal naar Obama zijn opgeschoven. Waardoor je een situatie krijgt dat wanneer er vandaag verkiezingen zouden zijn en de werkelijke cijfers overeenkomen met wat de peilingen voorspellen Obama 353 kiesmannen zou hebben, terwijl McCain amper 185 kiesmannen achter zijn naam zou krijgen. We moeten natuurlijk wel wat voorzichtig zijn met die cijfers. Het gaat tenslotte maar om peilingen en we weten van de afgelopen jaren, ook in onze nationale politiek, dat peilingen er wel eens heel wat naast kunnen zitten. Bovendien moet je ook rekening houden met het feit dat in die 353 kiesmannen van Obama ook een staat als North Carolina zit met 15 kiesmannen waar Obama amper 0,5 procent voorligt op McCain en dit terug snel naar McCain kan overgaan. Maar ook in dat geval doet dit natuurlijk niets af aan het feit dat Obama blijkbaar toch stevig in het zadel zit.

Het zal er voor hem nu op aan komen om die voorsprong nog een maand te behouden en een maand in een verkiezing is een heel lange periode. Als je ziet dat McCain op twee weken tijd de kaart kon hertekenen na de aanduiding van Sarah Palin en dat die situatie weer helemaal van de kaart kon geveegd worden op terug twee weken tijd door een economische crisis, dan is het duidelijk dat een bepaalde gebeurtenis, klein of groot, de kaarten de komende maand toch terug kan dooreenschudden. Lange tijd is er sprake van geweest dat president Bush in oktober 2008 met het bericht zou komen dat Osama Bin Laden dan toch gevonden was om zo de Republikeinse kandidaat een duwtje in de rug te geven. Er wordt daar nu niet meer over gesproken, maar John McCain kan zo’n gebeurtenis wel goed gebruiken. Want zoals de vroegere Britse eerste minister Harold McMillan antwoordde op de vraag wat politiek is: “Events, dear boy, events”.

Labels:

vrijdag, oktober 03, 2008

Het enige vice-presidentiële debat

Vannacht onze tijd was het tijd voor het eerste én enige debat tussen vice-president-kandidaten Joe Biden en Sarah Palin. Er werd ons terug wat vuurwerk beloofd. Het was ook uitkijken of beide personen niet in de fout gingen gaan, want ze hebben dat in het verleden al meerdere malen bewezen wat hun op de VRT-nieuwssite de bijnamen Joe Flater en Sarah Domoor opleverde. Maar net als in het eerste presidentiële debat kwam er niet veel van het verwachte in huis. Niemand maakte echte flaters of fouten, maar aan de andere kant deelde niemand ook de andere partij een echte knock-out toe, al deed Joe Biden het ticket McCain-Palin wel héél véél pijn op bepaalde momenten. Daarom ook dat hij toch wel als winnaar uit de bus mag komen.

Toch zullen ook veel mensen iets hebben dat Sarah Palin toch ook een winnaar is van het debat. En dat is waar, maar de verwachtingen waren dan ook zo laag voor haar, dat het moeilijk werd om deze niet te overtreffen. In de paar interviews die ze de voorbije 5 weken gaf, blonk ze niet echt uit in inzicht en intelligentie en sloeg ze, om het wat plat te zeggen, maar wat uit haar botten. Geen wonder dat de McCain-campagne haar dan ook wijselijk afschermt van de media. Waardoor natuurlijk de verwachtingen vanzelf een pak lager lagen. En dan krijg je haar te zien in het debat en dan heb je wel zoiets van “zo slecht was ze nu ook weer niet”. Alleen moeten we ons natuurlijk realiseren dat ze de voorbije dagen echt heel intensief werd voorbereid op het debat en dat ze heel goed begeleid werd in haar antwoorden. En in het begin van het debat valt het nog niet echt op, maar dan begint dat echt goed naar voren te komen. Ze antwoordt niet op de vragen of op wat Joe Biden zegt, maar ze switcht gewoon naar iets anders waar ze wel heeft over geleerd om over te praten. Waardoor je u begint af te vragen of ze wel weet wat ze zegt en of het echt wel haar gedacht is. Natuurlijk weet ik dat ook Joe Biden, Barack Obama of John McCain heel goed voorbereid zijn op vragen en ook de antwoorden wat hebben ingestudeerd, maar zij weten wel in te spelen op wat de andere zegt. Een mooi moment was dan ook toen het debat ging over Irak en Joe Biden John McCain aanviel op zijn oordeel en Sarah Palin even met haar mond vol tanden stond en niet wist wat te zeggen om dan gauw terug op een ingestudeerd nummertje te komen.

Wat wel in Sarah Palin haar voordeel speelt, is het feit dat ze een average woman is die vele gewone mensen kan aanspreken. Ze komt echt goed over op het scherm, maakt voortdurend verwijzingen naar haar persoonlijk leven en hoe haar leven gelijk is met het leven van vele andere mensen, durft ook recht in de camera te spreken. Het zijn allemaal elementen die van haar een frisse en energieke dame maken. Je merkte wel dat ze niet echt 100% ontspannen op het podium stond en dat sommige oogwenken ingestudeerd waren.

Joe Biden aan de andere kant keek meer naar de moderator, maar op kritieke momenten in het debat waar hij John McCain echt aanviel, keek hij dan weer recht in de camera waardoor zijn punt nog sterker benadrukt werd. Het waren telkens momenten waarvan je wist dat het belangrijke zaken was die hij vertelde en dat hij echt meende wat hij zegde. Wat ook wel opviel, is dat hij echt luisterde naar Sarah Palin en haar ook echt aankeek terwijl ze aan het woord was. Heel wat anders dan John McCain die vorige week zijn afkeer voor Obama niet kon verbergen. Hij respecteerde haar echt als debatter en deed helemaal niet denigrerend over haar. Dat zal hem duidelijk gezegd zijn tijdens zijn voorbereiding, maar hij deed het met een natuurlijke flair waardoor ik echt wel denk dat hij Sarah Palin echt als een volwaardige opponent zag.

Het feit dat ik hem als winnaar uit het debat zie komen, is het feit dat hij echt alle aanvallen paradeerde. Sarah Palin viel Obama aan, maar Joe Biden deed telkens weer een tegenaanval tegen John McCain en telkens weer met meer impact. Het was ook leuk om te zien dat Sarah Palin zei dat hij niet steeds in het verleden moest kijken, waarop hij leuk antwoordde “past is prologue” en meteen McCain weer aanviel. En de uppercuts die hij uitdeelde aan John McCain kwamen hard aan. Ik denk niet dat hij echt McCain knock-out heeft geslagen, maar hij overtuigde wel overduidelijk dat McCain een Bush 3 zou worden. Daarnaast heeft hij ook bewezen volgens mij dat hij een uitstekende vice-president zou worden. Hij toonde meer inzicht in de zaken, schuwde geen onderworpen en trachtte geen onderwerpen uit de weg te gaan, boezemde veel meer vertrouwen in en kon net als Sarah Palin, maar wel op zijn eigen manier, de gewone werkmens appelleren.

De vraag is of dit debat iets gaat veranderen in de polls. Ik betwijfel het eigenlijk wat. Ik denk dat Sarah Palin geen fans heeft weggejaagd met dit debat, wel met eerdere interviews, maar ik denk ook niet dat ze echt grote groepen nieuwe aanhangers heeft gemaakt. Daarvoor leek ze niet genoeg vice-presidentieel in het debat. Maar natuurlijk, de verwachtingen waren laag en ze heeft die meer dan ingelost, dus misschien zijn er toch wel kiezers overtuigd geraakt waardoor er een procentpunt van Obama wordt afgeknabbeld. Joe Biden daarentegen heeft bewezen dat hij een goede keuze was voor het vice-presidentschap, heeft McCain een paar uppercuts bezorgd, maar hij is maar nummer 2 op het ticket. Ik denk dat mensen op het ticket Obama-Biden eerder kijken naar Obama en Biden minder invloed heeft, terwijl bij McCain-Palin het zo is dat Palin een drijvende factor is. Alleen zal het nu de kwestie zijn om Palin zichtbaar in de McCain-campagne te houden en haar in de media te houden zonder dat de media de kans krijgt haar terug belachelijk te maken. Makkelijker gezegd dan gedaan wanneer men op vragen van journalisten niet voorbereid kan zijn.

Labels:

zaterdag, september 27, 2008

Het eerste presidentiële debat

Ik heb deze ochtend met veel belangstelling naar het eerste presidentiële debat tussen John McCain en Barack Obama gekeken. Er werd verwacht dat er vonken en vuur ging ontstaan. Er werd lang gedacht dat het eerste debat rond buitenland en nationale veiligheid in de kaart van McCain zou spelen. Maar dan kwam er de financiële crisis en werd er weer verwacht dat Obama het voordeel zou kunnen krijgen. Uiteindelijk kwam er niet veel in huis van dat vonken en vuur en beide kandidaten hebben geen grote blunders begaan. Voor veel analisten een goede reden om te spreken van een gelijkspel. Zelf ga ik daar grotendeels mee akkoord, maar toch heb ik de indruk dat vooral Obama er goed vanaf is gekomen en dat hij op punten heeft gescoord.

Waarom denk ik dat? Niet omdat ik voor Obama ben en niet veel op heb met McCain. Maar omdat ik echt denk dat Obama in het debat heeft bewezen dat hij buitenlandse kwesties aankan en dan hij op het gebied van nationale veiligheid overeind is gebleven. John McCain noemt Obama altijd onervaren en heeft gisteren meermaals laten ontvallen dat Obama er niets van begrijpt. Maar ik denk dat Obama juist bewezen heeft dat hij er wel iets van verstaat en dat hij echt zijn mannetje kan staan. Tuurlijk, beiden verschillen grondig van mening hoe het nu verder wil met het buitenlands beleid en ja, McCain heeft meer ervaring omdat hij al meer dan 20 jaar in de senaat zit, maar hij kwam niet over als de grote expert tegenover de groen achter zijn oren zijnde Obama. Neen, wat Obama vertelde, hield steek, was wijs en gaf blijk van inzicht van hoe de wereld er aan toe is. En op basis van die punten heeft Obama volgens mij het eerste debat gewonnen.

Wat mij opviel in het debat is dat de Amerikanen echt wel een heel duidelijke keuze hebben op 4 november. De twee kandidaten staan vaak recht tegenover elkaar en er zijn grondige verschillen tussen beide personen. McCain wil het land naar rechts duwen, Obama wil het land naar links duwen. Wanneer er bij ons debatten en verkiezingen zijn, dan hebben de 3 grote partijen moeite om duidelijk te zijn en is het soms moeilijk te zien waar men nu van elkaar verschilt. In Amerika met deze verkiezing heb je dit duidelijk niet. Ondanks het feit dat ik er echt van overtuigd bent dat beiden het beste voor hebben met het land, toch hebben ze duidelijk een andere levensvisie en maatschappelijke visie. En dat maakt dat de Amerikaanse kiezer een echte keuze zal hebben.

Wat mij ook opviel in het debat was dat Obama er zelfzekerder stond dan eind juli toen hij een religieus forum van predikant Rick Warren bijwoonde. Toen maakte hij een aarzelende indruk doordat hij teveel rond de pot draaide, niemand tegen de borst wou stoten en veel te wijde antwoorden gaf. Gisteren zagen we een kordater, ontspannen iemand die vol zelfvertrouwen het debat tegemoet ging. Hij was iemand die de kijkers recht in de camera durfde te kijken, die op een zachte, maar vastberaden manier antwoordde, die McCain wel eens John durfde te noemen en hem ook echt meerdere malen toekeek als hij aan het woord was. McCain daarentegen was meer gereserveerd. Hij gunde Obama geen enkele blik tijdens het debat (wat hem juist wat elitair en hautain maakte, iets wat hij Obama zo vaak verwijt), hij maakte ook minder connectie met de kijkers en moest zelfs soms wat lijdzaam toekijken hoe Obama punten scoorde toen hij zei dat McCain tien dagen geleden nog zei dat de fundamenten van de Amerikaanse economie sterk en gezond waren. Ik vond hem bij Rick Warren echt wel sterk en duidelijk overkomen. Nu had ik veel minder dat gevoel en het doet zijn beslissing om het debat uit te stellen ook in een ander licht stellen.

Inhoudelijk was het een sterk debat, al waren er natuurlijk de voorspelbare items. Obama probeert McCain nog steeds te linken aan Bush en werpt voortdurend op dat McCain in 90% van de gevallen meestemde met Bush. McCain van zijn kant probeert Obama dan weer af te schilderen als een naïeveling en totaal onervaren voor de job en herhaalde tot vervelens toe dat Obama er niets van begrijpt. Maar er werd wel degelijk gesproken over kwesties als de financiële crisis (al heeft geen van beide echt kunnen overtuigen hoe het probleem op te lossen), Irak, Iran, budget, ….. En zoals reeds gezegd, beiden hebben een duidelijke andere visie op de zaken. En soms durft men als eens te vervallen in een gemakkelijke oneliner of populistische uitspraak, maar toch ging het echt over inhoud. Terug een groot verschil met onze debatten waar iedereen bij wijze van spreken maar een halve minuut krijgt en dat zoveel mogelijk probeert vol te stoppen met oneliners en populistische uitspraken, maar waar je op het einde toch niet echt weet waar men nu voor staat of hoe men de problemen wil aanpakken. In dit eerste presidentiële debat werd er echt de tijd genomen om dingen te bespreken. Bijvoorbeeld de kwestie van Iran en hoe dit land aan te pakken is een goed voorbeeld van hoe beide kandidaten hier tegenover staan.

Slotsom is dus dat het eigenlijk best een interessant debat is geworden waar beide kandidaten duidelijk hun visie op de economische crisis, buitenlands beleid en nationale veiligheid hebben kunnen laten zien. En ze geven de kiezers een duidelijke keuze. Beiden hebben het er goed vanaf gebracht, maar Obama heeft uiteindelijk toch op punten gewonnen door zijn presidentiële houding, het feit dat hij kon overtuigen dat hij geen naïeveling is op buitenlands vlak en dat hij ook beter connectie kon maken met de kijkers en de mensen op Mainstreet. Benieuwd wat het volgende week wordt tussen Palin en Biden.

Labels:

zaterdag, augustus 30, 2008

6 things the Palin pick says about McCain

The selection of a running mate is among the most consequential, most defining decisions a presidential nominee can make. John McCain’s pick of Alaska Gov. Sarah Palin says a lot about his decison-making — and some of it is downright breathtaking.

We knew McCain is a politician who relishes improvisation, and likes to go with his gut. But it is remarkable that someone who has repeatedly emphasized experience in this campaign named an inexperienced governor he barely knew to be his No. 2. Whatever you think of the pick, here are six things it tells us about McCain:

1. He’s desperate. Let’s stop pretending this race is as close as national polling suggests. The truth is McCain is essentially tied or trailing in every swing state that matters — and too close for comfort in several states like Indiana and Montana the GOP usually wins pretty easily in presidential races. On top of that, voters seem very inclined to elect Democrats in general this election — and very sick of the Bush years.

McCain could easily lose in an electoral landslide. That is the private view of Democrats and Republicans alike.

McCain’s pick shows he is not pretending. Politicians, even “mavericks” like McCain, play it safe when they think they are winning — or see an easy path to winning. They roll the dice only when they know that the risks of conventionality are greater than the risks of boldness.

The Republican brand is a mess. McCain is reasonably concluding that it won’t work to replicate George W. Bush and Karl Rove’s electoral formula, based around national security and a big advantage among Y chromosomes, from 2004.

“She’s a fresh new face in a party that’s dying for one — the antidote to boring white men,” a campaign official said.

Palin, the logic goes, will prompt voters to give him a second look — especially women who have watched Democrats reject Hillary Rodham Clinton for Barack Obama.

The risks of a backlash from choosing someone so unknown and so untested are obvious. In one swift stroke, McCain demolished what had been one of his main arguments against Obama.

“I think we’re going to have to examine our tag line, ‘dangerously inexperienced,’” a top McCain official said wryly.

2. He’s willing to gamble — bigtime. Let’s face it: This is not the pick of a self-confident candidate. It is the political equivalent of a trick play or, as some Democrats called it, a Hail Mary pass in football. McCain talks incessantly about experience, and then goes and selects a woman he hardly knows, who hardly knows foreign policy and who can hardly be seen as instantly ready for the presidency.

He is smart enough to know it could work, at least politically. Many Republicans see this pick as a brilliant stroke because it will be difficult for Democrats to run hard against a woman in the wake of the Hillary Clinton drama. Will this push those disgruntled Hillary voters McCain’s way? Perhaps. But this is hardly aimed at them: It is directed at the huge bloc of independent women — especially those who do not see abortion as a make-or-break issue — who could decide this election.

McCain has a history of taking dares. Palin represents his biggest one yet.

3. He’s worried about the political implications of his age. Like a driver overcorrecting out of a swerve, he chooses someone who is two years younger than the youthful Obama, and 28 years young than he is. (He turned 72 Friday.) The father-daughter comparison was inevitable when they appeared next to each other.

4. He’s not worried about the actuarial implications of the age issue. He thinks he’s in fine fettle, and Palin wouldn’t be performing the only constitutional duty of a vice president, which is standing by in case a president dies or becomes incapacitated. If he was really concerned about an inexperienced person sitting in the Oval Office we would be writing about vice presidential nominee Mitt Romney or Tom Ridge or Condoleezza Rice.

There is no plausible way that McCain could say that he picked Palin, who was only elected governor in 2006 and whose most extended public service was as mayor of Wasilla, Alaska (population 8,471), because she was ready to be president on Day One.

Nor can McCain argue that he was looking for someone he could trust as a close adviser. Most people know the staff at the local Starbucks better than McCain knows Palin. They met for the first time last February at a National Governors Association meeting in Washington. Then, they spoke again — by phone — on Sunday while she was at the Alaska state fair and he was at home in Arizona.

McCain has made a mockery out of his campaign's longtime contention that Barack Obama is too dangerously inexperienced to be commander in chief. Now, the Democratic ticket boasts 40 years of national experience (four years for Obama and 36 years for Joseph Biden of Delaware), while the Republican ticket has 26 (McCain’s four yeasr in the House and 22 in the Senate.)

The McCain campaign has made a calculation that most voters don’t really care about the national experience or credentials of a vice president, and that Palin’s ebullient personality and reputation as a refomer who took on cesspool politics in Alasksa matters more.

5. He’s worried about his conservative base. If he had room to maneuver, there were lots of people McCain could have selected who would have represented a break from Washington politics as usual. Sen. Joseph I. Lieberman comes to mind (and it certainly came to McCain’s throughout the process). He had no such room. GOP stalwarts were furious over trial balloons about the possibility of choosing a supporter of abortion rights, including the possibility that he would reach out to his friend.

Palin is an ardent opponent of abortion who was previously scheduled to keynote the Republican National Coalition for Life's "Life of the Party" event in the Twin Cities this week.

“She’s really a perfect selection,” said Darla St. Martin, the Co-Director of the National Right to Life Committee. It is no secret McCain wanted to shake things up in this race — and he realized he was limited to a shake-up conservatives could stomach.

6. At the end of the day, McCain is still McCain. People may find him a refreshing maverick, or an erratic egotist. In either event, he marches to his own beat.

On the upside, his team did manage to play to the media’s love of drama, fanning speculation about his possible choices and maximizing coverage of the decision.

On the potential downside, the drama was evidently entirely genuine. The fact that McCain only spoke with Palin about the vice presidency for the first time on Sunday, and that he was seriously considering Lieberman until days ago, suggests just how hectic and improvisational his process was.

In the end, this selection gives him a chance to reclaim the mantle of a different kind of politician intent on changing Washington. He once had a legitimate claim to this: after all, he took on his own party over campaign finance reform and immigration. He jeopardized this claim in recent months by embracing ideas he once opposed (Bush tax cuts) and ideas that appeared politically motivated (gas tax holiday).

Spontaneity, with a touch of impulsiveness, is one of the traits that attract some of McCain’s admirers. Whether it’s a good calling card for a potential president will depend on the reaction in coming days to what looks for the moment like the most daring vice presidential selection in generations.

Bron: www.yahoo.com

Labels:

Sarah Palin: "What is it exactly that the vice president does all day?"

Happy birthday, Johnny Mac! You're 72 now, a cancer survivor, and a presidential candidate who has said on many occasions that the most important criteria for picking a vice president is whether he or she could immediately step in if something happened to the president. Your campaign against Barack Obama is based on the simple idea that he is unready to be president. So you've picked a running mate who a year and a half ago was the mayor of Wasilla, Alaska, a town of 8,500 people. You've selected a potential leader of the free world who knows little or nothing about the major issues of the day beyond energy. Oh, and she's being probed in her state for lying and abuse of power.

Alaska Gov. Sarah Palin's debut in Dayton on Friday was good political theater. She delivered a pitch-perfect speech (presumably written by McCain's ghost writer, Mark Salter) with a panache that suggests she could be a natural on the national stage. The well-kept secret of her selection let the GOP step on the story of Obama's boffo acceptance speech in Denver. It's not hard to see why she appealed to McCain: her middle-class roots; her older son headed for Iraq with the U.S. Army; her opposition to the earmarked "bridge to nowhere," which is arguably the only domestic issue that gets McCain excited. If camera-ready Palin helps McCain close the gender gap and win in November, she'll be history's hockey mom.

But there's a reason that rookies rarely score hat tricks. It's not her lack of name recognition; America loves a fresh face, especially one that's a cross between a Fox anchor and a character on "Northern Exposure," the old TV show about an Alaska town about the size of Wasilla. The problem is that politics, like all professions, isn't as easy as it looks. Palin's odds of emerging unscathed this fall are slim. In fact, she's been all but set up for failure.

"What is it exactly that the vice president does all day?" Palin offhandedly asked CNBC anchor Larry Kudlow in July. Kudlow explained that the job has become more important in recent years. Palin knows the energy crisis well, even if her claim on "Charlie Rose" that Alaska's untapped resources can significantly ease it is unsupported by the facts. But what does she know about Iranian nukes, health care or the future of entitlement programs? And that's just a few of the 20 or so national issues on which she will be expected to show basic competence. The McCain camp will have to either let her wing it based on a few briefing memos (highly risky) or prevent her from taking questions from reporters (a confession that she's unprepared). Either way, she's going to belly-flop at a time when McCain can least afford it.

Even on energy, Palin has her work cut out for her. First she has to convince McCain to do a 180 and support drilling in Alaska's Arctic National Wildlife Reserve. Her much-repeated sound bite that ANWR is only the size of the Los Angeles airport and thus not environmentally destructive sounds good, but won't do much to counter the argument Obama made in his acceptance speech, which is that drilling is only a "stopgap" measure for achieving energy independence. Palin will benefit from very low expectations in her debate with Joe Biden, but she's going to have to have a photographic memory for new information to avoid getting creamed.

Governors often run for president, but only after many months of prep work on what they might confront in the White House. The last governor chosen for vice president was Spiro Agnew in 1968, and he was the governor of Maryland, which is right over the line from Washington, D.C., not thousands of miles away. Veep candidates with extensive Washington experience like Geraldine Ferraro and Dan Quayle were nonetheless grilled on policy and proved a drag on the ticket when they looked unpresidential.

I covered Ferraro in 1984 for NEWSWEEK. The day Walter Mondale chose her as the first woman candidate for high office was exciting and historic. But the Queens congresswoman was quickly swamped by tough questions (especially from Ted Koppel) about her readiness for the presidency and by ethical queries about her husband, a real-estate developer. A lengthy news conference she held to answer the mounting questions did not go well.

Reporters are already winging their way to Alaska to probe what Alaskans call "Wootengate," the story of the dismissal of former Public Safety commissioner Walt Monegan, who says he was pressured to dismiss state trooper Mike Wooten. Wooten was engaged in a nasty custody fight with his ex-wife, who is Palin's sister. As soon as Palin was selected, the Web was already buzzing with Monegan's claims that Palin is lying about her role in the personnel matter. And the beautifully named Steve Branchflower, the special counsel appointed by the state legislature to probe the mess, has opened a tip line for Alaskans who might know if the governor and possible vice president of the United States abused her power.

Branchflower's investigation won't be completed until after the election, but the facts so far aren't good for the governor. Palin says she had "nothing to do" with the Wooten matter and that she fired Monegan because she wanted to move the department in another direction, but an audiotape of a phone conversation featuring another state official, Frank Bailey, casts doubt on her account. Because the media loves scandal of any kind, especially one involving the potential use of public power to settle private family scores, this story will prove a distraction to the McCain campaign all fall long.

It's hard to know how many women will flock to the GOP ticket because of Palin. She is a far-right conservative who supported Pat Buchanan over George W. Bush in 2000. She thinks global warming is a hoax and backs the teaching of creationism in public schools. Women are not likely to be impressed by her opposition to abortion even in the case of rape and incest. In 1984, Ronald Reagan carried 56 percent of female voters, despite Ferraro's candidacy on the Democratic side. The balance between work and family, always a ticklish issue, will be brought into bold relief by the fact that the Palins' fifth child, Trig, was born with Down syndrome in April. Todd Palin, a commercial fisherman, may shoulder the bulk of the child-rearing duties in their family. But many voters will nonetheless wonder whether Palin should undertake the rigors of the vice presidency (and perhaps the presidency) while caring for a disabled infant. The subject will no doubt arise on "Oprah" and in other venues.

One way or another, an African-American or a woman will hold high office next year for the first time. That's progress. And it's possible that Palin is so talented that she will prove to be the face of the GOP's future. More likely, this "Hail Sarah" pass won't do much to help John McCain get into the end zone. He'll win or lose for other reasons.

Bron: Newsweek

Labels: