vrijdag, oktober 19, 2007

Verhalenmakers

Ik beken. Ik ben jaloers. Jaloers op de vele verhalenmakers in deze wereld. Auteurs, filmmakers, scenaristen, televisiemakers, … iedereen die verhalen bedenkt en de wereld pleziert met hun creaties. Ik ben jaloers op het talent dat zij hebben en ik niet. Ik zou graag ook een verhalenmaker zijn, maar het ontbreekt mij aan de creatieve geest. Mij overvalt geen ideeën voor een verhaal of ik zie niet meteen een groot verhaal achter elk klein krantenartikeltje. En ik vind dat best wel jammer. Want andere mensen plezier doen beleven met jouw verhalen is iets prachtigs. Mensen weten te bekoren, ontroeren, raken, plezieren, ….

Ik vraag me altijd af hoe verhalenmakers dat doen, verhalen maken. Staan zij ’s morgens op met een idee waarbij ze meteen de grote lijnen van hun verhaal zien of moeten ze daar toch actief naar op zoek gaan? En zien zij eigenlijk wel meteen een verhaal in een klein krantenartikeltje of moeten ze dat ook eerst laten bezinken en dan kneden en kneden en kneden tot een verhaal? Ik vraag me ook af of hun ook soms het gevoel bekruipt dat ze dringend hun gedachten moeten neerschrijven of ze zijn het kwijt. Ik heb dat soms als ik aan het nadenken ben waarover ik vandaag ga schrijven op mijn blog. En dan sta ik ’s morgens in de badkamer en maak ik in mijn hoofd een mooi postje en is alles precies verwoord zoals ik het wil. Maar als ik er mee wacht tot wanneer ik ’s avonds weer thuis ben van het werk is mijn verhaal helemaal kwijt en is het postje niet meer zo perfect als ’s morgens. Zouden verhalenmakers dat ook hebben? Dat ze ’s morgens gauw een samenvatting moeten maken van hun idee, perspectief, verhaallijn, … of dat ze het anders kwijt dreigen te geraken?

Er zijn nog heel wat vragen die ik zou willen stellen aan verhalenmakers. Vooral hoe het werkingsproces verloopt. Als iemand een boek schrijft, gaat het dan vlot als je de grote lijnen ziet of is een boek schrijven toch veel herschrijven van vorige teksten. Ik was ook verbaasd toen Jeroen Brouwers vorige week in Terzake liet zien hoeveel hij schreef op één dag. Dat was niet meer dan enkele zinnetjes. Is het dat dan misschien wat van mij geen verhalenmaker maakt? Ik wil teveel op korte termijn en heb geen geduld om verhalen te laten rijpen. Ik denk dat als ik een boek schrijf, zou ik teveel willen dat een schrijfmoment veel oplevert. Maar misschien moet ik mij leren content stellen met enkele zinnetjes. Of zelfs maar 1 zinnetje. Bovendien zou ik ook veel problemen hebben met de uitwerking van de plot. Als ik sommige verhalen lees of films of series zie op televisie en de manier waarop zij hun plots uitwerken, dan sta ik gewoonweg verbluft. Hoe zij doorheen hun verhaal puzzelstukken laten vallen die op het eerste zicht er weinig toe doen, maar uiteindelijk toch één mooi consistent geheel vormen.

Ik geef toe dat ik graag eens een boek zou schrijven. Ik weet niet wie het precies ooit eens zei, ik dacht Mark Reynebeau, maar die zei dat iedereen in zijn leven ooit eens een boek moet hebben geschreven. Het is een droom waar ik nu toch al een paar jaar mee speel, maar het ontbreekt mij voorlopig nog aan een sterk verhaal. Ik heb al wel eens een paar ideetjes gehad, maar na enig bezinkseltijd bleek ik die ideetjes niet zo goed weten om te kneden tot een groter verhaal. Daarom ook dat ik graag eens zou horen van een echte schrijver hoe hij zijn eerste boek schreef. Hoe is hij tot zijn eerste verhaal gekomen? En hoe lang heeft het geduurd vooraleer het verhaal zijn definitieve vorm bereikte? Allemaal vragen die ik zou stellen aan verhaalmakers in de hoop er ooit zelf een te worden.

Labels:

donderdag, september 06, 2007

Een totale ommekeer

De media staat er vandaag vol van. Lies Martens maakt een bocht van 180 graden in haar carrière. Ze neemt loopbaanonderbreking bij de VRT, waar ze onder andere het gezicht was van Vlaanderen Vakantieland en Ombudsjan, om een eigen bloemenwinkel te kunnen openen. Een totale ommekeer dus voor haar en ik heb daar wel bewondering voor om dat zo te durven. OK, door de loopbaanonderbreking heeft ze toch nog enigszins een opvangnet, maar ze neemt hiermee toch een sprong in het ongewisse.

Zelf ben ik er 25 en denk ik voorlopig nog niet zelf aan zo’n ommekeer. Ik ben nu 4 jaar geleden afgestudeerd als boekhouder en voorlopig amuseer ik me wel in mijn job. De meeste hebben een saai beeld bij de boekhouder, maar voor mij klopt dat beeld toch niet helemaal. OK, onze job is niet zo spannend als dat van brandweerman, oorlogsjournalist of acteur, maar je komt toch in contact met heel wat mensen en je kan de mensen met raad en daad bijstaan bij het verwezenlijken van hun grote droom, nl. hun eigen zaak. Dus saai noem ik mijn job niet. Bovendien heb ik het voordeel om te kunnen groeien in mijn job. Ik heb op mijn huidige werk de mogelijkheid gekregen om een breed takenpakket te mogen uitoefenen waardoor er redelijk wat variatie in mijn werk zit. Daarnaast heb ik ook de kans gekregen om mij te ontplooien in de materie dat ik graag doe. Dus aan zo’n ommekeer ben ik zeker nog niet aan toe. Daarvoor doe ik mijn job op dit ogenblik nog te graag.

Maar ik vraag me toch af en toe eens af of ik dat zo graag ga blijven doen. Nu ben ik nog jong en leer ik elke dag nog heel wat bij waardoor het boeiend blijft. Maar ik heb toch ook ergens het gevoel dat ik het allemaal op een dag wel eens beu zou kunnen geraken. Waarom? De belangrijkste oorzaak is, denk ik, het feit dat alles verandert. Ik verander met de loop der jaren, de situatie en mijn omgeving verandert met de loop der jaren, .... En die verandering kan wel eens de nood doen ontstaan dat ik in mijn leven die verandering ook wil concretiseren. Door bijvoorbeeld iets helemaal anders te gaan doen voor werk, zoals Lies Martens nu doet. Bovendien heb ik een beetje de vrees om vast te roesten in mijn job en daarvoor wil ik mij toch behoeden. Je spendeert 8 uur van een dag aan werken wat toch een ontzettend groot deel van je dag omslaat. Ik wil dat ik mij in die 8 uur kan amuseren. Dat het werk plezant blijft. Dat het geen sleur is geworden. En misschien wordt het boekhouden dus op een dag een sleur en dan zou ik toch graag iets anders willen doen, iets wat mij op dat moment werkplezier kan verschaffen. Wat dat zou kunnen zijn, weet ik op dit ogenblik niet. Ik ben wel goed in informatica, maar om dat ganse dagen te doen? Daar zou ik toch nog eens moeten over na denken.

Bovendien is de vraag of ik het op dat moment ook daadwerkelijk zou aandurven ,ook nog een ander paar mouwen. Want je geeft toch op dat ogenblik ergens het vertrouwde op en neemt een sprong in het onbekende. En dat maakt dat het geen makkelijke stap zou zijn om terug ergens van nul af te beginnen. Daarom ook dat ik het zo moedig vind van mensen die de stap wel durven zetten, zoals Lies Martens. Zelf weet ik niet of ik het wel zou kunnen. Ik denk dat ik op dat ogenblik een serieuze afweging zal maken van een aantal factoren, zoals werkzekerheid, de kans die je hebt om u te ontplooien en wat nog de kansen zijn in je huidige werk, wat de financiële consequenties zijn en wat de privé-situatie op dat ogenblik is. En als ik dan nog een gezonde portie zelfvertrouwen zou hebben, zou ik de sprong misschien wagen.

Labels:

woensdag, september 05, 2007

Over van alles en nog wat

Ik ben een echte natuurleek. Wijs naar een willekeurige boom en ik zal niet kunnen zeggen hoe hij heet. Wijs naar een willekeurige vogel en ik zal het antwoord schuldig moeten blijven als je mij vraagt wat voor soort dat die vogel is. En ergens vind ik dat wel jammer. Het moet toch ontzettend leuk zijn om een vogeltje te horen fluiten en aan zijn gezang te weten welk vogeltje het precies is. Of dat je een boswandeling maakt en weet welke paddestoel je het best vermijdt en welke het best smaakt bij een sappige biefstuk. Maar ja, ik ben die persoon dus niet. Ik weet ook niet hoe het komt. Ik heb er dus wel enige interesse voor, maar toch waren de biologielessen over de fauna en flora, zoals de soorten bladeren van de bomen, een ware hel. Ik kreeg het maar niet gestudeerd en ik kon maar niet het onderscheid maken tussen al die verschillende benamingen. Daarom dus dat ik het heel oppervlakkig houd als ik van de natuur geniet. Mooie boom, mooie vogel, mooie paddenstoel, … geen flauw benul wat het voor iets is of hoe het heet, maar het is mooi. De natuur blijft op die manier voor mij iets simpels.

Mijn haren gingen vorige week rechtop staan toen de geruchte de ronde deed dat Didier Reynders wel eens de nieuwe premier van het land zou worden. Ik heb daar niets op tegen omdat hij een Waal is, maar gewoon de persoonlijkheid Didier Reynders doet mijn tenen krullen. Wat een arrogante, machtsgeile kwal is me dat. Echt waar, ik heb een echte afkeer van de man. Hij heeft de voorbije 8 jaren een ware puinhoop gemaakt van het departement Financiën, maar doet alsof er geen vuiltje aan de lucht is. Ondertussen heeft hij er al wel 7 kabinetschefs opzitten waarvoor hij allemaal een goedbetaalde en hoge functie op belangrijke postjes heeft kunnen versieren. De man is geen politicus die voor het volk leeft, maar iemand die alleen maar aan zichzelf en zijn rijke vrienden denkt. Geen mens die toch gelooft dat hij iets inzit met de doorsnee Belg. Neen, hij wil alleen maar dingen waar hij zelf van beter wordt. En wat een ego heeft hij. Ik keek met grote ontzetting naar de Didier-Reynders-Show, de grote show met veel toeters en bellen waarmee hij zijn informateursronde hield. Ik betwijfel of dat hij eigenlijk wel goed heeft geluisterd naar de mensen die bij hem op bezoek kwamen. Volgens mij was hij meer bezig hoe hij nog meer show kan verkopen bij de volgende gast en hoe hij zich nog belangrijker kan voordoen dan dat hij is. En zo iemand zou dus premier van België worden. Bespaar ons dat. Het grote ego van Yves Leterme met zijn 800.000 stemmen is al erg, maar Didier Reynders zou op zijn zachts uitgedrukt verschrikkelijk zijn.

Helaas leven we in de omgekeerde wereld en vindt iedereen Joëlle Milquet verschrikkelijk en ziet men niet in wie het grootste gevaar vormt.

Het eerste seizoen van Jericho zat er maandagavond op bij VT4. En misschien was dat nog niet zo’n slecht idee. Want de serie begon wel ijzersterk maar verloor gaandeweg wat van zijn pluimen zodat het eindigde als een middelmatige serie. Met een seizoensapotheose die wel spannend was, maar tegelijkertijd ook wel een beetje ondermaats in deze dagen van Amerikaanse drama-hoogconjunctuur. Waarover ging Jericho? Jericho is een dorpje in Amerika die wordt opgeschrikt wanneer men een paddestoelwolk ziet ontwaren in de verte. Een nucleaire kernramp? Een terroristische aanval? Een invasie? Het dorpje tast in het duister en moet trachten in die duisternis te overleven. Omwille van de beklijvende sfeer in de eerste afleveringen kon Jericho een tijdje meelopen met het betere Amerikaanse televisiewerk, maar eenmaal men de beklijvende sfeer trachtte te ontladen in de serie en meer plaats ging maken voor spannende acties, soapachtige zijverhalen en romantische momenten ontsnapte een beetje de lucht uit de serie. Het bleef allemaal wel spannend en boeiend, maar je voelde toch een beetje dat het niveau was gezakt en dat de schrijvers niet goed raad wisten met hun schitterende premisse. Ze hadden uiteindelijk genoeg mysteries en cliffhangers om een seizoen mee te vullen, maar niet genoeg om het niveau van Lost of Heroes mee te evenaren.

Vermits ik de voorbije dagen wegens werkverplichtingen (jaja, ook tijdens de weekends) mijn blogje heb verwaarloosd, kan ik jullie nu trakteren op de nieuwste single van Juanes én voorbode van een album dat er weldra eindelijk aankomt, het nieuwste werk van Hooverphonic, de videoclip van Matchbox Twenty’s How far we come én KanYe West’s Stronger. Veel muziekplezier toegewenst!

Labels: , , , ,

dinsdag, juni 05, 2007

Examenstress

De gemiddelde student zit deze dagen uren achter zijn boeken om te studeren voor de examens. Ik wens hen hiermee alvast ontzettend veel succes toe. De gemiddelde leraar zal helaas zoals gewoonlijk juist genoeg moeilijke vragen stellen zodat zijn voorraad rode stylo’s toch nog opgeraakt dit schooljaar. Hen wens ik veel plezier toe met het verbeteren. Ik denk dat sommige leraars ook weer grappige dingen zullen lezen bij het verbeteren van examens. Sommige fouten van leerlingen kunnen altijd onbedoeld grappig zijn. Al kunnen leerlingen ook vaak een boekje vol schrijven met leuke anekdotes en uitspraken van hun leerkrachten. Maar kom, ik dwaal hier een klein beetje af.

Want de reden waarom ik dit postje schreef, is omdat mij terug nog een nostalgisch gevoel bekruipt naar mijn eigen examentijd. Ik was een voorbeeldige student, al zeg ik het zelf, die altijd goede punten scoorde op examens. Maar als ik nu terugkijk op mijn eigen examentijd, vraag ik me toch af van “what was the fuss all about?” Ik bedoel maar, je had altijd van die zenuwkiekens die de muren opliepen omdat ze een hoofdstuk niet goed kenden en het was alsof hun hele wereld ging instorten. Ook de paniek van een vraag niet te kunnen beantwoorden was bij sommige schrikwekkend. Maar als ik daar nu op terugkijk, bekijk ik de dingen heel anders en kan ik een examen veel meer relativeren. Want uiteindelijk leer je wel veel, maar je vergeet ook vele dingen en sommige dingen kom je voor de rest van je leven niet meer tegen. Maar toch deden we met zijn allen alsof de wereld aan een zijdje draadje hing als we een stukje leerstof niet kenden.

Zelf was ik geen stresskip als anderen. Ik was natuurlijk wel altijd een beetje zenuwachtig voor een examen, maar dan van die gezonde zenuwachtigheid die concentratiebevorderend is. En ja, er zullen ook momenten zijn geweest dat het angstzweet mij uitbrak omdat ik een vraag op vele punten niet direct wist of niet kon beantwoorden. Maar een dramaqueen ben ik toch nooit geweest in die zaken. Maar aan de andere kant had ik ook niet de nonchalance van sommige studenten. Studenten die net genoeg leerden om er door te zijn en die het zich niet aantrokken dat ze een paar vragen niet konden beantwoorden. Als ze maar genoeg punten hadden om er door te zijn. Toen en nu nog ben ik nog altijd een beetje jaloers op die studenten. Jaloers op die luchtige manier waarmee ze met het geheel omgingen.

Aan de andere kant vond ik het wel jammer van sommigen omdat ze meer konden dan dat ze deden. Ik heb dus een tegenstrijdig gevoel. Ik ben jaloers op hun nonchalance, maar aan de andere kant hebben ze niet alles uit de kan gehaald dan dat er gehaald kon worden. Ik vind dat als je bepaalde talenten hebt voor een paar vakken, dat je die dan zo optimaal moet benutten. Niet perfectionistisch, zoals ik soms teveel was. Maar je moet trachten via je examens je talenten tentoon te spreiden in de vakken die je echt liggen en die je goed kan en je mag iets meer onzorgvuldiger zijn in de andere vakken. Moest ik mijn examentijd overdoen, zou ik mij meer aan dat principe houden, denk ik.

Maar gelukkig ligt die examentijd nu achter mij. In het begin toen ik begon te werken had ik nog een beetje heimwee naar de schooltijd. Maar met de jaren slijt dat gevoel en nu heb ik het ganse schoolleven los kunnen laten. Een beetje jammer van de voordelen van school: de vele vakanties, de leuke tijd met klasgenoten, het thuis zijn met de examens, … , maar aan de andere kant doet het loonbriefje op het einde van de maand ook deugd hoor. Zeker nu met jobkortingen en tussenkomsten van overheden.

Labels:

zaterdag, mei 26, 2007

Ikea

Vandaag nog eens naar de Ikea geweest. En wat mij altijd opvalt in Ikea is hoeveel zwangere vrouwen daar rondlopen. Je mag u niet keren of draaien of een of andere ronde buik komt uw richting uit. Bij Ikea is de vrouw altijd jong en bol. Echt waar. Ik vraag me af waarom al die zwangere vrouwen naar de Ikea moeten gaan. Is dat misschien een nieuwe fase in de zwangerschap? En het is duidelijk dat het niet in het begin van de zwangerschap is, maar reeds in een ver gevorderd stadium van de zwangerschap. En je zou nog kunnen denken: logisch, ze moeten een kinderkamer hebben, dus geen wonder dat er veel zwangere koppels in de Ikea lopen. Maar je vindt ze niet alleen bij de kinderkamers, je vindt ze werkelijk overal. Loop je door de afdeling badkamers, dan zie je in alle spiegels een dikke buik. Loop je door de afdeling keukens, dan mag je geen keukenkast opendoen, want op het ogenblik dat je ze weer toedoet, wordt de weg versperd door een bolle buik. Loop je door de slaapkamers, dan ligt er geheid wel een zwangere vrouw in een bed met benen open alsof ze ter plaatse gaat bevallen. Ikea en zwangere vrouwen. De twee zullen altijd onlosmakelijk met elkaar verbonden blijven.

Labels:

maandag, april 23, 2007

Be my saviour

Nooit gedacht wat een paar woorden op een blad papier kan aanrichten. Ik had zelfs nooit gedacht hoe confronterend een reflectie op man’s zielenrust kon zijn. Maar dit weekend had ik een beetje een depri-moment en allerlei gedachten kwamen naar boven gedreven. En hoe meer de gedachten door mijn hoofd dwaalden, hoe meer de drang kwam om het van mij af te schrijven. Alleen heb ik er duidelijk een prijs voor betaald, want ik was er effe mentaal niet goed van en heb een verschrikkelijke nacht achter de rust. Eigen woorden die mij ziek maakten. Woorden die de demonen van het papier levensecht maakten in mijn dromen. Het was een ervaring die ik niet zo gauw meer wil meemaken. Wie de deur van zijn donkere kant van zijn leven open zet, kan best gewapend zijn.

Life is a gift, that’s what they say
Then why don’t I feel that way
I search for love, happiness and fun
But before I can reach it, it looks that it’s already gone
People see the outside and think I’m alright
But they don’t have a clue of the scary moments at night

Worries, being insecure, fear of the living
All the dark elements that the night is giving
I want them to go away but I don’t know how
So is there anyone out there who can save me now
These devils are torching me in a cruel way
Ruining my thoughts and dreams all day
And I want them to go away but I don’t know how
So is there anyone out there who can save me now

The monsters have made me feel alone
They have turn everyone around me out so I have to do it on my own
Sometimes I wonder if anyone would miss me when I’m dead
All the dark elements of life are in my head
And I want them so badly to disappear
So that I can live a life without fear

No more disappointments, feeling confident and fun of the living
All the bright elements that the day may giving
I want them so much, but I don’t know how
So is there anyone out there who can save me now
All the devils, monsters and bully’s are gone away
So that positive thoughts and happiness would dominate my day
And I want it so much, but I don’t know how
So is there anyone out there who cam save me now

And I can watch The Simpsons to make me smile
And I can listen to Mika to make me feel good
And I can watch dirty movies to make me cum
And I can read plenty of novels to make me in a romantic mood
But these placebo emotions aren’t keeping away the devils in my head
No, they make me desire more for the real stuff instead

Having a look in the mirror makes me afraid and mad
Please be my saviour
Why does my life has to turn out being so bad
Please be my saviour

Worries, being insecure, fear of the living
All the dark elements that the night is giving
I want them to go away but I don’t know how
So is there anyone out there who can save me now
No more disappointments, feeling confident and fun of the living
All the bright elements that the day may giving
I want them so much, but I don’t know how
So is there anyone out there who can save me now

Labels:

woensdag, maart 07, 2007

Adoptie is emotie

Kinderen zijn een plezier om naar te kijken. Iedereen vertelt ook altijd hoe geweldig het wel is om zelf kinderen te hebben. Maar wat als je geen kinderen kunt krijgen? Dan kan adoptie een uitweg bieden om de kinderwens te laten vervullen. De nieuwste reeks van Het leven zoals is volgt enkele van deze ouders die zich met adoptie inlaten. Men volgt zowel ouders die net een kind aan het adopteren zijn als ouders die reeds een kind hebben geadopteerd, maar wiens kind hun roots wil leren kennen. En het komt duidelijk naar boven wat één van de adoptieouders zei: adoptie is emotie.

Zelf stond ik altijd al positief tegenover adoptie. Want maakt het zoveel mensen gelukkig: de ouders zien hun kinderwens in vervulling gaan en vaak is het adoptiekind hier beter af dan ginder en heeft hij meer kansen op een mooie toekomst. Ik heb ook voor mijn eigen lang geleden al bepaald dat ik adoptie altijd als optie zou openlaten mocht ik of mijn partner geen kinderen kunnen krijgen. Ik zou het dan zeker overwegen en waarschijnlijk ook doen. Maar de nieuwste reeks van Het leven zoals het is doet mij nu daaraan twijfelen. Want adoptie is emotie.

Ik stond daar vroeger veel te weinig bij stil. Ik dacht alleen dat het maar een positief verhaal zou zijn voor iedereen. Maar dat is het eigenlijk niet. Je neemt die kinderen toch weg uit hun vertrouwde omgeving. Zelfs voor baby’s van enkele weken oud moet adoptie toch wel een ingrijpende gebeurtenis zijn die zij reeds kunnen ervaren. Bovendien is het wel mooi om te zien hoe adoptieouders meteen gehecht zijn aan hun kind en hun meteen onvoorwaardelijke liefde tonen. Maar het moet ook van twee kanten komen en het adoptiekind moet ook wennen aan zijn nieuwe ouders en zich aan hen hechten. En ik werd via de reeks geconfronteerd dat dit niet altijd over rozen gaat. Je moet als adoptieouder echt sterk in uw schoenen staan om dit aan te kunnen. En wat als uw adoptiekind u niet zomaar aanvaard? Zit er trouwens ook geen wrang smaakje aan het feit dat je zomaar een kind wegneemt en bepaalt dat hij u vanaf nu mama en papa moet noemen?

Aan de andere kant is er ook de emotie wanneer een kind ontdekt dat hij in feite geadopteerd is (naar mijn mening moet je dit niet verzwijgen, maar moet je telkens eerlijk zijn tegenover je adoptiekind, ook al is hij nog maar 4 of 5 jaar oud) en zijn roots wil terugvinden. In Het leven zoals het is volgen we bijvoorbeeld hoe een Vietnamees meisje haar natuurlijke ouders terugvindt. En dan realiseer je u ineens hoe hard en moeilijk het moet zijn voor de echte ouders. Je moet ten eerste al je kind afstaan omdat je voor haar niet kan zorgen, maar dan komt het jou een paar jaar later opzoeken. Je ziet dan natuurlijk hoe goed jouw kind er wel aan toe is, maar op einde van de dag gaat het terug met de adoptieouders mee en verlies je het voor een tweede keer. Bovendien moet dit als adoptiekind overweldigend zijn. Weten dat dit je echte ouders zijn en te moeten beseffen dat je ze niet kent. En dan zal je u natuurlijk ook afvragen of zij van jou houden en jij wel van hen? Het zal waarschijnlijk een tsunami van vragen en emoties uitlokken bij alle partijen. Ook bij de adoptieouders die toch wel in een vreemde situatie terechtkomen. Je wordt er toch nog maar eens met de neus op de feiten gedrukt dat het jouw kind niet is.

Al die zaken hebben mijn naïeve kijk op adoptie grondig gewijzigd. Adoptie is nog altijd iets moois, maar ik vraag me af of het wel altijd de juiste manier is om kinderen gelukkig te maken. Ik vraag me af of het niet beter is om kinderen niet in hun vertrouwde omgeving te laten en ervoor te zorgen dat zij daar een betere toekomst krijgen dan nu het geval is. Ze krijgen hier natuurlijk een mooie toekomst en er zal hun hier geen liefde tekort komen, maar de scheiding in het begin en de zoektocht naar de roots later moeten toch sporen nalaten. Wat zelfs als je uw roots niet vindt? Dat je eigenlijk niet weet vanwaar je vandaan komt en wat je echte achtergrond is? Ik stel er mij nu allemaal een beetje vragen bij. En de grootste vraag die ik mij stel is of adoptie eigenlijk niet egoïstisch is. Ik weet het allemaal niet meer. Maar één ding heb ik nu wel geleerd: adoptie is emotie.

Labels:

maandag, maart 05, 2007

Nieuw volk op de werkvloer

Vrijdag was ik een dagje thuis en was er nog geen wolkje aan de lucht. Deze ochtend ga ik naar kantoor en wat blijkt? Er zou nieuw volk beginnen vandaag. Blijkbaar heeft men geen nachtje slapen nodig bij mijn bazen, maar heeft men op 1 dag een beslissing genomen. OK, ik wist wel dat men nieuw volk zocht, maar dat het zo snel zou gaan, dat was toch even slikken.

Nu het was nog meer slikken toen de nieuweling het kantoor binnenwandelde. Hij kwam met een ongelofelijke zwier en flair binnengewandeld en met een arrogantie alsof hij meteen ons kantoor runde. Op zich vond ik het nog wel een grappig zicht, maar er waren toch wel enkelen beledigend omdat hij hun niet echt begroette en een beetje een air vertoonde. Op nog geen vijf minuten tijd had hij meteen al een naam en dacht iedereen van “what the fuck is dat?” In die drie jaar dat ik op het boekhoudkantoor werk, heb ik al veel nieuw volk zien bijkomen, maar nog nooit eerder zag ik zo’n vijandigheid tegenover een nieuweling. En dat terwijl ik dacht van “goh, die jongen heeft misschien een verkeerde indruk gegeven, maar geef die jongen toch wat tijd om zich aan te passen. Ga niet af op die eerste indruk die misschien niet echt gepast was, maar zie op het einde van de week wat die jongen te bieden heeft.”

Nu moet ik voor de eerlijkheid ook al zeggen dat er een paar bevooroordeeld waren. Want twee van mijn collega’s hebben nog met die jongen in de klas gezeten en één ervan, Bart, liet zich niet positief uit over hem. De jongen kwam niet echt veel naar de les en had altijd tweede zit aan zijn been. Maar hij was er toch telkens door en ik heb de indruk dat dit voor wat wrevel heeft gezorgd. Bovendien ziet de nieuweling mij er een vlot type uit dat gemakkelijk toch populair kan zijn en voor de nodige ambiance kan zorgen. En die dus voor een deel de aandacht naar zich toe trekt, iets wat mijn andere collega Bart toch ook graag heeft. En misschien dat ze daardoor niet zo goed overeenkwamen. Want beiden willen de aandacht naar zich toe trekken en als de ene ze dan niet krijgt en de andere wel…. Maar kortom, mijn collega Bart liet zich niet echt positief uit over de nieuweling en zijn mening beïnvloedde toch ook wel een beetje de sfeer.

Ik ben nu eens benieuwd hoe de sfeer zich gaat evolueren. Vandaag was de chagrijnigste van mijn collega’s nog niet aanwezig en ik denk dat dit morgen of één van de komende dagen nog eens voor vuurwerk kan zorgen als zij terug is en hij iets doet wat haar niet aanstaat. Iets waar ikzelf en velen mijn collega’s ook al kunnen over meespreken. Sommige mensen zijn niet altijd de aangenaamste mensen om mee samen te werken. Maar ik ben ook benieuwd hoe de anderen zich nu tegenover de nieuweling gaan positioneren. Ik heb de indruk dat ze nu hem scherper in het oog gaan houden en dat ze bij de minste misstap al eens hun ongenoegen gaan uiten. Een houding die ik mij niet wil aanmeten. De jongen verdient voor mij een eerlijke kans. Het is inderdaad niet leuk wanneer iemand niet echt past in de groep en moeilijk is om mee samen te werken. Maar je moet hem wel de tijd geven om hem inzicht te doen krijgen in het kantoor en in de verschillende karakters. En ik vind dat je hem ook ruimte moet geven om toch zichzelf te zijn. OK, als hij een arrogante etter is, dan zal dit vroeg of laat tot spanningen en moeilijkheden leiden. Maar het is niet omdat iemand meer zelfvertrouwen heeft en een beetje last dreigt te hebben van een air dat hij zich daarvoor niet zou kunnen integreren in de groep en er geen volwaardig deel van zou kunnen uitmaken.

Maar ik ben dus echt wel benieuwd hoe het nu verder zal gaan. Niets is zo interessant en plezant als mensen te observeren en te zien hoe ze op allerlei dingen reageren zonder dat we hiervoor Big Brother toestanden moeten krijgen waar situaties en reacties worden uitgelokt. Hier gaat het toch nog om een natuurlijk biotoop en het is dan leuk om mensen in hun vooroordelen bevestigd te zien. Eén jammer ding is misschien dat je zo weinig jezelf in de spiegel kunt zien en zo moeilijk uzelf kunt observeren. Maar dat is voer voor mijn andere collega’s die een vette kluif aan mij kunnen hebben op dat gebied.

Labels:

zaterdag, januari 13, 2007

Hersenkronkels

In Focus Knack staat er elke week achteraan de pagina’s een rubriekje waarin men een inzicht wilt geven in het entertainmentswereldje van bekende Vlamingen en waar men vraagt welke muziek hij graag beluistert, wat hij nu aan het lezen is, …. En vaak keert ook de vraag terug wat het gat in de cultuur van de persoon in kwestie is. Bij mij is dat gat in mijn cultuur redelijk groot. Neem nu schilderkunst. Ik weet daar eigenlijk niet veel over. Maar ik begrijp ook vaak niet wat de boodschap is die er achter zit. Vooral niet van de hedendaagse kunst. Hoe mensen aan een paar abstracte lijnen of vlekken genoeg hebben om te weten wat een artiest wilt uitdrukken. Soms als ik Jan Hoet bezig hoor over kunst, heb ik de gedachte van wat zit die mens uit zijn nek te lullen. Ook heb ik het moeilijk om een schilderij echt prachtig te vinden. Let op, ik zal een schilderij wel mooi of lelijk vinden, maar zo overdreven dat iets echt magnifiek is, dat overkomt me maar zelden. Schilderkunst is dus zeker een gat in mijn cultuur. Een ander gat in mijn cultuur is ook poëzie. Ook daar heb ik vaak moeite om te begrijpen wat de dichter nu eigenlijk wilt bedoelen. En dan ben ik altijd jaloers op de mensen die een gedicht zomaar kunnen analyseren en urenlang kunnen praten over dat ene regeltje en wat de boodschap daarvan is. Ik denk dat ik moeite heb om uit het vage het duidelijke te zien of de connectie te leggen. Over hoe het bruine water staat voor de moeilijke periode in een relatie en de vissen dan de partners zijn enzovoort. Ik mis dat inzicht en daarom kan ik ook minder genieten van gedichten. Terug een gat in mijn cultuur. En zo zijn er waarschijnlijk nog enkele gaten in mijn cultuur.

De interne verhoudingen op het werk zijn aan het wijzigen en ik heb het er toch wel moeilijk mee. Mijn collega heeft onverwacht aangekondigd dat hij dit jaar al zijn titel van accountant wilt behalen, of toch al zijn stage te beginnen, en dat hij bijgevolg op zelfstandige basis gaat werken. Leuk natuurlijk dat hij zijn dromen gaat najagen, maar door het zo allemaal onverwacht te doen, groeit de onrust bij mij en ontstaat er een gespannen sfeertje. Want die beslissing komt in feite neer op een regelrechte aanval op mijn werk, jobinhoud en positie. Niet dat ik momenteel de ambitie heb om mijn titel te behalen, maar mijn stoel en werk is wel interessant in het kader van de titel van accountant. Hierdoor zit ik natuurlijk heel verveeld met de situatie. Want aan de ene kant zie ik in dat het de jongen zijn droom en ambitie is en wil ik hem niets in de weg leggen. Maar aan de andere kant betekent de stap opzij die ik zou moeten doen wel een stap naar beneden. En dat zie ik eigenlijk niet zitten, zeker niet op dit moment. Ik doe mijn werk heel graag en het is op het moment het meest ideale werk dat ik kan doen en mijn ambitie. En ja, ik geef ook toe dat ik het moeilijk zou hebben als hij boven mij komt te staan qua hiërarchie. Omdat hij zo graag belangrijk wilt zijn en dat altijd wilt laten tonen, waardoor hij u vaak een minderwaardig gevoel geeft. De onrust groeit dus bij mij en ik merkte deze week dat ik mij wat defensiever heb opgesteld. En nu weet ik niet of dit een goede beslissing was omdat het de spanning doet toenemen en er conflict dreigt te ontstaan. Ik zal dus toch moeten leren een stapje opzij te zetten zonder teveel aan mijn dromen en eigen ambitie te knagen.

De wetgeving op de belspelletjes is strenger geworden en van mij mag ze in feite nog strenger, nl. afschaffen die handel. Want gans het opzet is toch alleen maar gestoeld op boerenbedrog en op geldklopperij. Helaas blijven er mensen nog altijd zo dom om er aan mee te doen omdat het altijd zo gemakkelijk verdiend lijkt en men op slinkse wijze de mensen toch maar lokken om te bellen. Dus hopelijk mag de televisie tegen einde 2007 belspelletjesvrij zijn, ook al missen we dan zulke hilarische fragmenten:




Labels: ,

woensdag, januari 03, 2007

Eerste werkdag van het nieuwe jaar

Vandaag was het mijn eerste werkdag van 2007. Een raar gevoel. Een beetje een 1 september-gevoel toen ik nog naar school ging. Echt waar, gisterenavond had ik zo echt een terug-naar-schoolgevoel, al is het natuurlijk een terug-naar-werkgevoel. Ik ben bijna twee weken in verlof geweest en elke keer dat ik wat langer verlof neem, heb ik op mijn laatste avond dat gevoel. In feite geen zin, denken aan wat je nog allemaal had kunnen doen ’s avonds of de dag nadien moest je niet gaan werken, de vrees dat je niet uit uw bed gaat geraken, zelfs een tikkeltje nerveus voor de eerste werkdag. Waarom? Dat weet geen mens en ik al zeker niet, maar toch waren er een beetje kriebels in de buik.

Maar deze ochtend was het gevoel grotendeels weer over. De wekker ging om 6u50 en ik was goed op tijd wakker. Misschien nog een beetje slaapdronken, maar eenmaal een beet in de boterham met die overheerlijke Nutella-choco (de beste van de hele wereld en Nutella mag mij altijd bedanken voor de reclame die ik nu aan het maken ben door mij elke maand een pot gratis te bezorgen) en mij gewassen te hebben, raakte ik al terug een beetje in het normale werkbioritme. Raar, hoe een mens het eigenlijk allemaal weer snel gewoon wordt. Ik had gedacht dat het erger ging zijn. Normaal heb ik toch een paar dagen nodig om te wennen, zelfs de eerste twee dagen van een vakantie moet ik mij altijd even aanpassen aan het nieuwe trage ritme, maar vandaag ging het precies een beetje vlotter te gaan. Natuurlijk een schijnbeweging van mijn bewustzijn, want éénmaal op kantoor toegekomen, liep ik de hele voormiddag een beetje verloren.

Natuurlijk was het eerst iedereen nen gelukkige gaan wensen. De meesten waren gisteren al gaan werken, de strevers, waardoor de heisa en de clichés rap voorbij waren. En dan natuurlijk eerst een beetje bijpraten. Over hoe de ene zijn feestdagen goed waren verlopen, terwijl de mijne slecht verliepen. Maar dan kwam het moment eraan om terug te beginnen werken. En dan begint de miserie natuurlijk, want er ligt een heleboel op uw bureau waarvan je u altijd afvraagt “wat ligt dat hier in godsnaam op mijn bureau te doen?” En bij mij zijn dat meestal zo van die vervelende taakjes waardoor je echt geen werkzin krijgt. Een brief schrijven naar de belastingen, die vervelende klant terugbellen, dingen klasseren, …. Die echte rotkarweitjes die u echt doen dromen van “moest ik thuis zijn, dan was ik dat plezant ding nu aan het doen of zat ik nu daar”. Ook op 1 september had ik dat op school. Je wordt dan in klassen ingedeeld en je ziet oude en nieuwe vrienden terug waar je even mee bijpraat. Maar dan begint het vervelende werk van reglement uitdelen, regels uitleggen, zevenhonderd fiches invullen waar je altijd hetzelfde moest invullen, overlopen van lesroosters, …. En dat is goed voor vijf minuten, maar dan verlang je natuurlijk terug naar de vakantie.

Maar in de middag was het dan al weer beter en deze middag was het weer een middagje leute op kantoor (tja, de bazen waren er allemaal niet). Het begon al tijdens de middagpauze. Een vrouwelijke collega zat steeds met haar schoen tegen mijn been te schoppen. Op een bepaald moment heeft ze het door en zegt ze het ook: “ik zit zeker tegen uw been te schoppen.” En ik zeg dan: “Ah, ik dacht je over mijn been aan het wrijven was om mij zo te verleiden. Ik dacht dat ik uw goede voornemen van 2007 was.” Schiet ze daar in een lach, maar ze heeft zo’n aanstekelijke lach dat iedereen begint mee te lachen. En dan vertelde er een ander dat haar man haar nog eens had mogen uitkleden de afgelopen dagen. Ze had een nieuw wijntje gedronken en na één glas was ze reeds in de wind en bij een tweede was ze reeds stiepelzat. Ze was zo dronken dat ze haar kleren niet meer uitkreeg en in een dronken roes over de wasbak hing. Haar man heeft haar dan moeten uitkleden om haar in bed te krijgen. Nu moet je weten dat ze ondertussen al 55 is en een superbraaf mens en als je het u dan voorstelt over hoe het gebeurd is, zie je zoiets komisch voor u dat je er gewoon heel hard moet mee lachen.

En zo ging het een middagje door waardoor ik een paar keer in een lachbui ben geschoten of anderen een lachbui had bezorgd met mijn opmerkingen. Soms denk ik dat ik echt grappig ben, maar dat zou teveel eer zijn denk ik. Maar ja, je zit 8,5 uur van de dag met elkaar op kantoor. En ik geef toe dat de meeste zich meestal ernstig gedragen waardoor er een serieuze sfeer hangt. Maar ik en mijn beste collega proberen dat altijd een beetje te doorbreken door met ons tweetje plezier te maken waardoor het overslaat op anderen. Niet dat dat altijd even geapprecieerd wordt door anderen. Maar ik ben gestopt om mij dat eigenlijk aan te trekken en mij dan altijd een beetje in te houden. Ik doe mijn werk en vind van mezelf dat ik mijn werk goed doet en wanneer dat op een plezierige manier kan in plaats dan van op een saaie manier, dan vind ik dat ik het op die plezierige manier moet doen. Daardoor doorbreek ik een beetje de sleur die in het werk van een boekhouder zit. Je ziet dan ook het verschil. De collega’s die meer op de saaie, ernstige manier werken zijn ondertussen meer zuurpruimen geworden, terwijl ik soms eerder het kleine kind ben. Maar ik vind dat niet erg om een klein kind te zijn, want kind zijn is plezant.

Nu ja, ik was toch blij dat de eerste werkdag voorbij was. Dat hebben we nu ook weer al gehad. En morgen is het al de laatste werkdag van de week voor mij, want vrijdag en komende maandag heb ik alweer een dagje verlof. Misschien dat ik hierdoor volgende week terug aanpassingsmoeilijkheden ga ondervinden, maar laten we de stress en de drukte nog maar even uitstellen.

Labels:

dinsdag, januari 02, 2007

Het is weer gedaan!

Ze zijn weer gedaan, de feestdagen. OK, de komende dagen moet je het nieuwe jaar misschien nog vieren met vrienden, tantes, collega’s, … omdat je elkaar nog niet bent tegengekomen, maar de grote drukte is toch weer voorbij. En ik ben daar eigenlijk niet rouwig om. Want hoe meer ik over het concept nadenk, hoe belachelijker ik het vind en hoe meer ik die drukte overbodig vind.

Nemen we nu Kerstmis. Wat vieren we met Kerstmis? De geboorte van Jezus. Maar hoeveel mensen hebben er met kerstavond echt gedacht aan het kindeke Jezus dat in een stal is moeten ter wereld komen? Hoeveel mensen beseften eigenlijk wat we op die dag aan het vieren waren? Ik vond het typerend toen men op radio Donna aan een luisteraar vroeg waarom hij kerstavond ging vieren. “Tja, waarom. Omdat iedereen dat doet zeker”, was het antwoord. Nog eens een voorbeeld van de kuddebeesten dat wij als mens zijn. Maar oké, laten we de betekenis achterwege laten en gewoon kijken naar het feest. Valt het dan nooit op hoe iedereen in feite zijn best altijd moet doen om het gezellig te maken om aan de verwachtingen te voldoen? Er moet een kerstboom binnen staan en tegenwoordig moeten de lichtjes buiten hangen in plaats van binnen. Er moet uitgebreid getafeld worden en er moet vooral veel gezelligheid worden uitgestraald. Maar ik vind dat dit ons zo wordt opgedrongen. Ik vermoed dat iedereen wel gezellige feesten zal hebben gehad en het zal zeker leuk zijn geweest, maar ik vind het toch allemaal gekunsteld en weinig spontaan.

Net zoals nieuwjaar. Daar snap al zeker het concept niet meer achter. Waarom leven we met zijn allen zo toe naar 12 uur om dan klokslag middernacht in elkaars armen te vallen en vuurwerk af te steken? En ondertussen wensen we elkaar een gelukkig nieuwjaar toe, een goede gezondheid, de beste wensen voor het nieuwjaar, …. Kortom, alle clichés die er voor handen zijn, spreken we maar terug uit. En ook hierdoor verliezen ze een deel geloofwaardigheid. Ze zullen zeker gemeend zijn, maar ik zou het nog meer gemeend vinden wanneer iemand mij op 17 mei een goede gezondheid zou wensen. Bovendien vind ik het ook zo raar. Er zijn familieleden die ik bij wijze van spreke alleen maar met nieuwjaar zie en die de rest van het jaar eigenlijk niet in mij geïnteresseerd zijn en omgekeerd, maar toch vallen we met nieuwjaar in elkaar armen? Of de mensen die we niet kunnen uitstaan of die ons niet kunnen uitstaan, zijn ineens supervriendelijk en wensen ons het allerbeste toe om ons de dag nadien toch weer de duivel aan te doen? Er zit een schijnheilig kantje aan, vind ik. Bovendien snap ik dus ook niet echt wat er nu echt zo bijzonder is aan nieuwjaar? OK, we zijn een nieuw jaar begonnen, maar voelen we ons dan ineens zoveel beter, optimistischer, gelukkiger dan op 31 december? Zijn we echt zo veranderd? En ook hier zit er zo een gemaakte drukte achter dat ons toch allemaal wordt opgedrongen omdat iedereen het van elkaar verwacht.

Goh, misschien moet ik er gewoon geen betekenis meer achter zoeken en gewoon meedoen met de rest. Alleen wou ik dat iedereen eens wat minder verwachtingen heeft rond die feesten en er wat minder drukte rond maakte. Dat die feestdagen terug een meer spontaner iets worden waardoor je ze intenser kan beleven. Dat niet iedereen gedwongen wordt om het allemaal gezellig te houden en overdreven plezant. Laten we er dus met allen wat minder tralala rond maken, maar het gewoon écht plezant en gezellig.

Labels: